An Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image SlideshowAn Image Slideshow 
spinner

dsc00015
dsc00016
dsc00017
dsc00019
dsc00021
milaad
noeroelislam_3a
noeroelislam_7a
noeroelislam_8a
noeroelislam_9a

Onze missie

 

Visie en Missie

De Haagse Moslimvereniging Noeroel Islam is opgericht om een ieder die zich betrokken voelt tot de Islam te begeleiden. Er worden gezamenlijk activiteiten georganiseerd en de zalen in de moskee worden ook gebruikt voor familieactiviteiten. Op speciale feestdagen komt men ook zoveel mogelijk bij elkaar.

Als belangrijk streven heeft de Haagse Moslimvereniging Noeroel Islam om alle leden bewust te maken van hun identiteit binnen de huidige samenleving. Dit wordt zoveel mogelijk benadrukt in de toespraken die in de moskee gehouden worden. De toespraak tijdens het vrijdagmiddag gebed is in het Nederlands.

Jongeren worden met heel veel zorg begeleid; dit komt ten bate van zowel het geloofs-, sociaal-maatschappelijk aspect als hun ontwikkeling in het onderwijs. Het streven is de jongeren zo te begeleiden in het gebed dat het een positieve invloed krijgt in hun opleiding. Voorts worden jongeren begeleid om ervaring/kennis op te doen in het voorgaan in het gebed.

Als vereniging zijn wij afhankelijk van de vrijwillige medewerking van onze leden en sympathisanten. Wij motiveren de ouderen en de jongeren om zich vrijwillig in te zetten voor de vereniging. Om uit te groeien tot een sterke en onafhankelijke vereniging is het van essentieel belang gezamenlijk de krachten te bundelen.

Het is in de statuten verankerd dat bestuursleden geen vergoeding mogen ontvangen. Alle geledingen van de vereniging bestaan uit vrijwilligers. Onkostenvergoedingen aan vrijwilligers zullen per geval worden beoordeeld. Verzoeken om hulp uit sociaal maatschappelijke overwegingen zullen na zorgvuldige overweging in behandeling worden genomen. Of het verzoek gehonoreerd wordt is afhankelijk van de financiële situatie van de vereniging.

Ahle Sunnat Wal Djamaat - Hanafie

In de jaren 70 trokken veel Hindoestaanse moslims uit Suriname naar Nederland. Hierdoor ontstond er een gemis aan gebedsruimten in Den Haag. De wens voor een eigen gebedsruimte leidde ertoe dat er in 1975 de Haagse Moslimvereniging Noeroel Islam opgericht werd. Het diende niet allen als moskee, maar ook al dialoogcentrum en volgt de Soennitische leer van imam Abu Haniefa (r.a). Vandaar de toevoeging achter de naam Noeroel Islam "Ahle Soennat Wal Djamaat Hanafi".

De geschiedenis van de Haagse Vereniging Noeroel Islam

De geschiedenis van Noeroel Islam is beschreven op basis van mondelinge informatie verstrekt door diverse leden van de vereniging. Het is de bedoeling om de geschiedenis iets uitgebreider te beschrijven met feitelijke informatie. Hebt u feitelijke informatie dat ons hierbij kan helpen, dan kunt u contact opnemen met het bestuur van Noeroel Islam.

Het begin

Doordat er steeds op een andere locatie vergaderd werd en het extra kosten met zich mee bracht, werd besloten om het gebouw aan de Snijderstraat aan te kopen. Wat ook een belangrijk reden hiervoor was, de djamaat groeide, er kwamen steeds meer leden bij en de djalsa's werden steeds drukker waar door er meer behoefte ontstond voor een eigen stek in Den Haag. Zo werd in 1975 in overleg met de heer Kluk, eigenaar van gebouw van de Witte Kruis aan de Snijdersstraat in Den Haag, afgesproken om het gebouw op afbetaling te kopen. De eerste betaling van Hfl. 1.500,00 werd toen meteen voldaan.

1975: 1e bestuur van Noeroel Islam gekozen middels opgerichte statuten.

Het bestuur heeft de djamaat geleid mede met de hulp van zijn leden.

Noeroel Islam aan de Van der Vennestraat

In 1985 werd het gebouw aan de Snijderstraat opgekocht door de gemeente, omdat er volgens een bestemmingsplan op de vrijgekomen plek een park gerealiseerd moest worden.
Als nieuw onderkomen kreeg de vereniging een noodgebouw toegewezen op de hoek van de Van der Vennestraat en de Snijderstraat.

Schoolgebouw aan de Scheepersstraat 188

In 1996 werd het schoolgebouw aan de Scheeperstraat 188 aangekocht om als moskee gebruikt te worden. In 1998 ontstond er brand in het moskeegebouw en was het niet veilig voor gebruik. Na de brand werd als tijdelijk onderkomen een garage gebruikt. Daarna heeft de gemeente aan de vereniging Noeroel Islam een tijdelijk noodgebouw toegewezen aan de Nattalstraat, waarvoor een hoog huurbedrag werd gevraagd. Na beëindiging van het gebruik van het tijdelijk noodgebouw, kwam er een andere tijdelijke onderkomen aangeboden door een prominent lid. In 1996 werd besloten een nieuw Moskee te laten bouwen aan de Scheepersstraat 188. De Stichting Bouw Noeroel Islam werd opgericht en de bouw ving aan met een bedrag van Hfl. 700.000,-- in kas. Na oplevering, werd de moskee in 2002 feestelijk geopend.


AHLE SUNNAT wal Jamaat

De islam begon in zijn zuiverste vorm met de Heilige Profeet en werd na zijn aardse leven in stand gehouden door zijn Sahabah (metgezellen) radi Allaho anhoem (moge Allah hen behagen).

De Heilige Profeet noemde zijn volgelingen Soennies. Dit begrip wordt ook wel in het Arabisch Ahle Sunnat wal Jamaat genoemd. Na de Sahabah hebben de Awliya Allah (vrome ˜Vrienden van Allah) tot op de dag van vandaag de aanvallen op de zuivere islam verdedigd en in stand gehouden.

Allah Subhana wa Ta'ala openbaart ten aanzien van het respect van de Heilige Profeet in de Heilige Quraan, surah (hoofdstuk 94) al-Inshira, vers 4:

Wij hebben uw status verhoogd tot (de hoogste) respectabele positie.

Dit vers getuigd al, dat de Heilige Profeet de Laatste Profeet is en een Profeet heeft het hoogste ambt. Kortom, een ieder die zich na de Laatst Profeet daarom als Profeet aankondigt, een ieder die zich profeet noemt na de profeet, geeft een verkeerde uitleg aan wat er geschreven staat in de islamitische geschriften

Kenmerken van de Ahle Sunnat

1. De Ahle Sunnat wal Jamaat is de grootste groep moslims in de wereld, de enige groep die gelooft in en zich bekend maakt als volgeling van de Heilige Profeet en voor 100% conform de Heilige Quraan en Sunnah (overleveringen en handelingen) van Rasoelallah (vrede zij met hem) leeft.

2. Het geloof van deze Ahle Sunnat groep is hetzelfde als het geloof van de Sahabah en de Salf-e-Salihien (onze grote heilige voorgangers/ Awlia's). De laatst genoemde dient niet te worden verward met de Salafisme sekte van tegenwoordig, omdat de Salafisten geen respect tonen aan de Heilige Profeet (vrede zij met hem)

3. In veel Ahadith heeft de Heilige Profeet zijn Ummah (volgelingen) sterk geadviseerd om de Sunnah te volgen en standvastig te blijven op het pad van zijn Sahabah en de Salf-e-Salihien.(Awlia's/sufi weg)

4. De Heilige Profeet zei: Ik heb twee dingen voor mijn Ummah achtergelaten. U zult nooit afdwalen zolang u deze twee dingen volgt. Een van deze twee is de Heilige Quraan van Allah en de andere is de Sunnah van Zijn Heilige Profeet (Vrede Zij Met Hem)  (Muwatta Imam Malik)

5. De Heilige Profeet (vzmh) zei: Volg het pad van de grootste groep moesliems!(ahle sunat wal jamaat) Want degene die zich van deze groep afzondert zal naar de hel worden gestuurd! (Ibn Majah)

Het concept van de moslim natie verdeeld in 73 stromingen, is afgeleid van authentieke Ahadith zoals verhaalt door Hazrat Abu Hurairah radi Allaho anho:

De Boodschapper van Allah zei: De joden splitsten in 71 stromingen, de christenen in 72 stromingen en mijn volgelingen zal splitsen in 73 stromingen. (Abu Dawud, Tirmizi, Ibn Majah)

De Heilige Profeet (vzmh) zei: Twee en zeventig (van de 73 stromingen van de moslim gemeenschap) zal in het vuur zijn en slechts één zal in het Paradijs zijn; het is de Jama'ah (Ahle Sunnah wal Jamaat). (Abi Dawud, Ad-Darimi, Ahmad)

Er is een andere overlevering waarin staat: De Sahabah vroegen, welke stroming zal zegevieren (genade krijgen)?De Heilige Profeet (vzmh) antwoordde, de stroming die zich confirmeert aan datgene (pakket van geloofsovertuigingen en praktijken) welke ikzelf en mijn Sahabah praktiseren.

 

Samenvattende beschrijving van de organisatie

De Haagse Moslimvereniging Noeroel Islam is een non-profit organisatie, welke is opgericht door de eerste generatie Surinaamse moslims in Nederland. De moslimvereniging wordt gerund door vrijwilligers, welke ondergebracht zijn in de verschillende werkgroepen van de moslimvereniging en is in haar functioneren als organisatie tevens afhankelijk van de inzet van vrijwilligers.  De moslimvereniging telt in haar ledenbestand 1100 leden, waarvan het overgrote deel bestaat uit de doelgroep ‘ouderen’, tevens de deelnemers aan de ouderenochtend.

Het streven van de moslimvereniging is het overbrengen van de kennis van de Islam aan een ieder die geïnteresseerd is in de Islam, zowel moslims, als niet-moslims.  Om een brede doelgroep te kunnen bereiken heeft de moslimvereniging in haar oprichting en huidige vorm gekozen voor de functies van dialoog- , sociaal en cultureel centrum naast de functie van moskee. Het religieuze aspect van de moslimvereniging gaat gepaard met het sociaal- maatschappelijke aspect. 

In de omgang met en tussen de aanwezigen leden en niet-leden in haar verenigingsgebouw streeft de moslimvereniging naar een liefdevolle benadering. Deze benadering is terug te vinden in haar identiteitsverklaring, waarin de moslimvereniging zichzelf als volgt beschrijft: “Noeroel Islam is het licht van de liefde dat door de profeet (s.w.t) is verspreid over de hele wereld. Wij hebben dat licht op kunnen vangen en geven het door aan iedereen. De Islam is liefde en dat laten wij ook zien aan hen die open staan voor de liefdevolle benadering die als voorbeeld voor ons is nagelaten door de profeet (s.a.w)”.[1]

Algemene uitgangspunten van het beleid

·         Liefdevolle benadering

·         Dialoog

·         Naleving van het beleid

·         Structuur

·         Zelfsturende werkgroepen

·         Uniformiteit in het werken

·         Toekomstgerichte beleidsvoering

Organisatie

Om de overeenstemming in de wensen van de leden en de beleidsvoering van de moslimvereniging is een hiërarchische organisatiestructuur nodig. De Haagse moslimvereniging heeft daarom gekozen voor een top- down organisatiestructuur, waarin de bestuursleden tevens als hoofd van een werkgroep fungeren. Hierdoor zijn de lijnen kort en kan communicatie snel en doeltreffend verlopen. Deze organisatie-opzet sluit aan bij wat de moslimvereniging belangrijk vindt: uniforme werkwijze en naleving van het beleid.

Organisatiestructuur Haagse moslimvereniging Noeroel Islam

Aan het hoofd van de moslimvereniging staan de leden, waaronder het bestuur en de hoofdimam vallen en daaronder weer de werkgroepen, opgesplitst in sociaal- maatschappelijk en religieus gerelateerde werkgroepen.

De verschillende werkgroepen van de moslimvereniging hebben aan het hoofd een bestuurslid, waaronder een coördinator valt. Het hoofd van een werkgroep heeft namens het bestuur de verantwoordelijkheid over de te nemen besluiten omtrent de activiteiten van een werkgroep. De coördinator draagt in grote lijnen de verantwoordelijkheid over de uitvoering van de activiteiten, de taakverdeling onder de werkgroepleden en vrijwilligers, de communicatie met en tussen de bij een werkgroep betrokken partijen, het bewaken van de protocollen en de ontwikkeling van de activiteiten van de werkgroep. Zonder het hoofd kan de werkgroep niet vergaderen.

Vaste agendapunten op de bestuursvergadering

Op de bestuursvergaderingen van de moslimvereniging valt alles communicatief op zijn plek. Er zijn twee vaste agendapunten:

1.      Briefing imam

2.      Werkgroepen

De opzet van deze werkwijze is om alle informatie over de organisatie op een plek te krijgen en dat zijn de bestuursvergaderingen. Al zijn er door welke reden dan ook geen verslagen gemaakt, de informatie komt dan nog op de bestuursvergadering terecht. Dit gebeurt bij het agendapunt ‘werkgroepen’. Alle bestuursleden nemen de informatie vanuit de werkgroepsvergaderingen mee naar de bestuursvergaderingen. Al zijn er geen verslagen gemaakt dan nog komt de info terecht op de bestuursvergadering omdat de werkgroepen niet zonder het hoofd kunnen vergaderen. Daardoor heeft het hoofd als bestuurslid info die hij deelt met de overige bestuursleden op de bestuursvergaderingen.

Deze werkwijze maakt dat alle bestuursleden op de bestuursvergadering op de hoogte blijft van wat er zich afspeelt in de organisatie, verschillende werkgroepen. Met die info kan het bestuurslid nadenken over oplossingen als er stagnaties ontstaat in een bepaalde werkgroep. Zonder informatie kan er niet worden nagedacht.

Als het hoofd van de werkgroep niet aanwezig is op een werkgroepsvergadering waarvoor hij de verantwoordelijkheid draagt, dan krijgt hij of mondelinge informatie of via een verslag. Hierin zie je dat er dan wel over enj weer moet worden gebeld of er moet een verslag worden gemaakt. Ingeval het verslag niet komt en er ook geen andere communicatie is geweest tussen leden van de werkgroep en het hoofd, komt er op de bestuursvergadering geen info terecht over de werkgroep in kwestie.

Briefing Imam

Het agendapunt briefing imam is ook een vaste agendapunt geweest in de bestuursperiode 2009-2013. Bij dit agendapunt wordt de hoofdimam uitgenodigd om zijn visie en ontwikkelingen over de Islam aan het bestuur door te geven. Verder om geconstateerde knelpunten met het bestuur te bespreken en advies uit te brengen over geloofszaken die in de vereniging speelt. Het bestuur vraagt de hoofdimam ook om adviezen als zij met een islamitisch vraagstuk zit.

Werkwijze op islamitisch gebied in de vereniging

·         Alle publictaties over de Islam moeten eerst aan de hoofdimam worden voorgelegd voor goedkeuring.

·         Alle toespraken gehouden op de activiteiten van en georganiseerd door de vereniging moeten vooraf aan de hoofdimam worden voorgelegd ter goedkeuring.

·         Alle boeken die er worden gebruikt in Noeroel Islam moeten zijn goed gekeurd door de hoofdimam.

·         Als het bestuur over de Islam heeft geschreven moet dat naar de hoofdimam ter correctie.

·         De wijze van lesgeven wordt mede door de hoofdimam beoordeeld.

·         Nieuwe docenten in de vereniging worden door de hoofdimam beoordeeld.

·         Bij conflicten tussen het bestuur en schriftgeleerden van buiten wordt de hoofdimam geraadpleegd.

·         Voor het opbaren van overledenen die geen lid zijn wordt de hoofdimam geraadpleegd.

·         Voor het aangaan van samenwerkingsverbanden met andere islamitische organisaties wordt de hoofdimam gevraagd naar zijn mening over de ‘partners’.

·         In conflicten tussen organisaties en schriftgeleerden buiten Noeroel Islam, adviseert de hoofdimam

·         Alle andere niet genoemde religieuze aspecten wordt eerst met de hoofdimam gecomminiceerd.

 

Contents

Samenvattende beschrijving van de organisatie. 3

Organisatiestructuur Haagse moslimvereniging Noeroel Islam.. 4

Vaste agendapunten op de bestuursvergadering. 5

1       Inleiding. 8

2       De geschiedenis van moslimvereniging Noeroel Islam.. 10

2.1        De achtergrond van de Hindoestaans- Surinaamse (moslim)gemeenschap  10

2.2        Ontstaansgeschiedenis van moslimvereniging Noeroel Islam.. 12

3       De huidige organisatie van moslimvereniging Noeroel Islam.. 16

3.1        Organisatiestructuur16

3.2        Het huidige bestuur18

3.3        Rol van de hoofdimam.. 20

3.4        Visie/ Missie van de moslimvereniging. 20

4       Beleid. 24

4.1        Inleiding. 24

4.2        Rechtspositie. 25

4.3        Financiële beleid. 25

4.4        Beleid op lidmaatschap. 28

4.5        Vrijwilligersbeleid. 30

4.6        Beleid op haar identiteit32

4.7        Beleid op het religieuze aspect33

4.8        Beleid gericht op Taal34

4.9        Beleid op activiteiten. 36

4.10     Beleid op samenwerking met externe organisaties. 37

4.11     Beleid op besluitvorming. 40

4.12     Beleid gericht op de communicatie. 41

4.13     Beleid gericht op de toekomst42

5       Beleid op de doelgroep jongeren. 44

6       Sterkte- / zwakte analyse. 47

7       Aanbevelingen: Generatie overstijgende binding. 51

8       Nawoord. 53

Bronvermelding. 55

Bijlagen. 56

Interview vragen. 57

 

1   Inleiding

De moskeeomgeving is the place to be voor moslims, waar zij hun religiositeit zo optimaal mogelijk kunnen beleven. De kant van de moskeeomgeving die de moskeebezoeker ziet is de uitwerking van haar beleid. Eén van de definities, welke aan het woord beleid wordt gegeven is: het geheel aan opvattingen over te realiseren doelstellingen, tezamen met de in de tijd uitgezette acties en de daarvoor benodigde middelen om deze doelstellingen te bereiken.[2]

In het bereiken van haar doel heeft een moskeeomgeving te maken met verschillende factoren, welke uiteenlopende behoeften en/ of wensen met zich meebrengen. Intern heeft zij te maken met haar eigen islamitische achterban, waarnaast zij in haar beleidsvoering ook haar externe omgeving in acht moet houden. Deze laatst genoemde omgeving bestaat uit verschillende aspecten van de Nederlandse samenleving, zoals haar buurtbewoners, overheidsinstanties, scholen, sociale instellingen, maar ook partnerorganisaties met een religieuze en/ of levensbeschouwelijke achtergrond

Deze twee omgevingen hebben invloed op haar bestaansrecht in hun verwachtingen, welke zij jegens de moskeeomgeving hebben. Waar de behoefte van haar interne omgeving, de betalende leden en donateurs, kan liggen in de invulling van de religieuze activiteiten, kan de behoefte van haar externe omgeving meer liggen in de afstemming van haar religieuze activiteiten op deze omgeving.

Aangezien haar interne en externe omgeving in relatie tot elkaar staan, te meer omdat haar leden c.q. moskeebezoekers zich in beide omgevingen begeven, is het noodzakelijk voor een moskeeomgeving om in haar doelstellingen de behoeften en / of wensen van zowel haar interne, als haar externe omgeving in overweging te nemen. Hiermee kom ik uit op de definitie van het woord systeem, een verzameling van zelfstandige elementen, welke elk een functie hebben in het bereiken van het gemeenschappelijke doel van de moskee en welke in het beleid van de moskee op elkaar worden afgestemd.

De moskeeomgeving dient voor het overgrote deel van de islamitische gemeenschap als de omgeving waar zij hun religiositeit in de meest optimale zin van het woord kunnen beleven en ervaren.

In deze verhandeling gaat het over de structuur van de moslimvereniging Noeroel Islam, in relatie tot haar interne en externe omgeving.  

Eerst wordt er een omschrijving gegeven van de culturele achtergrond van de Hindostaans- Surinaamse gemeenschap, naar de ontstaansgeschiedenis van moslimvereniging Noeroel Islam tot heden.

Het leidend doel is het in kaart brengen van het beleid dat moslimvereniging Noeroel Islam voert om haar toekomst, in de hoedanigheid van islamitische organisatie, te waarborgen.

2   De geschiedenis van moslimvereniging Noeroel Islam

2.1      De achtergrond van de Hindoestaans- Surinaamse (moslim)gemeenschap

De Hindostaans- Surinaamse gemeenschap vind haar oorsprong in een gebied genaamd Hindostaan in India. De Surinaamse geschiedenis van de Hindoestaanse gemeenschap begint in 1873. De migranten in Suriname afkomstig uit Hindostaan worden verdeeld in twee groepen, waarvan de één het Islamitische en de andere het

Hindoeïstische geloof beleid. In hun nieuwe thuisland, Suriname, zijn de Hindostanen met een islamitische achtergrond vasthoudender aan de eigen taal het Urdu ten opzichten van het Hindi of hoog Hindi.[3] Het Urdu is de officiële taal van Pakistan, welke in grammaticaal opzicht overeenkomt met het Hindi, de primaire officiële taal van India.

Het verschil tussen beide talen zit hoofdzakelijk in de aan het Arabisch en Perzisch ontleende woordenschat en enkele constructies.[4] Het Urdu is een terugkerend element in de activiteiten van moslimvereniging Noeroel Islam. Het Urdu komt voor in het toespreken van de doelgroep ouderen tijdens de ouderenochtend, in delen van toespraken gegeven op religieuze bijeenkomsten, in het voordragen van lofliederen ter ere van de Profeet (vzmh) en in het geven van uitleg aan elementen binnen een activiteit.

Het Urdu wordt voornamelijk ingezet als identiteitsherkenning ten behoeve van de doelgroep ‘ouderen’. Deze doelgroep telt momenteel tevens de grootste groep leden van de moslimvereniging. De vasthoudendheid van de genoemde doelgroep aan het Urdu is als een voor algemene begrippen logisch gevolg voor het vasthouden aan de eigen bekende en vertrouwde identiteit van het land van herkomst bij immigratie. Tevens is er na de emigratie van de Hindostaanse moslims van India naar Suriname, het Urdu als taal doorgecultiveerd  van ouder op kind. Zodoende heeft de huidige doelgroep ouderen het Urdu meegenomen met hun emigratie naar Nederland. De vasthoudendheid van de doelgroep ouderen aan het Urdu is tot aan de dag van vandaag ligt tevens in de taalbarrière tussen de eerste generatie Hindoestaans- Surinaamse moslims en haar van oorsprong Nederlandse medeburgers. De communicatie beperkte zich dan ook enkel tot Nederlanders die bij de huidige doelgroep ouderen destijds over de vloer kwamen. Tegenwoordig wordt er over en weer tussen de Hindoestaans- Surinaamse moslims en de van oorsprong Nederlanders makkelijker contact wordt gelegd, dan in de begintijd van de immigratie

2.2      Ontstaansgeschiedenis van moslimvereniging Noeroel Islam

In 1975 werd Suriname een afhankelijke republiek en maakte geen deel meer uit van het Nederlandse rijk. De komst van mensen uit Suriname naar Nederland had verschillende achtergronden. De voornaamste redenen waren studie, economische omstandigheden (’70), in afwachting van de sluiting van de grenzen in verband met de onafhankelijkheid van Suriname (’75) ten behoeve van het Nederlands staatsburgerschap en als politieke vluchteling naar aanleiding van de staatsgreep.[5]

Onder de Surinamers, die naar Nederland kwamen waren ook moslims met een Hindostaans- Surinaamse achtergrond. Voor de huidige Hindoestaans- Surinaamse moslimgemeenschap in Nederland heeft de eerste generatie voor haar gemeenschap de basis gelegd voor het ontstaan van islamitische instituten met een Hindoestaans- Surinaamse culturele achtergrond.

Moslimvereniging Noeroel Islam is in 1975 opgericht onder de naam, ‘Nederlandse moslim associatie Noeroel Islam Hanefie (Ahle Soennat wal Jamaat)’, vanuit de behoefte voor een eigen gebedsruimte. Naast de behoefte aan een eigen gebedsruimte, lag de behoefte van de grondleggers van de moslimvereniging tevens in het hebben van een ontmoetingsplek en een ruimte  voor de uitvoer van islamitische activiteiten, zoals de opbaring van overledenen,

Verder dat de activiteiten destijds een sociaal- maatschappelijk karakter hadden, waaraan de Islam ten grondslag lag. Ondanks dat het Urdu de algemeen gangbare taal was van de grondleggers van de moslimvereniging, richtten zij zich in de activiteiten van de vereniging op een ieder die geïnteresseerd was in de Islam. Dit was terug te zien in de verschillende imams met een Nederlandse achtergrond, welke in de hoedanigheid van vrijwilligers bij de moslimvereniging voorgingen in het vrijdagsgebed. Eén van de imams was Abdelwahid van Bommel.

Sinds 1991 draagt de moslimvereniging de naam, Haagse moslimvereniging Noeroel Islam (Ahle Soennat wal Jamaat Hanefie). Voor haar oprichting bezocht een hechte groep vrienden, van de eerste generatie Hindoestaans- Surinaamse immigranten, elkaar regelmatig thuis na hun emigratie naar Nederland. Tijdens de bezoeken werd gezamenlijk het gebed verricht, waarna zij met elkaar afspraken het vrijdagsgebed bij één van hen thuis plaats te laten vinden. Tijdens het samenkomen kwamen zij tot het bespreken van persoonlijke problemen, maatschappelijke problemen en hielpen zij andere, pas in Nederland gearriveerde immigranten uit Suriname, door hen (tijdelijk) op te vangen.

De groep vrienden groeide, door horen zeggen, uit tot een grotere groep. De huiskamer werd te klein voor het verrichten van het vrijdagsgebed. De oprichting van een vereniging was een logisch gevolg van de voor de groep te klein geworden huiskamer. Een samenwerking met moslims van een andere culturele achtergrond was destijds niet aan de orde, vanwege de toespitsing van de verschillende bevolkingsgroepen onder de moslimimmigranten op de eigen culturele achterban. Hetgeen, zoals eerder aangegeven door het bestuurslid, een logisch gevolg is van immigratie. De oprichting van de moslimvereniging als gevolg van de huiskamerbijeenkomsten, waarin Hindoestaans- Surinaamse moslims samenkwamen, is hiervan een voorbeeld.

De groei van haar gemeenschap na haar oprichting in de hoedanigheid van een vereniging en de extra kosten die het vergaderen op de verschillende locaties met zich meebracht, heeft geleid tot de aankoop van haar eerste onderkomen aan de Snijderstraat te Den Haag. Bij de oprichting waren ook, naast de doelgroep ouderen, uit plichtsgevoel naar de ouderen / ouders toe, een aantal jongeren in de leeftijd van 20-25 jaar betrokken.

De laatst genoemde doelgroep was ook nodig bij de oprichting vanwege hun taal- en opleidingsniveau opgedaan in Nederland, hetgeen hen makkelijker toegang gaf tot informatie en het doen van aanvragen bij de gemeentelijke diensten ten behoeve van de oprichting van de moslimvereniging.

De binding van de huidige doelgroep jongeren aan de moslimvereniging uit plichtsbesef voldoet niet meer. Jongeren zijn progressief, bleek uit gesprekken. De visie is dan ook dat de moslimvereniging de binding het meest optimaal zou kunnen realiseren door het inspelen op de belevingswereld van deze doelgroep.

Bij de oprichting is gekozen voor de rechtspositie van een vereniging, waarbij Noeroel Islam niet enkel als moskee diende, maar ook als dialoogcentrum.[6]

De bewuste keuze voor een dialoogcentrum ligt in de brugfunctie, welke de oprichters voor ogen hadden en het huidige bestuur nog steeds voor ogen heeft, naar de Nederlandse samenleving toe. Waarbij de doelstelling ligt in het kennis laten maken van de Nederlandse medeburgers met de Islam, zoals deze door de moslimvereniging wordt nageleefd.

Met dialoog wil de moslimvereniging de aansluiting bij de Nederlandse samenleving proberen te realiseren. De religieuze aspect van het verkondigen van de Islam aan niet- moslims ligt hieraan ten grondslag, zowel in haar begintijd, als in haar huidige bestaan.Bij haar oprichting in 1975 is tevens haar eerste bestuur gekozen. Dit bestuur werd gekozen op basis van onderling overleg tussen de eerste groep vrienden die in de huiskamer samenkwamen. De benoeming vond plaats op informele wijze. Degene met de meeste religieuze kennis en inzet werd als voorzitter benoemd. De organisatorische kwaliteiten werden in de benoeming onbewust niet meegenomen.

In1985 werd het gebouw aan de Snijderstraat opgekocht door de gemeente, omdat er volgens een bestemmingsplan op de vrijgekomen plek een park gerealiseerd moest worden. Als nieuw onderkomen kreeg de vereniging een noodgebouw toegewezen op de hoek van de Van der Vennestraat en de Snijderstraat. In 1996 werd de huidige locatie van de moslimvereniging, in de vorm van een schoolgebouw aan de Scheepersstraat 188 aangekocht om als moskee gebruikt te worden. Na een brand in dit gebouw in 1998, werd besloten een nieuw moskeegebouw te laten bouwen. Sinds 2002 bestaat het moskeegebouw van moslimvereniging Noeroel Islam in haar huidige vorm.

3   De huidige organisatie van moslimvereniging Noeroel Islam

3.1      Organisatiestructuur

Moslimvereniging Noeroel Islam is een op zichzelf staande vereniging, welke niet valt onder een koepelorganisatie of gelieerd is aan een andere organisatie. In haar rechtspositie streeft de moslimvereniging ernaar haar zelfstandigheid te behouden om de vrijheid van de eigen invulling van haar activiteiten te waarborgen.

Zoals het in haar statuten is opgenomen, welke te vinden zijn op de website van de moslimvereniging, staan de leden aan het hoofd van de vereniging. Het bestuur wordt door de leden van de moslimvereniging gekozen middels een verkiezing, welke één keer in de vier jaar plaats vindt.

Gegadigden voor een bestuursfunctie kunnen zich opgeven bij een verkiezingscommissie, welke op een algemene ledenvergadering is gekozen.

In artikel 7 van haar statuten geeft de moslimvereniging een beschrijving van de voorwaarden waaraan gegadigden behoren te voldoen, voor het zich verkiesbaar kunnen stellen voor een bestuursfunctie.  De voorwaarden houden in: in Nederland wonende natuurlijke personen, mannen en vrouwen, die de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt en die met het doel der vereniging instemmen.[7] Dit laatste heeft voornamelijk betrekking op de stroming en geloofsleer welke door de moslimvereniging wordt opgevolgd.  

De moslimvereniging heeft een hiërarchische organisatiestructuur, welke op haar website is weergegeven in een organogram. Het organogram van de moslimvereniging is als bijlage aan dit verslag gevoegd. Hierin is haar structuur als volgt weergegeven:

Aan het hoofd van de moslimvereniging staan de leden, waaronder het bestuur en de hoofdimam vallen en daaronder weer de werkgroepen, opgesplitst in sociaal- maatschappelijk en religieus gerelateerde werkgroepen.

De verschillende werkgroepen van de moslimvereniging hebben aan het hoofd een bestuurslid, waaronder een coördinator valt. Het hoofd van een werkgroep heeft namens het bestuur de verantwoordelijkheid over de te nemen besluiten omtrent de activiteiten van een werkgroep. De coördinator draagt in grote lijnen de verantwoordelijkheid over de uitvoering van de activiteiten, de taakverdeling onder de werkgroepleden en vrijwilligers, de communicatie met en tussen de bij een werkgroep betrokken partijen, het bewaken van de protocollen en de ontwikkeling van de activiteiten van de werkgroep.

Er wordt altijd vergaderd met het hoofd erbij. Zonder het hoofd is het afgeraden om de werkgroepen zelfstandig te laten vergaderen. Dit om de communicatielijnen kort te houden en te zorgen dat de informatie over de vereniging altijd samenvalt bij het agendapunt werkgroepen.

3.2      Het huidige bestuur (2009-2013)

Het huidige bestuur van de moslimvereniging is gekozen voor de periode april 2009 tot april 2013. Zij bestaat uit een voorzitter, vicevoorzitter, secretaris, plaatsvervangend secretaris, penningmeester, plaatsvervangend penningmeester en een commissaris. Het bestuur houdt zich bezig met het organisatorische deel van het beleid op sociaal- maatschappelijk gebied.[8]

De leeftijd van de bestuursleden ligt tussen de 45 en 61 jaar.

De taken en bevoegdheden van de bestuursleden, zoals beschreven in het handboek van de moslimverenigingzijn opgesteld door het huidige bestuur van de moslimvereniging.[9] De betrokkenheid van de leden bij de vaststelling van de taakomschrijving van de bestuursleden. De leden zijn als zodanig betrokken geweest in het kiezen van het huidige bestuur, hun inbreng hebben de leden al gehad in hun verwachting jegens de rol van het bestuur. De leden hebben met het kiezen van het bestuur hun vertrouwen in haar gelegd en zijn als zodanig op de hoogte van de bevoegdheden van de bestuursleden.

Het opstellen van een taakomschrijving voor de bestuursleden is een formaliteit geweest. Het huidige bestuur van de moslimvereniging heeft haar taakomschrijving en taakverdeling afgeleid van de taken en bevoegdheden, zoals beschreven in de statuten van de moslimvereniging en de taakverdeling binnen een bestuur van een vereniging, zoals beschreven in een document uitgegeven door de commissie Code Goed Bestuur voor Goede Doelen.[10]

Het huidige bestuur van de moslimvereniging heeft zich op professionele wijze verdiept in haar taakomschrijving en daarmee naar haar leden het signaal afgeeft haar bestuursrol serieus te nemen.

Het huidige bestuur is in haar beleid gericht op het zelfsturend functioneren van de werkgroepen op basis van het beleid dat door het bestuur is vastgesteld. Het gaat hierbij om bestaand beleid voor de lange termijn, gericht op de jaarlijks terugkerende activiteiten, waarvan de religieuze bijeenkomsten van het Offer- en Suikerfeest een voorbeeld zijn.

Nieuwe ideeën voor alle activiteiten, alsmede voor de aangegeven jaarlijks terugkerende activiteiten worden via het hoofd van de werkgroep, tevens bestuurslid, eerst ter goedkeuring voorgelegd aan het bestuur.

In de functie van hoofd van een werkgroep zie je de aansporing tot zelfsturing van de werkgroepen op het eerste gezicht niet terug in de dubbele rol, welke het hoofd vervult, namelijk ook die van bestuurslid. In de taakomschrijving van de coördinator, zoals deze in uitgebreide vorm als bijlage bij deze beschrijving is opgenomen, zie je de zelfsturing terug aan de verantwoordelijkheid die in de verschillende taken terugkomt.    

3.3      Rol van de hoofdimam

De hoofdimam is verantwoordelijk voor het religieuze aspect binnen het beleid van de moslimvereniging. In de hiërarchie van de organisatie van de moslimvereniging valt de hoofdimam onder het bestuur. De hoofdimam heeft een adviserende rol richting het bestuur, wanneer het om religieuze zaken gaat op inhoudelijk niveau.

De hoofdimam is door de tijden heen gegroeid naar zijn huidige positie. De hoofdimam is gepromoveerd op grond van zijn verdiensten voor de gemeenschap van de moslimvereniging, op het aantal jaren islamitische lessen die hij heeft gegeven en wat hij nog steeds doet. De moslimvereniging heeft te maken met meerdere imams die hun diensten aan haar verlenen met betrekking tot het religieuze aspect van de moslimvereniging.

De benoeming van een hoofdimam zorgt voor het waarborgen van haar uniformiteit en een aanspreekpunt voor het religieuze aspect van de moslimvereniging. De huidige hoofdimam is uit alle imams, welke actief zijn in de moslimvereniging, door het huidige bestuur van de moslimvereniging benoemd op grond van het hebben van de meeste islamitische kennis binnen de moslimvereniging, ‘dienstjaren’ en de meeste inzet onder de imam’s bij de moslimvereniging.

3.4      Visie/ Missie van de moslimvereniging

In haar religieuze identiteit rekent moslimvereniging Noeroel Islam zich tot de groep moslims die de Profeet vzmh en zijn metgezellen in handelen en gedrag volledig opvolgen.[11]Hierin volgt de moslimsvereniging de Fiqh (jurisprudentie) van Imam Abu Haniefa rahmatullah alayh en de soennitische geloofsleer van Imam Ahmad Raza Khan rahmatullah alayh . De moslimvereniging geeft in haar identiteitsverklaring aan, andere geloofsideologieën binnen de Islam, welke niet overeenkomen met de geloofsleer van de moslimvereniging, niet te accepteren. .Verder geeft zij aan mensen met een andere geloofsideologie of geloofsovertuiging niet uit haar verenigingsgebouw weg te zullen sturen en hen met gelijkwaardigheid, vanuit humanitair optiek, te behandelen 

Het bestuur zal ten alle tijden ingrijpen wanneer bezoekers zich niet houden aan de omgangsregel van de moslimvereniging, anderen als gelijkgezinden te benaderen. Wanneer bezoekers zich hier niet aan houden, is alleen het bestuur bevoegd hierin op te treden.

De moslimvereniging gaat in haar benadering in eerste instantie uit van de menselijkheid ten opzichte van andere mensen en alle schepselen van Allah swt. De moslimvereniging streeft ernaar andersdenkenden te benaderen in de vorm van een dialoog. Deze beschrijving sluit aan bij de hoofdlijn van de visie van de moslimvereniging, waarin zij streeft naar een liefdevolle benadering van alle aanwezigen, zowel leden als niet- leden in haar verenigingsgebouw.

Deze liefdevolle benadering ervaren bezoekers als ze binnenkomen, nieuwkomers worden vriendelijk ontvangen in de moslimvereniging. Bezoekers worden verwelkomd met een glimlach en zonder zichtbare nieuwsgierigheid naar de persoon als nieuwkomer in de moslimvereniging. Alle geledingen moeten bezoekers het gevoel geven dat ze erbij horen. Alsof de nieuwkomer al jaren bij de moslimvereniging komt.

De leden van de moslimvereniging richten zich voornamelijk op het samenkomen en het geven van lofuitingen aan de Profeet vzmh. De leden zijn meer gefocust op het gezamenlijk groepsproces, dan op de verschillen op individueel niveau.

De focus op het doel van de bijeenkomsten, waarin de visie van de moslimvereniging ten grondslag ligt, namelijk het samenkomen en de liefde van de Profeet vzmh aan een ieder door te geven, maakt een benadering op het mens zijn haalbaar

Het standpunt, welke de moslimvereniging draagt in het benaderen van andersdenkenden zie je terug in het benoemen van het gedachtegoed van andersdenkenden in toespraken gegeven door schriftgeleerden van de moslimvereniging.

Het doel van het benoemen wordt tevens in de toespraken medegedeeld, welke ligt in het wegnemen van mogelijke verwarring onder de leden over in de wandelgangen circulerende gedachten en het verschaffen van helderheid onder de leden over de geloofsleer van de moslimvereniging.

In het benoemen van het gedachtegoed van andersdenkenden richten de schriftgeleerden zich op het verschil in gedachtegoed en zij zullen zich hierin niet veroordelend uitspreken, maar juist spreken vanuit de eigen geloofsleer. Noeroel Islam oordeelt niet over andere groeperingen in de Nederlandse samenleving.

De hoofdlijn in de visie van de moslimvereniging komt voort uit het uitgangspunt van haar identiteit, zoals deze als volgt beschreven is in haar identiteitsverklaring:

Noeroel Islam is het licht van de liefde dat door de Profeet (s.a.w.) is verspreid over de hele wereld. Wij hebben dat licht op kunnen vangen en geven het door aan iedereen. De Islam is liefde en dat laten wij ook zien aan hen die open staan voor de liefdevolle benadering die als voorbeeld voor ons is nagelaten door de Profeet (s.a.w)”.[12]

In haar identiteitsverklaring beschrijft de moslimvereniging dat zij haar streven van een liefdevolle benadering bewaakt, onder andere door krenkend optreden niet toe te staan in haar verenigingsgebouw en de openlijke vrije sfeer binnen haar verenigingsgebouw te laten bewaken door leden die zich de identiteit van de moslimvereniging eigen hebben gemaakt.

Verder heeft zij in haar identiteitsverklaring opgenomen, dat zij geen groepsvorming propageert, omdat er in de Islam geen groepen bestaan. Hiervoor geeft zij als aanvullende uitleg dat er maar een Islam is en dat is de Islam van het licht van de liefde dat door de Profeet vzmh is verspreid over de hele wereld.

Op haar website legt de moslimvereniging haar missie weer in het bewust maken van haar leden van hun identiteit binnen de huidige samenleving, waaraan haar visie in het verspreiden van de liefde naar het voorbeeld van de Profeet vzmh, ten grondslag ligt.

In haar identiteitsverklaring geeft de moslimvereniging aan dat haar missie en visie zoveel mogelijk worden benadrukt in de toespraken, gehouden in het verenigingsgebouw van de moslimvereniging. Verder geeft de moslimvereniging in haar identiteitsverklaring aan dat zij haar missie uitdraagt in het geven van aanwijzingen, aan een ieder die aanwezig is in haar verenigingsgebouw, tot het brengen van vriendelijkheid in de praktijk zowel binnen, als buiten het verenigingsgebouw.

Om een optimaal bereik te realiseren van haar missie heeft de moslimvereniging bewust gekozen voor een Nederlandstalige toespraak tijdens het vrijdagmiddag gebed.

De Nederlandse taal zie je terug in de toespraken gegeven door de schriftgeleerden, in de communicatie tussen de leden onderling, in de communicatie tussen de leden en het bestuur en in de communicatie tussen de leden en de hoofdimam.

Tevens wordt de Nederlandse taal gebruikt om uitleg te geven aan religieuze elementen in een toespraak en in de uitleg gegeven tijdens de lessen Koran en Arabisch.

De Nederlandse taal is een fundamenteel instrument in de religieuze vorming en opvoeding van de leden van de moslimvereniging en als zodanig speelt de Nederlandse taal naar een essentiële rol in het bewustmaken van de leden van hun identiteit.

Voor de doelgroep jongeren, welke vaak het Urdu niet beheersen of de betekenis ervan niet begrijpen, is de inzet van de Nederlandse taal van eminent belang voor de moslimvereniging om aan de betreffende doelgroep de visie en missie van de moslimvereniging over te kunnen brengen en hen hiermee de identiteit van de moslimvereniging mee te geven.

4   Beleid

4.1      Inleiding

Het huidige bestuur werkt voor het eerst in de geschiedenis van de moslimvereniging volgens een geschreven beleidsplan. Voorheen bestond het beleid uit de verschillende ideeën en gedachten, welke de bestuursleden in hun hoofden meedroegen.

Hetgeen zorgde voor een verschil in interpretatie van de koers tussen de verschillende gelederen van de moslimvereniging.

Het huidige bestuur streeft in haar beleid naar het brengen van structuur en uniformiteit in de werkwijze van de verschillende onderdelen (werkgroepen) binnen de moslimvereniging.

In het schrijven van een beleidsplan komt binnen de moslimvereniging strategische vernieuwing tot uitdrukking.

Het beleidsplan heeft het huidige bestuur in de gelegenheid gesteld om in haar werkwijze en het uitdragen van haar identiteit eenduidigheid te creëren. Deze eenduidigheid en duidelijkheid over de koers van de moslimvereniging komt ook ten goede van de leden van de moslimvereniging.

Zij weten waar zij aan toe zijn en welke procedure wordt aangehouden, wanneer de leden hun inbreng of betrokkenheid willen tonen binnen de activiteiten van de moslimvereniging.

Een geschreven beleidsplan kan een voortgang van de huidige koers van de moslimvereniging bevorderen en daarmee haar visie voor de toekomst waarborgen.

De voortzetting van het beleidsplan, opgesteld door het huidige bestuur, is echter afhankelijk van de bestuursleden, welke bij de eerstvolgende verkiezingen zullen worden gekozen.

De structurele voortzetting van het huidige beleidsplan met oog op de toekomst kan worden gewaarborgd door het instellen van een overgangsperiode na de verkiezingen ten behoeve van het overdragen van de bestuurstaken. Waarbij het huidige dagelijks bestuur, de nieuwe bestuurleden begeleidt in hun bestuursfunctie en hen tegelijkertijd bekend maakt met het bestaande beleid.

In deze gedachtegang is tevens strategische vernieuwing zichtbaar, welke tot uitdrukking komt in het streven naar de continuïteit van de werkwijze zoals opgesteld in het beleidsplan onder het  huidige bestuur van de moslimvereniging.

4.2      Rechtspositie

In haar rechtspositie van vereniging valt moslimvereniging Noeroel Islam onder de noemer van non-profit organisaties.

Hiermee valt de moslimvereniging onder de organisaties zonder winstoogmerk, welke zich richten op het ondersteunen van niet- commerciële doeleinden, waarbij de netto- inkomsten van de moslimvereniging niet worden verdeeld of ten goede komen aan een individu.[13]

De moslimvereniging is in haar rechtspositie afhankelijk van het mandaat en de (financiële) betrokkenheid van de sociale achterban in de vorm van donateurs, leden, vrijwilligers.

Onder het kopje geldmiddelen in de statuten van de moslimvereniging, welke op haar website zijn in te zien, staan de bestaansmiddelen van de moslimvereniging beschreven.

Hieronder vallen de contributies, persoonlijke bijdragen, subsidies, donaties, giften, legaten, schenkingen en andere wettig verkregen opbrengsten.

4.3      Financiële beleid

In het huidige beleid van de moslimvereniging bestaan haar inkomsten uit gelden verkregen uit lidmaatschap, donaties,zaalverhuur en het geven van rondleidingen in haar verenigingsgebouw.

In het jaarboek 2013 van de moslimvereniging, welke te vinden is op haar website, geeft de moslimvereniging nadrukkelijk aan dat zij geen overheidsgelden ontvangt in de vorm van subsidies en ook geen gelden ontvangt vanuit het buitenland.[14]

In de vergaderingen van de werkgroepen is de economische crisis naar voren gekomen als reden van de daling in inkomsten van de moslimvereniging. Het bestuur beaamd het effect van de economische crisis op de inkomsten van de moslimvereniging en geeft aan dat dit effect van invloed is op de financiering van de bijeenkomsten van de verschillende werkgroepen.

Om het verlies in inkomsten te compenseren geeft het bestuur aan, dat aan de verschillende werkgroepen is gevraagd tijdens de eigen bijeenkomsten te collecteren.

Hiermee wordt volgens het bestuur het tekort in de kas, ten aanzien van de financiering van de bijeenkomsten van de werkgroepen van de moslimvereniging, ondervangen.

Op een bijeenkomst van de werkgroep vrouwen op 3 maart 2013, is de maatregel van het collecteren op de eigen bijeenkomsten van de werkgroepen toegepast. Dit gebeurt al langer in de werkgroep ‘Ouderochtend’. De aanwezigen op de vrouwenbijeenkomst is gevraagd om een kleine bijdrage te geven ten aanzien van de financiering van de eerstvolgende bijeenkomst van de werkgroep vrouwen. De economische crisis is aan de aanwezigen als reden voor het collecteren opgegeven.

De economische crisis leidt tot het overwegen van het aanvragen van subsidie. Daartoe heeft de vereniging al stappen ondernomen en dat proces zit in een vergevorderde stadium. De mogelijkheid voor het aanvragen van subsidie ziet het bestuur in de groei van maatschappelijke activiteiten op de agenda van de moslimvereniging.

De maatschappelijke activiteiten zie je onder andere terug in de werkgroep ‘Ouderenochtend’. Een voorbeeld hiervan is de activiteit sport en beweging, welke aan de doelgroep ‘ouderen’, voorafgaand aan de bijeenkomst van de ‘Ouderenochtend’ wordt aangeboden. Deze activiteit vindt plaats onder de begeleiding van een sportinstructrice van Parnassia, een instelling op het gebied van geestelijke gezondheidszorg.

Het bestuur onderstreept de voorrang, welke de moslimvereniging geeft op haar zelfstandigheid, op de afhankelijkheid die de aanvraag van subsidie met zich meebrengt.

4.4      Beleid op lidmaatschap

Zoals hierboven aangegeven is één van de inkomstenbronnen van de moslimvereniging, de contributiegelden, welke gelieerd zijn aan het lidmaatschap. De aanvraagprocedure van het lidmaatschap wordt in het gebedsboekje van de moslimvereniging, welke op haar website te vinden is, vermeld. In haar informatievoorziening betreft de aanvraagprocedure van het lidmaatschap geeft de moslimvereniging aan dat een aanvraag voor een lidmaatschap schriftelijk kan geschieden via de secretaris van de moslimvereniging of middels een inschrijfformulier, welke tevens op de website van de moslimvereniging te vinden is.

Naast de informatievoorziening over de aanvraag van een lidmaatschap zoals opgenomen in haar gebedsboekje, is een verkorte procedure van de aanvraag tevens in de structuur van haar website opgenomen onder het kopje lidmaatschappij in het linkermenu van haar website.

(kopie identiteitsbewijs is een vereisten) Naast de vereiste minimum leeftijd van 18 jaar, zijn aan het lidmaatschap tevens religieuze voorwaarden verbonden. De religieuze voorwaarden houden in het afleggen van een eed, waarin een nieuw lid verklaart de gedachte van de Ahle- Sunnat Wal Jamaat te onderstrepen. Hieraan is de bereidheid gebonden, vragen van de hoofdimam van de moslimvereniging te beantwoorden. Aan de nieuwe leden wordt gevraagd een referentie op te geven, welke kan getuigen dat het nieuwe lid het gedachtegoed van de Ahle- Sunnat Wal Jamaat kan onderstrepen.

Het afleggen van een eed en de daarmee gemoeide voorwaarden zijn geen belemmering voor de inschrijving van nieuwe leden onder de doelgroep jongeren, ondanks de basala religieuze kennis, welke de doelgroep jongeren in huis hebben. Specifiek wanneer het gaat om inhoudelijke religieuze kennis, zoals de kennis over de eigen wetsschool. De wetsschool van imam Hanefi ra, welke de moslimvereniging volgt komt expliciet naar voren in de toevoeging aan de naam van de vereniging en komt o.a. voor op de gevel van de haar verenigingsgebouw, op haar website en op haar promotiemateriaal.

Het bestuurs verwerpt die beeldvorming van een belemmering voor de doelgroep jongeren, in de aanvraag van een lidmaatschap. Volgens het bestuur zijn de jongeren bekend met de religieuze kennis, waarnaar in de aanvraagprocedure van een lidmaatschap navraag wordt gedaan. Het bestuurslid maakt het voorgaande op uit de beeldvorming op de kennisoverdracht van ouder op kind door de leden van de moslimvereniging. Tevens geeft het bestuurslid aan dat de vermelding van de geloofsrichting op de gevel van het verenigingsgebouw vragen bij de jongeren oproept, welke door de Schriftgeleerden van de moslimvereniging worden beantwoord.

In de aanvraagprocedure is tevens opgenomen dat het lidmaatschap persoonsgebonden is, waarmee de moslimvereniging aangeeft dat ieder gezinslid zich individueel moet opgeven voor een lidmaatschap.

Het bestuur, de ouderen, jongeren, onderschrijven, de waarborg en groei van het ledenaantal in het natuurlijke verloop van de leden. Hetgeen zij opmaken aan de hand van het ledenbestand, waarin zij terugzien dat de verschillende generaties binnen een gezin zich (opvolgend) opgeven als lid van de moslimvereniging.

Het bestuurslid geeft aan dat het huidige ledenbestand 1100 leden telt en op religieuze feestdagen, zoals het Suiker- en Offerfeest, zo’n 1200 leden en niet- leden zich onder de moskeebezoekers bevinden.

Hieruit blijkt dat de moslimvereniging in haar bestaansrecht een stabiele organisatie is, waarin haar bezoekersaantal van leden en niet- leden een grote animo voor het bezoeken van de moslimvereniging laat zien. Zij voldoet in de behoefte binnen de islamitische gemeenschap voor een religieuze plek in hun maatschappelijke leefomgeving.  

4.5      Vrijwilligersbeleid

Deze betrokkenheid heb ik terug kunnen zien in het groot aantal vrijwilligers onder de leden van de moslimvereniging.

Gedurende mijn stage heb ik tijdens de verschillende religieuze en sociaal-maatschappelijke bijeenkomsten de inzet van de leden teruggezien in het coördineren en uitvoeren van de facilitaire zaken. Een voorbeeld hiervan is de vaste kern leden, welke als vrijwilligers van de keukenploeg, elke maandag voor hun mede- leden van de ouderenochtend een maaltijd bereiden. De organisatie voor het verzorgen van warme maaltijden is tevens terug te vinden in het handboek van de moslimvereniging, waarin de moslimvereniging haar organisatiestructuur heeft opgenomen.  

In het handboek is tevens het beleid van de moslimvereniging opgenomen, de huisregels vooruitlopend op de HR die nog in ontwikkeling is. Tevens zijn de omgangsvormen binnen de vereniging, de procedure rondom de taakverdeling en de werkstructuur van de verschillende werkgroepen in het handboek opgenomen.

Hierin is de inzet van vrijwilligers meegenomen in de verschillende facetten van de organisatiestructuur van de moslimvereniging.

Het handboek is opgesteld met als uitgangspunt de vrijwilligers te informeren over hun rechten en plichten met betrekking tot hun inzet binnen de moslimvereniging. Hetgeen transparantie schept binnen het reilen en zeilen van de organisatie.

De regels zijn door de vrijwilligers terug te lezen en zij weten van te voren waar zij aan toe zijn en wat van hen verwacht wordt. Het bestuur kan vanuit haar positie weer terugverwijzen naar het handboek bij vragen of in een conflictsituatie. Het handboek sluit aan bij het streven van het huidige bestuur van de moslimvereniging naar structuur en uniformiteit in de werkwijze van de verschillende onderdelen van de moslimvereniging. Het handboek draagt hieraan bij.

4.6      Beleid op haar identiteit

De moslimvereniging heeft  "Ahle Soennat Wal Djamaat Hanafi", als toevoeging aan haar naam ‘’Noeroel Islam’’. De expliciete vermelding van deze toevoeging is mij opgevallen in de titel op haar website, evenals op de gevel van haar moskeegebouw. Het geeft expliciet de geloofsleer aan, welke de moslimvereniging volgt, namelijk de Soennitische leer van imam Abu Haniefa (r.a.). Op haar website geeft zij tevens een uitleg, in de vorm kenmerken, over haar toevoeging. Hierin geeft zij aan dat de toevoeging inhoudt, de naam van de groep moslims welk in hun geloofsleer de Profeet (vzmh) en zijn metgezellen in handelen en gedrag volledig  opvolgen.

Tot deze groep rekent de moslimvereniging zich. De expliciete vermelding is mij enerzijds duidelijk. Het geeft aan de moskeebezoeker duidelijk aan welke stroming en geloofsleer de moslimvereniging uitdraagt. Anderzijds is het mij opgevallen omdat ik deze vermelding niet gewend ben vanuit de Marokkaanse moskeeomgeving. Daar gaat men er kennelijk vanuit dat de moskeebezoeker zich bewust is van de stroming en geloofsleer van de moskee. Bij moslimvereniging Noeroel Islam word de moskeebezoeker juist op haar stroming en geloofsleer geattendeerd.

Het bestuurslid geeft hieraan als uitleg dat de vermelding een doelbewust beleid betreft. Hij bevestigd mijn gedachtegang van het attenderen van haar moskeebezoekers op haar religieuze identiteit. Hieraan voegt het bestuurslid toe dat de moslimvereniging met de toevoeging tevens haar activiteiten onderbouwd, met als onderliggende doelstelling dat de moslimvereniging in de discussie met moskeebezoekers over de uitvoering van haar religieuze activiteiten naar de toevoeging kan verwijzen.  De toevoeging geeft naar mijn mening ook voor de doelgroep jongeren, de potentiële toekomstige leden van de moslimvereniging, een duidelijke richtlijn op religieus gebied.

4.7      Beleid op het religieuze aspect

De besluitvorming omtrent het religieuze aspect van het beleid ligt op inhoudelijk niveau bij de hoofdimam. In een gesprek met de hoofdimam naar aanleiding van een meningsverschil tussen een lid welke de Maliki wetsschool volgt en een ander lid van de Hanefi wetsschool, betreft de volgorde van het voordragen van Koranhoofdstukken, gaf de hoofdimam aan dat bij meningsverschil hij degene is met de kennis en aan hem de discussie moet worden voorgelegd.

De achtergrond van zijn uitspraak zie ik door het doen van dit onderzoek terug in de doelstelling van het religieuze aspect van het beleid, namelijk het bewaken van het uniform uitdragen van de stroming en geloofsleer van de Islam welke de moslimvereniging nastreeft. Het sluit aan bij de uitleg, gegeven door de hoofdimam, tijdens een bijeenkomst van de vrouwen werkgroep gusl, lessen in de wassing van overledenen, waarin hij aangaf dat beslissingen omtrent geloofszaken enkel door schriftgeleerden van de moslimvereniging gedaan mogen worden. Dit om te voorkomen, dat een uitzondering een regel wordt.

De hoofdimam heeft tevens een adviserende rol richting het bestuur omtrent de religieuze elementen in het organisatorische deel van het beleid. Hierin valt te denken aan de vormgeving van bijeenkomsten van sociaal- maatschappelijke aard, waarmee de ouderenochtend als voorbeeld kan worden gesteld. In het religieuze beleid is opgenomen dat de religieuze activiteiten dan ook enkel plaats vinden onder leiding van een Schriftgeleerde.[15]

Haar religieuze identiteit past de moslimvereniging strikt toe binnen de uitvoer van de rituelen. Zo heeft de moslimvereniging in haar identiteitsverklaring opgenomen dat de oproep tot het gebed enkel door moslims mag worden uitgevoerd, die de geloofsleer van imam Hanefie volgen. Hiermee wil de moslimvereniging de uniformiteit in het uitdragen van de geloofsleer, welke de moslimvereniging volgt, in tact houden.

Tevens geeft zij in haar identiteitsverklaring aan dat ook bij lezingen gegeven door leden van de moslimvereniging bij personen thuis, deze alleen gegeven worden bij personen, welke de geloofsleer van imam Hanefie volgen. Dit om verwarring te voorkomen. Wanneer andere stromingen de moslimvereniging bezoeken en zich uiten in strijd met de identiteit van de moslimvereniging, dan zullen er maatregelen worden getroffen om herhaling te voorkomen.[16]

4.8      Beleid gericht op Taal

Het bestuurslid geeft aan dat het Urdu specifiek voor de doelgroep ouderen in het beleid van de moslimvereniging is opgenomen. De doelstelling van dit beleid betreft het spreken van de taal van de genoemde doelgroep om haar binding met de moslimvereniging te waarborgen. Het gaat immers om de doelgroep welke de basis heeft gelegd voor het bestaan van de moslimvereniging. Het bestuurslid benadrukt dat de binding van deze leden als zodanig van groot belang is. 

Daarnaast geeft het bestuurslid aan dat het huidige bestuur van de moslimvereniging, welke voornamelijk bestaat uit de tweede generatie Hindoestaans- Surinaamse moslims in Nederland, zich in haar beleid meer richt op het Nederlands als leidende taal in haar activiteiten. Zo geeft het bestuurslid de vrijdagspreek als voorbeeld van dit beleid. De vrijdagspreek wordt volledig in het Nederland voorgedragen, met uitzondering van de ritualistische en liturgische elementen van de preek, welke in de Arabisch taal van de Koran plaats vinden.

Dit beleid is gericht op de binding van haar potentiële toekomstige leden, de doelgroep jongeren, aan de moslimvereniging. In dit beleid wordt tevens de aanwezigheid van mensen met een andere culturele achtergrond, dan de Hindoestaans- Surinaamse meegenomen, ten behoeve van een optimale kennisoverdracht en samenkomen van de aanwezigen in de moslimvereniging. Het bestuurslid beargumenteerd dit beleid met het inspelen op de grotere binding van de doelgroep jongeren met Nederland en als zodanig met de Nederlandse taal, in vergelijking met de binding van de doelgroep ouderen met hun Hindoestaans- Surinaamse roots. In dit beleid zie ik het inspelen op de waarborg van de toekomst van de moslimvereniging dan ook terug.

4.9      Beleid op activiteiten

De activiteiten van de moslimvereniging kunnen worden onderscheiden in religieuze en sociaal- maatschappelijke activiteiten en zijn ondergebracht in de verschillende werkgroepen van de moslimvereniging. De moslimvereniging heeft de volgende werkgroepen voor de coördinatie en uitvoer van haar activiteiten: vrouwengroep, rondleidingen, ouderenochtend, administratie (ter verbetering van de administratie), Mielaad (lezing bij leden en niet leden thuis na een overlijdensgeval), Mauloed (lezing bij de moslimvereniging en bij leden en niet leden thuis), vrouwengusl (wassing van overledenen vrouwen), mannengusl (wassing van overledenen mannen), Ramadan, Arabisch, Jongeren en Zikr (meditatie).

Het bestuurslid geeft in een interview aan, dat de maatschappelijke activiteiten de afgelopen vier jaar steeds meer op de agenda zijn komen te staan.

Deze ontwikkeling is volgens het bestuurslid te herleiden naar de groeiende behoefte van de leden van de moslimvereniging voor maatschappelijke activiteiten en de daarmee samenhangende beweging van de moslimvereniging om in die behoefte te voorzien. Het bestuur ziet de maatschappelijke activiteiten als aanvulling op het religieuze aspect van de moslimvereniging en als zodanig als een essentieel onderdeel van haar activiteitenprogramma binnen haar beleid.

Zelf is de moslimvereniging zich bewust van haar omgeving, buiten de muren van haar verenigingsgebouw en streeft naar een goede relatie en binding met deze omgeving. De moslimvereniging geeft dan ook aan dat zij in haar oprichting bewust heeft gekozen voor de functies van dialoog en sociaal en cultureel centrum, naast haar moskee functie. Zij geeft hierin aan dat zij deze keuze heeft gemaakt om een bredere doelgroepgroep te bereiken met haar activiteiten, dan enkel de eigen sociale islamitische achterban.

Echter zie ik het uitgangspunt van haar functies gericht op een algemeen publiek niet geheel terug in één van de activiteiten, welke wordt georganiseerd in het dialoog en sociaal en cultureel centrum binnen haar verenigingsgebouw. Het gaat hier om de bijeenkomsten van de ouderenochtend, welke ik gedurende mijn stageperiode bij de moslimvereniging een ruim aantal keer heb bijgewoond. Tijdens de bijeenkomsten van de ouderenochtend is meerdere malen aangegeven dat de bijeenkomsten voor een ieder zijn, waarbij ook niet-moslims expliciet zijn genoemd. Echter heb ik geconstateerd dat het programma voornamelijk religieus van aard is en voor het overgrote deel plaats vindt in het Urdu, de eigen taal van de sociale achterban van de moslimvereniging.

Voor mij als Marokkaanse is het programma niet altijd te volgen. Voor de doelgroep niet-moslims of niet Urdu sprekende personen komt de functie van dialoogcentrum niet geheel tot haar recht, althans in de bijeenkomsten van de ouderenochtend. Daarentegen komt deze functie wel tot haar recht in het initiatief van moslimvereniging in het organiseren van een jaarlijks terugkerende opendag gericht op haar omgeving en wordt dan ook specifiek georganiseerd in het kader van de buurtbetrokkenheid.

4.10   Beleid op samenwerking met externe organisaties

In de taakomschrijving van de functie van voorzitter van de moslimvereniging is het coördineren van samenwerkingsovereenkomsten tussen deSoennitische geloofsgemeenschappen in Nederland opgenomen. Wanneer ik in een interview met het bestuurslid vraag naar de invulling van dit taakaccent binnen het beleid van de moslimvereniging, geeft deze aan dat binnen het huidige beleid geen invulling wordt gegeven aan dit taakaccent.

Hiermee geeft het bestuurslid aan dat er geen samenwerkingsverbanden bestaan tussen de moslimvereniging en andere islamitische organisaties. Het bestuurslid geeft aan dat één van de reden hiervan is dat het bestuur binnen haar bestuursperiode van  vier jaar in het ontwikkelen en uitvoeren van beleid prioriteit heeft gegeven aan de inrichting en invulling van de samenwerking binnen de verschillende onderdelen van de eigen organisatie van de moslimvereniging. Dit heeft eraan bijgedragen dat de moslimvereniging een naar binnengekeerd beleid heeft gevoerd ten behoeve van de herstructurering van haar organisatie en zich daaromtrent terughoudend heeft opgesteld in het nemen van initiatieven tot het aangaan van samenwerkingsverbanden met andere organisaties binnen de Soennitische geloofsgemeenschap.

Wel geeft het bestuurslid aan dat de moslimvereniging open staat voor verzoeken tot samenwerking afkomstig van externe (islamitische) organisaties. In de behandeling van de verzoeken ligt de overweging voor het aangaan van een samenwerkingsverband in de haalbaarheid van het samenwerken.

Het bestuurslid legt de haalbaarheid uiteen, vanuit de functie van de moslimvereniging van dialoogcentrum en geeft aan dat de moslimvereniging deze functie hoog in het vaandel te hebben. Het bestuurslid voegt hieraan toe dat de moslimvereniging de dialoog tevens als fundamentele voorwaarde stelt voor enig samenwerkingsverband.

Uit ervaring en inzicht in de islamitische gemeenschap van Nederland heeft de moslimvereniging geconstateerd dat in de geloofsbeleving en omgang met en tussen de leden onderling, tussen de verschillende islamitische organisaties een discrepantie zit.

Hetgeen mij ook is opgevallen tijdens mijn stage bij de moslimvereniging, waarin ik heb ervaren dat de omgang op het gebied van gender, man/ vrouw, plaats vindt door nabijheid op gepaste afstand. Tijdens de religieuze vieringen en overige bijeenkomsten zitten de mannen en vrouwen in dezelfde ruimte, waarbij zij worden gescheiden door een gordijn. In andere moskeeën, welke ik heb bezocht, in de nabije omgeving van de moslimvereniging wordt een striktere scheiding tussen mannen en vrouwen aangehouden. In het verschil in omgang op het gebied van gender voorzie ik een belemmering in de samenwerking tussen de moslimvereniging en andere Soennitische organisaties.

Het bestuurslid geeft aan dat de moslimvereniging heeft ervaren dat de hiervoor beschreven discrepantie in gesprekken met andere islamitische organisaties voorafgaand aan de samenwerking de ruimte voor dialoog in de weg staat en daarmee voor de moslimvereniging een samenwerkingsverband niet haalbaar is.

De discrepantie in geloofsbeleving tussen de verschillende Soennitische organisaties is een andere reden van de terughoudendheid van de moslimvereniging in het nemen van initiatieven tot samenwerking.

Ten overvloede geeft het bestuurslid aan dat het coördineren van samenwerkingsovereenkomsten tussen de Soennitische geloofsgemeenschappen in de taakomschrijving van de voorzitter van de moslimvereniging gericht is op alle organisaties die gelijkwaardig willen praten over samenwerking, zonder vooraf eisen te stellen aangaande de identiteit en het beleid van de moslimvereniging.

De samenwerking met andere Islamitische organisatie vindt veelal plaats op het gebied van facilitaire zaken, zoals de verhuur van zalen. Een voorbeeld hiervan is de islamitische basisschool Yunus Emre, welke op het Suikerfeest en Offerfeest een zaal huurt bij de moslimvereniging om met haar leerlingen de Islamitische feesten te vieren.

Het eigen initiatief van de moslimvereniging in het leggen van contact met externe organisaties vindt volgens het bestuurslid wel plaats op het terrein van het inwinnen van informatie voor de invulling van haar maatschappelijke activiteiten. Het gaat hierbij voornamelijk om niet- islamitische organisaties.

Het bestuurslid geeft aan dat de moslimvereniging recentelijk is benaderd door het Omniversum voor het aangaan van een tijdelijke samenwerking. Het Omniversum is een grootbeeldfilmtheater gevestigd in Den Haag, de stad waar ook de moslimvereniging haar standplaats heeft. Binnenkort toont het Omniversum de film ‘Journey to Mecca’. Het Omniversum is voornemens deze film te promoten op scholen. De moslimvereniging is benaderd om samen te werken met het Omniversum in het geven van rondleidingen binnen haar verenigingsgebouw aan bezoekers van de film. Hierin zie ik een rol weggelegd voor de doelgroep jongeren van de moslimvereniging. Met de rondleidingen wordt aan de jongeren een verantwoordelijkheidsbesef meegegeven in het vertegenwoordigen van de moslimvereniging, door het geven van informatie over de vereniging aan externe doelgroepen. Het bevorderen van het verantwoordelijkheidsbesef onder de doelgroep jongeren onder de leden van de moslimvereniging is tevens in een interview met het hoofd van de werkgroep jongeren en tevens voorzitter van de moslimvereniging, naar voren gekomen.

4.11   Beleid op besluitvorming

Het bestuur heeft de eindverantwoordelijkheid in de besluitvorming op organisatorisch niveau, waaraan de religieuze identiteit van de moslimvereniging ten grondslag ligt. In de besluitvorming wordt een hiërarchische lijn aangehouden. Het bestuurslid geeft in een interview de hiërarchische lijn als volgt weer: de leden staan aan het hoofd van de vereniging. Met het kiezen van een bestuur geven de leden aan het bestuur hun vertrouwen in het behartigen van hun belangen en het aansturen van de moslimvereniging. Hiermee leggen zij tevens de besluitvorming op organisatorisch niveau in handen van het bestuur.

Zoals eerder aangegeven staan de bestuursleden tevens aan het hoofd van een werkgroep. In mijn primaire reactie op deze werkwijze had ik een sceptische kijk op de dubbele rol van een bestuurslid, als hoofd van een werkgroep. Ik was voornamelijk sceptische over de objectiviteit van een bestuurslid betreft de belangenbehartiging van de leden van de werkgroep in zijn rol van hoofd van een werkgroep.

In het interview met het bestuurslid geeft hij aan dat de moslimvereniging bewust heeft gekozen voor een top- down organisatiestructuur met de bestuursleden aan het hoofd van een werkgroep. Deze werkwijze beargumenteerd het bestuurslid in het doel van het bestuur de lijnen kort te houden ten behoeve van een snelle en doeltreffende communicatie. De werkwijze komt tot uiting in het vaste agendapunt ‘werkgroepen’ van de bestuursvergaderingen. Gezien de dubbele rol van de bestuursleden, van bestuurslid en hoofd van een werkgroep, komt in het agendapunt ‘werkgroepen’ de informatievoorziening vanuit de werkgroepen ten alle tijden terug in de bestuursvergadering.

Gedurende mijn stage heb ik een aantal vergaderingen bijgewoond van de werkgroepen ‘ouderenochtend’, ‘gusl’ voor vrouwen (bewassing van een overledenen) en ‘vrouwen’. Hierin heb ik het bewaken van het beleidmatig werken binnen de werkgroepen door de bestuursleden, in hun rol van hoofd van een werkgroep teruggezien in het verwijzen naar de beleidsregels in hun antwoord op een vraag van één van de werkgroepleden. Een voorbeeld hiervan is het beleid betreft het religieuze aspect, waarin de hoofdimam van de moslimvereniging de eindverantwoordelijkheid over heeft.

Zoals in paragraaf 4.7 van dit hoofdstuk is beschreven, is in het religieuze beleid opgenomen dat de religieuze activiteiten enkel plaats vinden onder leiding van een Schriftgeleerde. In de vergadering van de werkgroep ‘ouderenochtend’ heeft één van de leden zijn behoefte uitgesproken in het willen invullen van de religieuze activiteit in de bijeenkomsten van de ouderenochtend, in het uiteenleggen van een Koranvers. Het bestuurslid en tevens hoofd werkgroep ‘ouderenochtend’ heeft het lid gewezen op de regel van het religieuze beleid, waarin is opgenomen dat het enkel is toegestaan aan schriftgeleerden om binnen de bijeenkomsten van de moslimvereniging op het gebied van religie mogen spreken.

In haar besluitvorming is terug te zien dat de moslimvereniging een top down organisatie is, waaraan de realisatie van structuur en uniformiteit in het werken van de verschillende onderdelen binnen haar organisatie aan ten grondslag ligt.

4.12   Beleid gericht op de communicatie

Inhakend op de hiërarchische organisatiestructuur van de moslimvereniging, geeft het bestuurslid in het interview aan dat de besluitvorming een afgeleide is van het communicatiebeleid van de moslimvereniging. Hetgeen het bestuurslid uiteen legt in de werkwijze van de moslimvereniging en refereert hierbij naar de rol van de bestuursleden, als hoofd van een van de werkgroepen. De rol van een bestuurslid binnen een werkgroep is namelijk het bewaken van het beleid in het maken van een schifting in de voorstellen, welke in een werkgroep worden besproken. De overgebleven voorstellen worden door het betreffende bestuurslid in de bestuursvergadering bij het vaste agendapunt ‘werkgroepen’ ter goedkeuring ingebracht, waarna de goedgekeurde voorstellen weer door het betreffende bestuurslid worden doorgecommuniceerd aan de werkgroepleden op de eerstvolgende werkgroepvergadering. Om de communicatielijnen en de daarmee samenhangende informatiestroom in stand te houden geeft het bestuurslid aan dat een werkgroepvergadering enkel kan plaats vinden bij aanwezigheid van het hoofd van een werkgroep c.q. bestuurslid van de moslimvereniging.

De hierboven beschreven communicatielijn wordt tevens toegepast op het religieuze aspect van de moslimvereniging. Welke tot uiting komt in het vaste agendapunt ‘briefing imam’ op de bestuursvergaderingen. Hierin vind over en weer informatie uitwisseling plaats over religieuze zaken, welke door zowel de hoofdimam, als de bestuursleden binnen de moslimvereniging zijn gesignaleerd. Het gaat hierbij onder andere om de wensen en behoeften van de leden.

Verder geeft het bestuurslid aan, dat de moslimvereniging waarde hecht aan de strakke handhaving van de jaarplanning, wanneer het gaat om de activiteiten genoemd in de jaarplanning. De communicatie rondom de jaarplanning heeft betrekking op het vertrouwen van de leden in de uitvoer van de activiteiten, welke op de jaarplanning staan. Om alle onderdelen van de moslimvereniging te binden aan de jaarplanning is een duidelijke communicatie ingevoerd in de vorm van vastgestelde afspraken, waar niet meer van wordt afgeweken. 

Het nakomen van de afspraken wordt aan de leden en de verschillende onderdelen van de moslimvereniging gecommuniceerd in de het bestuur opgestelde documenten afgeleid van het beleid en via de moderne communicatie middelen, zoals het internet en folders.

4.13   Beleid gericht op de toekomst

 

Het beleid gericht op de toekomst van de moslimvereniging heeft in de huidige bestuursperiode voornamelijk gelegen in het toepassen van strategische vernieuwing binnen de organisatie van de moslimvereniging. Zoals in de inleiding van dit hoofdstuk is beschreven heeft het huidige bestuur beoogd rust, structuur en uniformiteit te brengen binnen haar organisatie. Het schrijven van een beleidsplan heeft hieraan ten grondslag gelegen. In haar beleid heeft de moslimvereniging zich gericht op het zelfsturend functioneren van de werkgroepen op basis van het geschreven beleid. Het beleid op het zelfsturend functioneren is gericht op de lange termijn en is gericht op de jaarlijks terugkerende religieuze activiteiten van de moslimvereniging.

 

Met het schrijven van een beleid heeft het bestuur een basis gelegd voor de organisatiestructuur van de moslimvereniging, waarop in de toekomst kan worden voortgeborduurd. Een volgende stap in het beleid ten aanzien van haar toekomst is de waarborg van haar toekomst met betrekking tot haar bestaansrecht. Hierin staan de potentiële leden onder de doelgroep jongeren, maar ook de potentiële bestuurders onder deze doelgroep centraal.

5   Beleid op de doelgroep jongeren

 

Op haar website zie ik een optie in het linkermenu om te navigeren naar de pagina van de werkgroep jongeren. Wanneer ik de pagina voor me heb, valt mij meteen de naam en de contactgegevens van de coördinator van werkgroep op. Een contactpersoon geeft de jongeren naar mijn idee makkelijker toegang tot de moslimvereniging. Het idee van een contactpersoon voor de jongeren en een werkgroep wekt bij mij de indruk dat de jongeren binnen de moslimvereniging een plek hebben.

 

Gedurende mijn stageperiode bij de moslimvereniging heb ik de aanwezigheid c.q. deelname van de jongeren in de moslimvereniging enkel teruggezien in de religieuze bijeenkomsten en in de Arabische lessen. In gesprek met de coördinator van de werkgroep jongeren geeft deze aan dat de jongeren in de hoedanigheid van moskeebezoeker en/ of lid in de moslimvereniging een plek hebben. Zij mogen er wel degelijk zijn en gebruik maken van de vrouwenruimte om samen te komen. De werkgroep jongeren is dan ook tot aan de Ramadan 2012 frequent samengekomen, waarin zij o.a. discussieavonden en thema avonden organiseerden, afgestemd op de belevingswereld van de jongeren.

 

De doelstelling hiervan is geweest dat de jongeren zich in de bijeenkomsten konden identificeren met hetgeen besproken werd. In de periode na de maand Ramadan is het samenkomen van de doelgroep jongeren verwaterd, zo geeft de coördinator van de werkgroep jongeren aan in het interview. Tevens geeft hij aan dat het samenkomen in de vrouwenruimte de jongeren niet het gevoel geeft een eigen plek te hebben binnen de moslimvereniging, waar zij invulling kunnen geven aan de inrichting van de ruimte en de vorm van het samenkomen.

 

Zij hebben geen plek, welke zij zich naar de eigen beleving eigen kunnen maken. De ruimte, welke aan hen is toegewezen door de moslimvereniging bevindt zich in de vrouwenruimte, welke bestaat uit twee delen, een gebedsruimte en een sociaal cultureel deel. In het sociaal culturele deel van de vrouwenruimte heb ik tijdens mijn stageperiode geconstateerd, dat er door de verschillende werkgroepen wordt vergaderd. In het gebruik van de ruimte zie ik de ruimte niet terug als een specifieke ruimte voor de doelgroep jongeren. Tevens draagt de naam  ‘vrouwenruimte’ de naam van een andere doelgroep dan de doelgroep jongeren. Ook hierin zie ik geen identificatie met de doelgroep.

 

In gesprek met het bestuurslid beaamd hij mijn constatering van het gebrek aan een specifieke ruimte voor de doelgroep ‘jongeren’. Hierin geeft hij aan dat de moslimvereniging voornemens is om in haar volgende bestuursperiode een aanbouw te doen om een specifieke ruimte te creëren voor de doelgroep ‘jongeren’. Deze ruimte kan dan geheel naar de eigen beleving van de jongeren worden ingericht. Hiermee merk ik op dat de moslimvereniging zich tevens aan het oriënteren is op haar potentiële toekomstige (bestuurs)leden. Een eigen plek voor de doelgroep jongeren bevorderd de binding van de jongeren met moslimvereniging.

 

In een interview met de voorzitter en tevens hoofd van de werkgroep jongeren van de moslimvereniging vraag ik naar de betrokkenheid van de doelgroep jongeren op bestuurlijk niveau. Hierin doe ik het voorstel de jongeren een stageplek aan te bieden met een bestuursfunctie in het vooruitzicht. De voorzitter geeft aan dat de leden onder de doelgroep jongeren meer gericht zijn op de eigen persoonlijke doelen in hun leven. De voorzitter geeft tevens aan dat een bestuursfunctie valt onder het vrijwilligers werk, waarop de moslimvereniging in haar organisatie draait. Een bestuurslid krijgt voor zijn bestuursfunctie dan ook geen vergoeding.

 

Hetgeen de voorzitter ziet als een mogelijke reden van het uitblijven van jongeren die zich verkiesbaar stellen voor een bestuursfunctie. Daarentegen ziet de voorzitter ziet het bevorderen van de betrokkenheid van de potentiële toekomstige leden onder de doelgroep jongeren van de moslimvereniging in de participatie van de doelgroep in de verschillende werkgroepen. Zijn visie gericht op de toekomst van de moslimvereniging (, ondersteund door de overige bestuursleden, ligt dan ook in het bekend maken van de doelgroep jongeren met het dragen van  verantwoordelijkheid voor de geloofsgemeenschap van de moslimvereniging, in de participatie van de doelgroep in de verschillende werkgroepen.

De visie van het bestuur van de moslimvereniging heb ik dan ook teruggezien in een recentelijk door de moslimvereniging opgerichte Denktank.

 

De Denktank dient als adviesorgaan van de moslimvereniging. De moslimvereniging heeft jongeren van de moslimvereniging uitgenodigd om zitting te nemen in de Denktank en hen gevraagd de verantwoordelijkheid over de Denktank op zich te nemen. Naast de jongeren hebben ook leden van de doelgroep ‘ouderen’ zitting in de Denktank om ook de geschiedenis van de moslimvereniging mee te nemen in de nog te ontwikkelen ideeën en adviezen van de adviseurs onder doelgroep jongeren.  

 

In de oprichting van een Denktank zie ik wederom strategische vernieuwing terug in het beleid van de moslimvereniging. Hierin maakt de moslimvereniging een stap richting de toekomst, door haar toekomstige potentiële leden onder de doelgroep jongeren dit proces van strategische vernieuwing.  

 

 

 


 

6   Sterkte- / zwakte analyse

 

 

 

S/Z Analyse

Sterkte

 

Zwakte

 

 

·         Invoering van strategische vernieuwing

 

 

·         Rechtspositie in relatie tot haar onafhankelijkheid

 

 

·         De grote focus op het groepsproces in het  samenkomen op georganiseerde bijeenkomsten

 

·         Naar binnengekeerd beleid, focus op de eigen organisatie

 

 

 

·         Vergrijzing van het ledenbestand

 

 

·         Afhankelijkheid van vrijwilligers

 

 

 

·         Aandacht voor het individu en de onderlinge binding ontbreekt

 

 

·         Aansluiting op de belevingswereld van de jongeren ontbreekt

 

 

 

Strategische vernieuwing vs Vergrijzing van het ledenbestand

 

Het huidige bestuur van de moslimvereniging heeft in haar bestuursperiode een inhaalslag gemaakt op organisatorisch gebied door het aanbrengen van strategische vernieuwing op de verschillende vlakken binnen de moslimvereniging. Het schrijven van een beleidsplan, de oprichting van werkgroepen en het aanbrengen van structuur in de organisatie en vorm van de religieuze en sociaal- maatschappelijke  activiteiten zijn een aantal voorbeelden van de strategische vernieuwingen binnen de moslimvereniging.

 

De strategische vernieuwingen hebben geleid tot het tillen van de moslimvereniging naar een professionele werkwijze op organisatorisch niveau. Het werken conform de procedures, welke zijn afgeleid van het geschreven beleidplan, brengt in de moslimvereniging tevens weerstand met zich mee.

 

De weerstand bevindt zich voornamelijk onder de doelgroep ‘ouderen’. Deze doelgroep is sinds de oprichting van de moslimvereniging gewend te werken zonder vastgestelde procedures en een hiërarchische besluitvorming. De vrijheid in de eigen inbreng in een activiteit is voor deze doelgroep veranderd in een bij het bestuur in te dienen voorstel ter goedkeuring.

 

Waar de werkwijze volgens procedures en overlegstructuur bij de doelgroep ‘jongeren’ een vanzelfsprekendheid is vanuit de eigen opleiding en werkervaring, heeft de doelgroep ‘ouderen’ het gevoel beperkt te worden in hun handelen als oudgedienden van de moslimvereniging. De doelgroep ‘ouderen’ is voor de moslimvereniging in die zin belangrijk, omdat zij het overgrote deel van haar leden betreft.

 

Onafhankelijkheid vs Afhankelijkheid

 

Zoals eerder in dit verslag aangegeven is de moslimvereniging een op zichzelf staande vereniging, welke niet valt onder een koepelorganisatie of gelieerd is aan een andere organisatie. Deze zelfstandigheid brengt een onafhankelijkheid met zich mee in de eigen invulling van haar organisatiestructuur en haar activiteiten. Echter is de moslimvereniging in haar bestaansrecht wel afhankelijk van de betrokkenheid van haar sociale achterban. Hetgeen zich uitdrukt in de inkomsten van de moslimvereniging en de inzet van vrijwilligers. Gezien haar sociale achterban voor het overgrote deel bestaat uit de doelgroep ‘ouderen’ is de moslimvereniging genoodzaakt in haar strategische vernieuwing in te spelen op de behoefte van deze doelgroep. De behoefte van deze doelgroep ligt in het terugzien van hun inbreng, uitgedrukt in financiën, in de vormgeving van de moslimvereniging. De doelgroep ‘ouderen’ is gericht op de uiterlijkheden van de moslimvereniging en het samenkomen in bijeenkomsten. De oprichting van de ouderenochtend, het opknappen van het verenigingsgebouw en het organiseren van jaarlijks terugkerende bijeenkomsten heeft bijgedragen aan het inspelen op de behoefte van de doelgroep ‘ouderen’. Voor de doelgroep ‘jongeren’ zijn de hiervoor genoemde vernieuwingen tevens relevant geweest, maar ligt de behoefte van deze doelgroep meer in de individuele ontplooiing op kennisniveau.

 

Groepsproces vs Aandacht voor het individu

 

Gedurende mijn stageperiode heb ik dan ook voornamelijk het groepsproces teruggezien in het samenkomen van de sociale achterban van de moslimvereniging in de verschillende bijeenkomsten. De bijeenkomsten hebben een standaard terugkerend karakter in de vorm van een monoloog. Aan de bijeenkomsten nemen zowel de leden onder de doelgroep ‘ouderen’, als de leden onder de doelgroep ‘jongeren’ deel. Beide doelgroepen hebben tevens hun aandeel in het voordragen van een loflied, smeekbede en het geven van een toespraak.

 

De laatste activiteit is enkel van toepassing voor schriftgeleerden. Waar de behoefte van de doelgroep ‘ouderen’ ligt in het aanwezig zijn en het opnemen van kennis, heeft de doelgroep ‘jongeren’ in het samenkomen meer de behoefte aan interactie. De behoefte aan interactie ligt ten grondslag aan de behoefte aan individuele ontplooiing op kennisniveau. 

 

Naar binnengekeerd beleid vs Aansluiting op de belevingswereld van jongeren ontbreekt

 

De gerichtheid van de moslimvereniging op het samenkomen van de eigen sociale achterban baseert zich op haar streven in het overbrengen van haar identiteit, welke bestaat uit het benaderen van de ander met liefde, ongeacht culturele afkomst of levensbeschouwing. De identiteit van de moslimvereniging baseert zich op haar geloofsleer en het doorgeven van het licht van de liefde van de Profeet vzmh. Het overbrengen van haar identiteit heb ik voornamelijk teruggezien in de bijeenkomsten van de moslimvereniging op groepsniveau. Het streven van de moslimvereniging is om haar identiteit door te geven aan haar leden in de bijeenkomsten, zodat deze in het gedrag en handelen van haar leden in de maatschappij tevens tot uiting komt. Hiermee voert de moslimvereniging een van binnen naar buiten bekeerd beleid. De moslimvereniging bereikt hiermee een eenzijdige benadering van haar sociale achterban, welke enkel plaats vindt binnen de eigen muren van haar verenigingsgebouw.

 

Waar de doelgroep ‘ouderen’ meer gericht is op de eigen sociale achterban, reikt de belevingswereld van de doelgroep ‘jongeren’ tot ver buiten de eigen sociale achterban. Een naar binnengekeerd beleid kan de aansluiting bij de belevingswereld van de doelgroep ‘jongeren’, haar potentiële toekomstige leden,  belemmeren en daarmee de binding van deze doelgroep aan de moslimvereniging laten uitblijven.

 

7   Aanbevelingen: Generatie overstijgende binding

 

Gedurende mijn stage heb ik opgemerkt dat de moslimvereniging zich focust op de verschillende doelgroepen, hetgeen z’n uitwerking heeft in de verschillende werkgroepen welke zijn opgericht. Echter heb ik opgemerkt dat de discrepantie tussen de wensen en behoeften van de verschillende doelgroepen en met name tussen de doelgroep ‘ouderen’ en de doelgroep ‘jongeren’ groot te noemen is.

 

Beide doelgroepen spelen een essentiële rol in zowel het huidige bestaansrecht van de moslimvereniging, als in haar bestaansrecht in de toekomst. Waar de doelgroep ‘ouderen’ momenteel het overgrote deel van haar ledenbestand vertegenwoordigd, zijn de jongeren de potentiële leden van de toekomst. Om haar toekomst te waarborgen is acceptatie tussen de beide doelgroepen in de vertegenwoordiging van de moslimvereniging noodzakelijk.

 

Mijn aanbeveling voor de moslimvereniging in haar toekomstgericht beleid is enerzijds gericht op het investeren in de generatie overstijgende binding en anderzijds op het binden van de doelgroep ‘jongeren’ aan haar organisatie.

 

Gedurende mijn onderzoek heb ik de moslimvereniging hierin al de eerste stappen zien zetten. Een mooi voorbeeld in de generatie overstijgende binding zijn twee leden van de moslimvereniging van de doelgroep jongeren, die voor een bijeenkomst van de ouderenochtend waren uitgenodigd als sprekers. Waarvan één van de sprekers werkzaam is bij een Apotheek en de andere spreker onderzoek doet naar de werking en verbetering van medicijnen. De twee sprekers hebben de doelgroep ‘ouderen’, tijdens de ouderenochtend nuttige informatie gegeven over medicijngebruik en de procedure rondom de aanvraag van medicijnen.

 

De doelgroep ‘jongeren’ heeft betekenis kunnen geven aan een aspect in het dagelijks leven van de doelgroep ‘ouderen’. Hetgeen zich heeft geuit in de waardering en bewondering van de sprekers door de doelgroep ‘ouderen’ in de ouderenochtend. Mijn advies aan de moslimvereniging is dan ook om de deskundigheid van de doelgroep jongeren in te zetten in de voor de doelgroep ouderen relevantie informatievoorziening. Hetgeen de interactie tussen de doelgroepen bevorderd en daarmee een vertrouwensband tussen de doelgroepen bewerkstelligd. Hiermee kan de acceptatie van de doelgroep ‘ouderen’ worden gerealiseerd in het toekennen van verantwoordelijke taken en functies aan de doelgroep ‘jongeren’ binnen de organisatiestructuur van de moslimvereniging.

 

Een ander voorbeeld zijn de plannen van de moslimvereniging om de doelgroep ‘jongeren’ een eigen plek te geven binnen haar vereniging in de aanbouw van een ruimte voor deze doelgroep. Een eigen ruimte voor de doelgroep ‘jongeren’ geeft hen de mogelijkheid om zich binnen de eigen beleving thuis te voelen binnen de muren van de moslimvereniging. Hiermee realiseert de moslimvereniging dat de doelgroep ‘jongeren’ frequenter aanwezig is in de moslimvereniging en zich daarmee aan de vereniging bindt.

 

Hetgeen een verantwoordelijkheidsgevoel met zich mee kan brengen in het vertegenwoordigen van de moslimvereniging. Wanneer de doelgroep ‘jongeren’ zich verantwoordelijk voelt voor de vereniging, is de kans groot dat hun inzet voor de moslimvereniging wordt vergroot. Mijn advies aan de moslimvereniging is hen niet enkel een eigen ruimte te geven, maar zich ook te verdiepen in de belevingswereld van de jongeren en deze mee te nemen in het overbrengen van de identiteit van de moslimvereniging aan de jongeren.

 

Hiermee geeft de moslimvereniging de jongeren het gevoel dat er zij er niet enkel in hun aanwezigheid mogen zijn, maar dat zij ook begrepen en gehoord worden in wie zij zijn, in hun individuele identiteit. De individuele identiteit kan tot uiting komen in het mee laten denken van de doelgroep ‘jongeren’ in de organisatieprocessen. Hiervan is de recentelijk opgerichte Denktank een goed voorbeeld.

 

8   Nawoord

 

Het beschrijven van de organisatie van de moslimvereniging in het verslag dat voor u ligt heeft mij inzicht gegeven in de werking van organisaties in het algemeen en specifiek de werking van een islamitische organisatie. Het heeft mij inzicht verschaft in de wisselwerking tussen het religieuze en het organisatorisch belang. Deze wisselwerking heb ik voornamelijk teruggezien in het inspelen op de behoeften van de verschillende doelgroepen van de moslimvereniging.

 

Waar de behoefte van de ene doelgroep ligt in de uiterlijkheden van de moslimvereniging, hecht een andere doelgroep meer waarde aan de verdieping in kennisontwikkeling. Het dilemma heb ik teruggezien in de afhankelijkheid van de moslimvereniging van de samenstelling van haar sociale achterban. Het onderzoek heeft mijn blik verruimt van leek naar professional in het kijken naar een organisatie met een islamitische achtergrond. Voor het onderzoek had ik het idee dat de aansturing van een islamitische organisatie enkel vanuit religieus oogpunt plaats vind. Door het doen van onderzoek naar de moslimvereniging neem ik tevens het strategisch organisatorisch uitgangspunt mee in mijn beeld in de aansturing van een islamitische organisatie.

 

De eenheid, welke ik tevens mis binnen de islamitische gemeenschap van Nederland in het algemeen, heb ik tevens als aandachtspunt opgemerkt in mijn onderzoek naar de organisatie van de moslimvereniging. Hetgeen ik heb ervaren als een grote uitdaging voor het bestuur van de moslimvereniging in de aansturing van de verschillende onderdelen en doelgroepen in de organisatie van haar vereniging. Mijn diepe respect gaat dan ook uit naar de bestuursleden van de moslimvereniging en met name naar hun invoer van strategische vernieuwing binnen een ingewortelde gedachten en handelingspatroon onder de leden van haar vereniging.

 

Mijn dank gaat uit naar de bestuursleden, hoofdimam, coördinator van de werkgroep ouderen, coördinator van de werkgroep jongeren en leden voor hun betrokkenheid bij dit onderzoek.

Hierbij wil ik een speciaal dankwoord geven aan de secretaris van de moslimvereniging, Asruf Muradin. Hij heeft mij in mijn onderzoek begeleidt en mij van een optimale informatiestroom voorzien. Dit heeft voor mij het doen van onderzoek vergemakkelijkt en tot haar recht laten komen. Tevens heeft Asruf dit onderzoek beschouwd als een voor de moslimvereniging bruikbaar stuk. Hierin heeft hij mijn onderzoek naar de organisatie van de moslimvereniging serieus genomen en als toegevoegde waarde gezien, hetgeen zich heeft uitgedrukt in een optimale medewerking en begeleiding bij mijn onderzoek.

 

                                                                                               

Bronvermelding

 

Sordam, M.I. Gevangen tussen meer culturen, achtergronden levenshouding en cultureel gedrag van Surinamers. Amsterdam 1998.

Werf, van der S. Allochtonen in de multiculturele samenleving. Een inleiding (Bussum 2002).

Muradin, A., secretaris (2009-2013) moslimvereniging Noeroel Islam. De identiteit van Noeroel Islam / Het licht van de Islam. Den Haag, oktober 2012.

Bestuur moslimvereniging  Noeroel Islam. Handboek Noeroel Islam, organisatiestructuur. Den Haag, april 2011.

 

VFI, brancheorganisatie van de landelijk wervende goede doelen organisaties. Advies van de commissie Code Goed Bestuur voor Goede Doelen. Lenthe Publishers, Amsterdam, juni 2005.

www.noeroelislam.nl

www.wikipedia.nl

www.encyclo.nl


 

Bijlagen

 

·      Interviewvragen aan

-       Bestuurslid

-       Hoofdimam

-       Hoofd werkgroep jongeren

-       Coördinator werkgroep jongeren

-       Hoofd werkgroep ouderen

-       Coördinator werkgroep ouderen

-       Hoofd werkgroep Arabisch

-       Coördinator werkgroep Arabisch

-       Hoofd werkgroep vrouwen

-       Coördinator werkgroep vrouwen

·       Taakomschrijving bestuursleden

·       Taakomschrijving hoofd werkgroep

·       Taakomschrijving coördinator

·       Organogram

 

Interview vragen

 

Ontstaansgeschiedenis

·       Welke culturele elementen (gebruiken – gewoonten) uit het oorspronkelijke land India van de Hindoestaans-                 Surinaamse moslims zijn duidelijke terug te zien in het religieuze aspect van het beleid van moslimvereniging            Noeroel Islam? (observatie: het Urdu als terugkerende taal in toespraken, in de uitleg gegeven aan een onderdeel        van  een activiteit, zoals tijdens de Arabische lessen, in het voordragen van lofliederen ter eren van de Profeet        (vzmh))

·       Met welk doel binnen het beleid van moslimvereniging Noeroel Islam, wordt het Urdu als taal ingezet tijdens                 activiteiten?

·       Heeft moslimvereniging Noeroel Islam haar bestaansrecht meegenomen in de overweging van dit beleid?

·       Op welke wijze ziet zij de door haar aangegeven culturele elementen terug in haar beleid in de toekomst?      (onderzoeksdoel: met het oog op haar potentiële leden de doelgroep ‘jongeren’)

·       Welke doelgroepen zetten zich voor de gemeenschap in voor, tijdens en vlak voor de oprichting van de    moslimvereniging?

·       Welke (religieuze en maatschappelijke) activiteiten vonden er plaats in het samenkomen van de gemeenschap    voor het bestaan van Noeroel Islam in haar rechtspositie van moslimvereniging?

·       Waar verrichtte de leden van moslimvereniging Noeroel Islam hun gebeden voor de oprichting van de vereniging               (of beter gezegd waar kwamen zij samen om uiting te geven aan hun geloofsbeleving)?

maatschappelijke context  (verleden):

·       Was de oprichting van een moskee c.q. moslimvereniging samen met moslims van andere culturele         achtergronden een optie (geweest)? (Is daar destijds door de gemeenschap over nagedacht?)

      Zo ja,wat is de reden dat een dergelijke samenwerking niet tot stand is gekomen?

      Zo nee,wat is de reden dat er niet aan een mogelijkheid tot samenwerking is gedacht?

·       Wanneer kreeg moslimvereniging Noeroel Islam haar (eerste) vaste locatie, gebouw?

·       Welk(e) argument(en) hebben de oprichters van moslimvereniging Noeroel Islam destijds gevoerd om zich als            vereniging te organiseren?      

·       Wat is de keuze van de oprichters geweest om zich niet enkel als moskee te verenigen, maar ook als               dialoogcentrum (meerdere functies)?

·       Op welke wijze heeft de benoeming van het bestuur plaats gevonden?

 

 

 

Beleid huidige bestuur

Organisatiestructuur

·       Valt moslimvereniging Noeroel Islam onder een koepelorganisatie of is zij gelieerd aan een organisatie?

·       Wat is de samenstelling van haar bestuur uitgedrukt in bestuursfuncties?

·       Wat is de leeftijd van de leden van het huidige bestuur van moslimvereniging Noeroel Islam?

·       Op welke wijze stellen gegadigden voor een bestuursfunctie zich verkiesbaar? (vorm)

·       Wat is in grote lijnen de (inhoudelijke) taakomschrijving van de bestuursleden?

·       Waar bestaat het algemeen bestuur uit?

·       Zijn de leden ook betrokken geweest bij de vaststelling van de taken en bevoegdheden van het huidige bestuur?         Zo ja,

·       In hoeverre hebben de leden hun inbreng kunnen geven aan deze vaststelling?

·       Welke procedure wordt gevolgd omtrent de benoeming van de hoofdimam of andere schriftgeleerden in de moslimvereniging?

·       Wat is de invulling van de rol van de coördinator van een werkgroep van de moslimvereniging?

·       Welke taken vallen onder zijn/ haar functie van coördinator?

·       Aan welke voorwaarden moet zijn/ haar handelen voldoen?

·       Welke rol speelt hij/ zij in de besluitvorming omtrent voorstellen en/ of invulling aan de werkwijze van de         werkgroep?

·       Welk aandeel hebben de leden in de besluitvorming (bij een zittend bestuur)?

·       Op welke wijze worden zij geïnformeerd over de te nemen of al genomen besluiten?

·       Welke invloed heeft de creditcrisis op het standpunt van de moslimvereniging in het niet ontvangen van subsidies       van de overheid?

·       Voor welke activiteiten zou de moslimvereniging eventueel subsidie aan willen vragen?

·       Welke invloed heeft de aanvraag van subsidies op de beschrijving van haar activiteiten? (bijv. is de moslimvereniging genoodzaakt zich meer op sociaal-maatschappelijke activiteiten te richten)

 

Beleid gericht op de doelgroep jongeren

·       Is het opnemen van een bestuurslid uit de doelgroep jongeren een optie?

·       Welke overwegingen worden in de voorstellen gedaan door de doelgroep jongeren (leden van de werkgroep                jongeren) meegenomen in de besluitvorming?

·       Waar ligt het initiatief het meest voor het tot stand brengen van activiteiten voor de doelgroep jongeren            (werkgroep jongeren)?

·       In hoeverre worden de jongeren zelf betrokken bij de besluitvorming? (worden zij uitgenodigd om hun voorstel te       beargumenteren, word hun belevingswereld meegenomen, word hun status van potentiële toekomstige leden en/       of bestuurdersfunctie meegenomen)

 

·       In welk opzicht (religieus en/of sociaal- maatschappelijk) ziet de moslimvereniging de doelgroep jongeren als              investering voor de toekomst?

·       Op welke wijze geeft zij hier invulling aan in haar beleid?

·       Welke verbeterpunten ziet de moslimvereniging in dit beleid?

 

·       In hoeverre heeft de imam zicht op de uitzonderingen welke in de geloofsbeleving van de doelgroep jongeren             plaats vinden?

·       Hoe gaat de hoofdimam hier mee om in zijn rol van geestelijk leider?

·       Welk onderscheid maakt de hoofdimam in het attenderen van de doelgroep jongeren ten opzichten van de    doelgroep ouderen ?

·       Welk(e) argument(en) voert hij voor dit onderscheid?

·       In welke elementen van het religieuze deel van het beleid is de doelgroep jongeren opgenomen? 

·       Wat is de procedure rondom de benoeming van de hoofdimam?

 

·       Is moslimvereniging Noeroel Islam zich bewust van de mogelijke drempel, welke kan worden ervaren door  de            doelgroep jongeren, in de voorwaarden op geloofsniveau welke aan de aanvraag van een lidmaatschap verbonden zijn? 

·       Op welke wijze tracht moslimvereniging Noeroel Islam haar identiteit, in het doorgeven van het licht, door te   geven aan de doelgroep jongeren? 

 

 

 

 

 

 

 


 

Taakomschrijving van de bestuursleden[17]

 

De voorzitter:

  1. Vertegenwoordigt de vereniging samen met  tenminste nog 1 lid van het bestuur.
  2. Zit de vergadering voor en bewaakt de processen.
  3. Onderhoudt de externe relaties
  4. Bereidt samen met de secretaris de vergaderingen voor
  5. De voorzitter houdt contact met de imam over  identiteitszaken en laat zich 1 keer per maand  informeren over de uitvoering van besluiten van het AB
  6. De voorzitter neemt geen besluiten zonder met het bestuur vooraf  te overleggen
  7. Coördineert de  samenwerking tussen de Soennitische djamaats in Nederland

 

De secretaris

  1. Is verantwoordelijk voor het maken van  notulen
  2. Is verantwoordelijk voor alle uitgaande correspondentie en binnengekomen post
  3. Bereidt samen met de voorzitter de vergadering voor en stelt de agenda vast
  4. Zorgt voor een inhoudelijke jaarverslag, na afloop van een jaar
  5. Procesbewaker

 

De penningmeester

  1. Is verantwoordelijk voor een correcte administratie en bewaakt de financiën
  2. Doet regelmatig verslag  van financiën en liefst 1 maal  per maand intern en per kwartaal voor de ALV.
  3. Zorgt voorafgaand aan een jaar voor  begroting, data bestuursvergadering en legt deze ter goedkeuring voor aan het algemeen bestuur
  4. Zorgt na afloop van een jaar, doch voor  1 mei van het nieuwe jaar, voor een jaarafrekening en legt de jaarafrekening ter goedkeuring voor aan het algemeen bestuur

 

De Commissaris

  1. Toezicht op de realisatie van de doelen , strategie en de risico’s
  2. Toezicht houden op de algemene gang van zaken
  3. Onderzoekt klachten inzake ongewenste omgangsvormen/ongewenst gedrag (intimidatie, agressie en geweld) in Noeroel Islam en doet aanbevelingen aan het bestuur.

 


 

Taakomschrijving hoofd werkgroep[18]

 

1.   Zit alle werkgroep vergaderingen voor.

2.   Adviseert de leden van de werkgroep.

3.   Brengt mededelingen van het bestuur over naar de werkgroep en omgekeerd.

4.   Bespreekt met het bestuur de voorstellen van de werkgroep.

5.   Aanspreekpunt maatschappelijke zaken.

6.   Stelt de agenda samen en roept vergadering bijeen.

7.   Is verantwoordelijk voor het kasboek van de werkgroep.

8.   In ontvangst nemen van de bijdragen en dit noteert en door communiceert.

9.   Is verantwoordelijk voor de werkmap Arabisch, presentielijst bewaken(absentie, nieuwe       aanmeldingen leerlingen en docenten enz.)


 

Taakomschrijving coördinator[19]

 

1.    De coördinator is verantwoordelijk voor het tot stand komen van het (les)programma van   de activiteiten van de werkgroep.

2.    De coördinator is woordvoerder en programmaleider wanneer de activiteiten van de           werkgroep plaats vinden.

3.    Bij afwezigheid wordt de coördinator vervangen door het hoofd van de werkgroep of een   ander bestuurslid, welke hij/ zij aanwijst.

4.    De coördinator  bepaalt verduidelijkt de taakverdeling en zorgt ervoor dat het aantal            benodigde vrijwilligers per keer worden benaderd.

5.    De coördinator delegeert de taken binnen de leden van de werkgroep.

6.    De coördinator  draagt de zorg voor de werving van nieuwe leden en hun functie binnen de           werkgroep.

7.    Hij/ zij coördineert de vragen van de leden van de eigen werkgroep naar de juiste personen           (bestuur, imam, instelling), tenzij de coördinator zelf imam is en de geloofsvragen voor zijn           rekening neemt.

8.    De coördinator bewaakt de ontwikkeling van ideeën voor de eigen werkgroep.

9.    De coördinator ontwikkeld verbeteringsprocessen en protocollen.

10.  De coördinator is het algemene aanspreekpunt voor de leden van de werkgroep en het      hoofd van de werkgroep.

11.  Verder is het belangrijk dat de coördinator beschikt over een PC en kan communiceren met          mailverkeer, waardoor onderlinge communicatie verbeterd kan worden.


 

Organogram [20]

 

 

 

 

 

Iesale Sawaab

 

Werkgroepen

Gebedsvoorgangers

 

Mielademoestafa

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 



[1]Muradin, A., secretaris (2009-2013) moslimvereniging Noeroel Islam. De identiteit van Noeroel Islam / Het licht van de Islam. Den Haag, oktober 2012.

[2] http://www.encyclo.nl/begrip/beleid

[3] Sordam, M.I. Gevangen tussen meer culturen, achtergronden levenshouding en cultureel gedrag van Surinamers. Amsterdam 1998.

[4]http://nl.wikipedia.org/wiki/Urdu

[5]Werf, van der S. Allochtonen in de multiculturele samenleving. Een inleiding (Bussum 2002).

[6]www.noeroelislam.nl

[7] www.noeroelislam.com/statuten

[8]www.noeroelislam.nl/gebedsboekje 2013

[9] Bestuur moslimvereniging  Noeroel Islam. Handboek Noeroel Islam, organisatiestructuur. Den Haag, april 2011.

[10] VFI, brancheorganisatie van de landelijk wervende goede doelen organisaties. Advies van de commissie Code Goed Bestuur voor Goede Doelen. Lenthe Publishers, Amsterdam, juni 2005.

[11]www.noeroelislam.com

[12]Muradin, A., secretaris moslimvereniging Noeroel Islam. De identiteit van Noeroel Islam / Het licht van de Islam. Den Haag, oktober 2012.

[13] http://www.encyclo.nl/begrip/non%20profit%20organisaties

[14] www.noeroelislam.nl/gebedsboekje 2013

[15]www.noeroelislam.nl/gebedsboekje 2013

[16] Muradin, A., secretaris moslimvereniging Noeroel Islam. De identiteit van Noeroel Islam / Het licht van de Islam. Den Haag, oktober 2012.

[17] Bestuur moslimvereniging  Noeroel Islam. Handboek Noeroel Islam, organisatiestructuur. Den Haag, april 2011.

 

[18] Bestuur moslimvereniging  Noeroel Islam. Handboek Noeroel Islam, organisatiestructuur. Den Haag, april 2011.

 

[19] Bestuur moslimvereniging  Noeroel Islam. Handboek Noeroel Islam, organisatiestructuur. Den Haag, april 2011.

 

[20] Bestuur moslimvereniging  Noeroel Islam. Handboek Noeroel Islam, organisatiestructuur. Den Haag, april 2011.

 

As Salahnoeroel islam 003.JPG``````````````````````````````````````````````````````

     

               

 

Salaatboek Noeroel Islam 1

 

 

 

                            

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Às Salah

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Assalamu alaykum

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Noeroel-Logo2.jpg

 

 

 

 

 

 

Alle lof komt Hem toe, de Heer der werelden.

As Salah

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Titel: As-Salah

© Noeroel Islam

Omslag ontwerp: Noeroel Islam

Vormgeving binnenwerk : Het bestuur 2009-2013

Druk Blomsma

ISBN 978 90 8169461 2

NUR 100 - Educatieve uitgaven algemeen

www.noeroelislam.com

e-mail: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 

 

 

Bismillah ir-Rahman ir-Rahim

In de naam van Allah, de Erbarmer, de Barmhartige. Lof zij aan Allah, de Heer van de werelden. De Heerser op de Dag des Oordeels. Wij dienen U en vragen Uw bijstand. Leid ons op het reacht pad (de juiste weg). Het pad  van degenen aan wie U Uw genade heeft geschonken, niet van hen wie U heeft verlaten, ook niet op die van de dwalenden.

 

Wat is de islam?

Je wilt als ‘buitenstaander’ weten wat de islam inhoudt. Iemand die een beetje internetvaardigheden bezit vindt snel een zee aan informatie. Dat lijkt een uitkomst en sneller kan het haast niet. Het zit echter niet zo simpel in elkaar. Welke informatie is juist? Door wie en welke organisatie is de informatie online gezet? Er zijn verschillende stromingen, rechtscholen, aftakkingen met fundamentalistische ideen. Je hebt soennieten, sjie’iten en andere groeperingen die van mening zijn dat ze moslims zijn. Hoe kom je aan de juiste info?

 

De geschriften, de Heilige Koran en ahadieth vormen geen identieke moslims. Ook de organisaties die de islam verspreiden en onderrichten zorgen niet voor eenduidige richtlijnen van het geloof. In de islam is er ook geen menselijk hoofd zoals in het christelijke geloof, daar heb je de paus als het hoogste gezag. Het politieke systeem in de islam is de kalifaat, dat plaatsvervanger betekent. De plaatsvervanger slaat op de leiding van de oemmah en niet een paalstvervanger van de Profeet.

Het verschil tussen soennieten en sjiieten

De leiding van het islamitische rijk ging naar Abu Bakr Sidiqi r.a. na het heengaan van de Profeet mohammed (s.a.w.)  Abu Bakr Sidiqi (r.a.) leefde nog twee jaar en werd de chaliefa genoemd. Hij werd opgevolgd door Omar r.a. Oethman r.a. volgde Oemar r.a op en werd gedood door een opstandige soldaat. Hierna eisten twee personen de kalifaat op: Ali r.a., die was getrouwd met Fatima r.a., een dochter van de Profeet (s.a.w.) Hij vond dat de opvolger uit het huis van de Profeet moest komen, een naaste aanverwante. De tweede persoon die de oemmah opeiste was Moe’awiya, de gouverr van de provincie Syrie. Zij vonden dat iedere moslim uit de stam van de Profeet (s.a.w.)geschikt was voor het leiderschap. De partij van Ali (r.a.) heet shi’at Ali en daaruit komtde naam van de stroming die hij achterliet ‘sjieiten’. De stroming van Moe’awiya is de nu bekend als soennieten.

 

 

Inhoudsopgave

Titel: As-Salah  5

© Noeroel Islam   5

Bismillah ir-Rahman ir-Rahim   6

Ibadat11

De Islam   13

Voorwoord  16

De vijf zuilen  23

De verplichte rituelen van ‘ibadat’ zijn:24

De vijf zuilen;24

De genoemde 5 punten heten de pijlers van de islam.24

De 6 basiselementen van de Islam   25

Een moslim gelooft in:25

Imaan Mofassiel:26

De vier wetscholen  26

Algemene Termen  27

Interieur van een moskee  27

Mihrab  28

Dagelijkse gebeden  30

Moskee en het gemeenschappelijk gebed  30

Nafil Salaat (vrijwillige gebeden)31

De 5 (vijf) dagelijkse namaaz gebeden  32

Leren van de salaat / namaaz  32

Algemene benamingen  33

Istindja is de voorwassing  34

De woezoe  35

Dua na de woezoe  40

Ongeldigheid van de woezoe  41

Ghusl41

Sunna  ghusl42

Wat verboden is zonder ghusl of wuzu  43

Sunnah  ghusl43

De azaan  44

Dit alleen bij Fadjr gebed opzeggen  45

De aanwezigen in de moskee - Moektadie  45

Dua na de azaan  45

Rakaat46

Iqamat46

Het gebed  47

Opmerkingen  in verband met de woezoe  47

De Ma'zoer48

Namaazalgemeen  48

Detijd  49

Istiqbaale qiblah  50

Niy-yah  50

Faraiz  in de namaaz.50

De waadjibaat in de namaaz  50

Sunnah's in de namaaz  52

Mustahabbaat in de namaaz  54

De namaaz / het moslimgebed  58

volgens de sunnah van de profeet58

(s.a.w.)58

Volg eerst de zeven voorwaarden voor de namaaz.58

De qi-yaam   59

De tasmiy-yah  61

De Roekoe  63

Tahmied:64

Djalsah  66

Opstaan uit de djalsah  67

Djalsah en tashahud  68

Dua na de daroed  70

De kledingvoorschriften voor vrouwen  80

Zittend bidden  81

Ramadan aanwijzingen  82

Sehrie Niejat82

Sterfdag van Imaam Hussain als martelaar88

Zakaat - Gave / armenbelasting  92

Salat al Tasbih  96

Qiyamul Lail98

Tayammum   103

Fajr106

Zohr106

Djoema  107

Maghrieb salaat109

Isha  109

Madhab uitgelicht110

Oemma  111

Woordenlijst114

Literatuurlijst en bronnen  131

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ibadat

De Islam is een integraal geheel. Het omvat alle aspectenvan het leven van de mens. De pijlers verenigen alle menselijke activiteiten, spiritueel en materieel, individueelen collectief. Het Arabische woord ibadah of ibada, gewoonlijk vertaald met 'aanbidding', is verbonden met aanverwante woorden en het betekent letterlijk "slavernij". Dit woord heeftook andereemotionele betekenissen, buiten de eigenlijke betekenis. De aanverwante betekenissen zijn: gehoorzaamheid, onderwerping en nederigheid. Het woord betekent taalkundig "gehoorzaamheid met onderwerping"

 

De rituelen van 'Ibadat’ maken ‘geloof’ (Imaan) tot een praktische en doeltreffenderol in het menselijk leven. 'Ibadat’ is dus iets positiefs. Het is het middel waarmee de getrouwen van Allah hun medemensen kunnen dienen.

 

 

 


As-Salah

 

Uitgegeven door Noeroel Islam

 

De Islam betekent overgave aan Allah (s.w.t.) Een moslim onderwerpt zich aan Allah (s.w.t.) en aan Zijn regels. Het heilige boek van de moslims heet de Quran (betekentoplezing, voordracht ) en het is door Allah (s.w.t.) via de aartsengel Gabriel aan Mohamed (s.a.w.) doorgegeven. Behalve de heilige Quran vormen de overleveringen (Ahadith) waarin de levenswijze, standpunten en gezegden van de Profeet (s.w.t.) voorkomen de bron voor de moslims om uit te putten.

 

Enkele betrouwbare Ahadith boeken zijn:

De Sahi Bukhari, De Sahi Muslim, Abu Dawoed, Tirmizi, en Mishkaat Sharief.

 

De Quraan bestaat uit 114 hoofdstukken (Soeras) en 6666 aya's (verzen). De kortste soera bestaat uit drie en de langste 286 aya’s.

 

 

Dit boek is met zorg samengesteld. Toch kunnen er fouten in staan. Mocht het zijn dat je hierin fouten constateert, meldt het ons zodat wij bij de nadruk correcties kunnen aanbrengen en daardoor een beter werk kunnen aanbieden.

 

Noeroel Islam

Scheepersstraat 188

2572 AP  DEN HAAG

www.noeroelislam.com

Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 

 

 

 

 

 

 


 

 

Druk; mei 2013

Drukkerij / uitgeverij:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Copyrights © Noeroel Islam

Eerste druk 2013

Titel: As-Salah

Omslag ontwerp: Noeroel Islam

Vormgeving binnenwerk: Het bestuur2009-2013

Druk (Blomsma)

 

 

 

 

 


 

Voorwoord

Assalam-U-Alaykum

Is de gebruikelijke manier van moslims om elkaar te groeten. Het betekent ‘Vrede zij met u.’ De correcte wedergroet is ‘Wa alaikum assalaam’ Dat betekent ook vrede zij met u maar dan als wedergroet voor degene die je als eerste heeft gegroet.

 

Een andere versie van deze groet luidt als volgt: Assalamu alaikum wa rahmatullah. Moge de vrede en genade van Allah (s.w.t.) met u zijn. Als laatste een uitgebreide versie. Assalamu alaikum wa rahmatullahi wa barakatuh. Moge de vrede,  genade en zegeningen van Allah (s.w.t.) met u zijn. Het antwoord is dan ‘Assalamu alaikum wa rahmatullah’. Moge de vrede en genade van Alla (s.w.t) op u rusten.

 

De Islam is liefde

Dit boek is met zorg samengesteld door de Haagsche Moslim Vereniging Noeroel Islam (Licht van de Islam). Het algemeen beleid van de Noeroel Islam is om alle mensen op de eerste plaats als mens te behandelen. Wij zijn ons bewust van de verschillen in geloofsleer binnen de Islam. Ondanks dat pakken wij geloofszaken met liefde aan en laten iedereen toe in het verenigingsgebouw (Dialoogruimte). Onze aanpak is in gesprek te raken met bezoekers. Noeroel Islam vertelt aan bezoekers wat de Islam precies inhoudt en wat wij doen om de Islam te verspreiden. Die zijn daarna vrij om te doen wat ze willen. In het geloof is er geen dwang.


 

In dit boek kom je een uitleg tegen op basis van de sunnah, de wijze van de Profeet (s.a.w.). Dit boek is bedoeld voor iedereen die meer wil weten over de Islam. Het is uitermate geschikt voor beginnelingen of bekeerlingen en is een inleiding in de basisbeginselen van de Islam. De behandeling  van de materie is simpel gehouden, maar wel zodanig afgesteld dat een beginneling alle basisbeginselen hierin terugvindt. Dat is gedaan om dit boek praktisch en ter zake te houden.  

 

Tevens kan dit boek ook dienen om basiskennis over de Islam weer op peil te brengen. Het beginpunt zijn de vijf pilaren van de Islam. Allereerst komen een aantal termen aan de beurt en daarna het moslimgebed.

 

Het is je al opgevallen dat er in dit boek telkens bij de naam van Allah de afkortingen tussen de haakjes (s.w.t.) staan en bij de naam van de Profeet (s.a.w.). Deze afkorting s.a.w. betekent: Soebh'anahoe wa Ta'aalaa-‘Glorieus en Verheven is Hij. De afkorting na Profeet Mohammed (saw) betekent "SallAllahu Alaihi Wa Sallam" in het Arabisch en betekent: Moge de vrede en zegeningen van Allah op Hem (s.a.w) rusten. Die afkortingen staan er uit respect voor de Schepper van hemel en aarde en voor Zijn laatste Profeet (s.a.w.).

 

Rijp voor de Islam

Je hebt belangstelling voor de islam, maar je weet niet exact wat te doen. Je kunt het beste beginnen door een imam of schriftgeleerde te spreken of door te lezen over de Islam. Het is echter zo dat je verschillende stromingen hebt in de Islam. Welke is de goede? Je hebt te maken met de vier wetscholen. Waarmee begin je? Als je alles door elkaar leest en toepast, neem je van verschillende scholen wat mee. De benadering van de verschillende groeperingen die de Islam praktiseren is verschillend, al zijn de verschillen klein dan nog kunnen ze voor verwarring zorgdragen..

 

De meeste imams hebben lespakketten die je klaarstomen of verder leiden in het geloof. Voor geloofszaken ben je aangewezen op de schriftgeleerden die de juiste weg voor je kunnen uitstippelen.

 

In de moskee vind je aanwijzingen hierover. Je hoeft de toetreding tot de Islam niet uit te stellen omdat je eerst veel over wilt weten. Je kunt al doende leren.

 

Eerste stap is de geloofbelijdenis, waar je verklaart te geloven in Allah (s.w.t.) en dat de Profeet (s.a.w.) Zijn boodschapper is.

 

De begeleiding gebeurt vaak in de moskee door vergevorderde moslims of door de imam zelf. Veel mensen gaan ervan uit nog niet ‘rijp’ te zijn voor de Islam.

 

Iedereen is echter op elk ogenblik rijp voor de Islam. Iemand die meer wil weten over de Islam heeft vaak bepaalde ideeën over het geloof. Gaan er van uit dat ze eerst heel goed moeten kunnen bidden, een hoofddoek of hijab moeten dragen, arabisch moeten kunnen spreken en lezen.

 

Je moet ergens beginnen en het begin is de basiskennis van de Islam, daarna shahadah ookwel de geloofsbelijdenis genoemd. Of eerst de shahadah en daarna al het andere wat je zelf maar wilt. Misschien wil je eerst een tijdje de moskee bezoeken en het meemaken, dat kan. Er zijn verschillende wegen die naar de Islam leiden.

 

Bekeerlingen

Kennis vergaar je tijdens het leven. Het is ondenkbaar dat iemand met een complete dosering kennis over het geloof op de wereld komt. In deze tijd van snelle informatievorziening via internet en fora waarin vele godsdiensten actief zijn, komen andersdenkenden natuurlijk ook in aanraking met moslims.

 

Daarom komt het ook vaak voor dat de interesse voor de Islam bij iemand toeneemt en kan leiden tot vergaande belangstelling. Nieuwe gelovigen die de Islam willen omhelzen, willen weten hoe ze kunnen toetreden tot het islamitische geloof. Wat ze ‘moeten’ weten of wat ze ‘moeten’ doen om toe te treden.

 

Twijfels die er rijzen, andere levensvragen die gepaard gaan met een dergelijk besluit. Hoe zal de omgeving reageren, wat gaat de familie zeggen? Hoe ziet mijn leven er nu uit en hoe zal het daarna eruit zien? Is het te doen? Wie kan mij begeleiden, waar moet ik op letten?

 

Dit boek gaat daarop in. Dat gaat bijna onopgemerkt. Het verschil met traditionele handleidingen zit in de benadering, in de beschrijving, de woordkeuze. Alles wat voor meerdere uitleg in aanmerking komt is achterwege gelaten. De benadering is zuiver gericht op het stap voor stap begeleiden van de nieuwe gelovige.

 

Dit boek mag je meer als een handleiding zien. De samenstellers hebben niet het idee gehad om een complete handleiding neer te zetten. De Islam is veelomvattend. Er zijn tal van onderwerpen die de gelovige en praktiserende moslim nog kan bestuderen. Arabische teksten zijn achterwege gelaten. De bedoeling is om eerst de basisbeginselen te kennen en daarna kan de belangstellende zich verder verdiepen in de Islam. Dat kan van het leren van Arabisch tot zich verder verdiepen in de materie. Het ligt helemaal aan de persoon zelf, welk pad hij kiest op dat vlak. We beginnen bij het begin:

 

Reinheid - Taharat

Reinheid is altijd belangrijk. Hygiëne is een bescherming tegen veroorzakers van ziektebeelden. Het is altijd goed voor je omgeving als je zelf rein bent en schoon bent van lichaam en geest. Bij taharat gaat het voornamelijk om de lichamelijke reinheid. De geestelijke reinheid is een onderwerp apart. Het soefisme[NI1]  (tasawwuf) is de mystiek van de islam die de reinheid van de geest behandelt.

 

Iedereen die achter de imam / gebedsvoorganger bidt hoort de imam te volgen in het gebed. De volgeling (muqtadi) is iemand die aan het bidden is in een rij (saf) voor een gezamenlijke gebed achter de imam. De moskee (masdjied) is een dergelijke ruimte waar veel mensen komen die ook nog dichtbij elkaar staan of zitten. Je komt met andere mensen in aanraking en het is altijd beter als je zelf schoon bent van geest en van lichaam. Dat geeft aan een ieder een prettig gevoel. Hoe kun je geestelijk schoon zijn? Bijvoorbeeld door niet constant negatief te doen, niet kwaadspreken, de onwaarheid achterwege laten, lief en vriendelijk te leven met anderen, dienstbaar zijn aan de gemeenschap, proberen te leven zoals de Profeet (s.a.w.) heeft geleefd.

 

Reinheid is dus Tahaarah in het Arabisch, Wij gebruiken de schrijfwijze Taharat. Voor het binnengaan van de moskee en het aanraken van de Helige Koran is reinheid van belang. Je kunt niet met een hand vol olieresten en specerijen, omdat je net vis hebt gegeten en je handen niet hebt gewassen of de kliene wassing niet hebben gedaan, de moskee binnengaan, iedereen een hand geven en daarna de heilige Koran van de plank halen en daaruit gaan zitten lezen.

Het boek komt onder de olie te zitten, de mensen die je een hand hebt gegeven krijgen een vislucht, kortom dat is geen nette gang van zaken. De richtlijnen hebben ook te maken met praktische zaken. Netheid, voorkom dat je anderen tot last bent in een openbare ruimte. Als mannen en vrouwen samen in een ruimte mochten bidden dan was de kans groot dat de mannen en vrouwen hun concentratie eerder konden verliezen.

 

In de Islam zin er bij het bidden bepaalde lichaamshoudingen die van belang zijn. De scheiding tussen mannen en vrouwen is praktisch van aard. Taharat komt niet zomaar. Er komt eerst een paar stappen rituele wassing bij kijken, dat zie je iets verder in dit boek.

 

De shahadah – geloofsbelijdenis

Moslim worden vergt geen ingewikkelde en- of langdurige rituelen. Het opzeggen, of nazeggen van de geloofsbelijdenis, de shahadah, is voldoende om toe te treden tot de moslimgemeenschap (ummah). Wie dat met zuivere intentie (nieyat) om het geloof te aanvaarden uitspreekt kan zich moslim noemen. In de praktijk komen er nog een aantal zaken bij die bij het uitoefenen van het geloof horen. Met de shahadah getuig je overtuigd tegenover Allah, dat er geen God is dan Allah en dat de laatste Profeet Mohammad (SallAllahu Alaihi Wa Sallam) Zijn dienaar en boodschapper is.

 

De bekeerling omarmt met het uitspreken van de shahadah ook de vijf zuilen van de Islam en de zes basiselementen van het geloof (Imaan).

 

Het opzeggen van de shahadah kan in afzondering gebeuren. Of  in het bijzijn van anderen. In Noeroel Islam is het gebruikelijk dat de imam de getuigenis opzegt en aanhoort voor de nieuwe gelovige. Dat kan thuis bij de bekeerling gebeuren, bij de imam thuis of in de moskee. In het bijzijn van de imam heeft als voordeel dat hij de gelovige gelijk kan inlichten over het vervolgtraject om als moslim door het leven te gaan. Verder kan hij in het netwerk van de imam ook in contact komen met andere leeftijdsgenoten en of nieuwe gelovigen die hem of haar verder kunnen begeleiden en om samen kennis over het geloof op te doen in de moskee of daarbuiten via speciale lessen voor belangstellenden.

 

Op die wijze pas je het geleerde samen toe in de praktijk. Denk aan de dagelijkse gebeden en aan de vaste activiteiten van de moskee, zoals islamitische feestdagen en herdenkingen van aulia Allah’s (Vrienden van Allah - zij die door hun handelingen op de weg van Allah hebben gewandeld).

 

 

Shahadah (Getuigenis):

 

Ashahado An Laa ilaaha illal Laho Wahdahoo Laa Shareeka Lahoo Wa Ash Hado Anna Mohammadan Abdo Hoo Wa Rasoolohoo.

 

Ik getuig dat er geen God is behalve Allah (s.w.t.) en Hij is zonder partner of deelgenoot. En ik getuig dat Mohammed (s.a.w.) Zijn dienaar en Zijn boodschapper is.

 

Deze Shahadah is de geloofsbelijdenis. Deze woorden vanuit het hart, overtuigd uitgesproken is voldoende om iemand moslim / a te maken.

 

Direct na het uitspreken van de shahadah in het bijzijn van twee getuigen of in de gemeenschap, of alleen tegenover Allah (s.w.t.) is een bekeerling moslim. Voorwaarde is dat de bekeerling uit volle overtuiging de sahadat uitspreekt. Voorts maakt de sahadat onderdeel uit van de azaan en de iqamat die de 5 dagelijkse salaats voorafgaan. Meer over de azaan en de iqamat verder in dit boek.

 

Geprezen isAllah en alle lof voor Allah en er is geen god behalve Allah, en Allah is Groot. Er is geen macht en geen kracht behalve van Allah, de Allerhoogste, de Allergrootste.

 

De vijf zuilen

De vijf zuilen zijn de pilaren van de Islam waarop het geloof steunt. Nieuwelingen in het geloof of bekeerlingen doen er goed aan om de vijf zuilen te bestuderen. Als eerste kan een belangstellende die overweegt om moslim te worden zich richten op deze vijf basisbeginselen.

 

Zodra de belangstellende deze vijf basisbeginselen heeft aanvaard en erin gelooft en overtuigd is dat uitvoering geen problemen zal opleveren, is die persoon goed op weg om de Islam te aanvaarden.

 

Het is niet nodig om eerst een bepaalde hoeveelheid kennis te bezitten en dan moslim te worden. Nadat iemand moslim is geworden kan die persoon zich verder in het geloof verdiepen. Ook de mogelijkheid om eerst te bekeren en dan te leren bidden of Arabisch te leren is helemaal open. Er is niet direct zoiets als een strikte volgorde.

 

Voor de bekeerling of de moslim in het algemeen is het niet onverstandig om meer te weten over het geloof dat men aanhangt. Maar je hoeft je niet te overhaasten. Stap voor stap kun je de Islam tot je nemen. De Islam bestaat uit heel veel onderwerpen. Het is onmogelijk om dat allemaal te noemen in een basisboek. Dat is duidelijk niet de insteek van dit boek. Nadat je iets verder bent gevorderd in de materie kun je zelf onderzoeken hoe het zit.

De verplichte rituelen van ‘ibadat’ zijn:

De vijf zuilen;

1. Shahadah (Geloofsbelijdenis)

2. De vijf dagelijkse gebeden (Salaats)

3. Het vasten (Saum)

4. Zakaat ( Armenbelasting)

5. Bedevaart  (Hadj)

 

Een andere vorm van ibadat is het voeren van ‘Djihaad’, een heilige oorlog tegen de verlokkingen van het aards leven. Deze djihaad is gericht tegen het ego. Dat in tegenstelling tot wat men in het Westen als djihaad bestempelt. De djihaad heeft een negatieve klank in het Westen.  Deze term is misbruikt om de militante houding van groeperingen aan te scherpen in de pers.  Er is veel misbruik gemaakt van dit woord. In de islamitische mystiek heeft dit woord een positieve benadering.

 

De genoemde 5 punten heten de pijlers van de islam.

De islam is een integraal geheel. Het omvat alle aspectenvan het leven van de mens. De pijlers verenigen alle menselijke activiteiten, spiritueel en materieel, individueelen collectief.

 

Het Arabische woord ibadah of ibada, gewoonlijk vertaald met 'aanbidding', is verbonden met aanverwante woorden en het betekent letterlijk "slavernij". Dit woord heeftook andereemotionele betekenissen, buiten de eigenlijke betekenis. De aanverwante betekenissen zijn: gehoorzaamheid, onderwerping en nederigheid. Het woord betekent taalkundig "gehoorzaamheid met onderwerping"

 

De rituelen van 'Ibadat’  maken ‘geloof’ (Imaan) tot een praktische en doeltreffenderol in het menselijk leven. 'Ibadat’ is dus iets positiefs. Het is het middel waarmee de getrouwen van Allah en hun medemensen kunnen dienen.

 

De salaat (het gebed), is het onderwerp van dit boekje, is een essentieel onderdeel van ‘ibadat '. DeProfeet (saw) heeft gezegd: "Salaat is de belangrijkste pijler van de islam en wiedeze nalaat mist een zeer belangrijk onderdeel van de Islam.

 

De 6 basiselementen van de Islam

Alsmoslim is de kennis over het geloof een verreiste. De 6 basiselementen van de islam. Kennis van de zes zuilen van de imaan (het erkennen en tegelijkertijd aanvaarden en zich onderwerpen). Deze zes elementen vormen de basis van de islamitische geloofsleer (Aqieda).

 

Een moslim gelooft in:

1.      De eenheid van Allah (s.w.t.)

2.      De engelen

3.      De gezonden profeten

4.      De geopenbaarde boeken

5.      De dag Oordeels

6.      De voorbeschikking

 

Bij een moslim heeft de kennis over de zes zuilen een belangerijke plaats. De intentie om uit te voeren wat de Islam voorschrijft is een wezenlijk onderdeel van de Islam, al kun je niet alles goed in uitvoering brengen.

 

 

 

Imaan Mofassiel:

Amanto billahe wa Mala-e katehie wa Kotobehie wa Rosolehie wal jaumil aagere wal qadre gairehie was sjarrehie minal-lahe ta’ala wal base badal maut.

 

Ik geloof in Allah en in zijn Engelen en in zijn boeken en in zijn profeten en in de laatste dag en in alle voorspoed en tegenspoed, welke door Allah beslist zijn en in de opstanding na de dood.

 

Imaan Modjammil:

Amanto billahe kama howa be-asmaa-ehie wa sifaatehie wa qabilto djamie-a ah-kamehie, ikraroem bille-sane wa tasdieqoem bil-qalb.

 

Ik geloof standvastig in Allah met al Zijn (Helige) namen en (zijn wonderlijke) hoedanigheden en ik aanvaard al Zijn geboden en verboden met hart en ziel.

 

De vier wetscholen

In de Islam zijn er vier wetscholen, te weten:

 

Hanafie,

Malikie,

Shafi,

Hanbali.

 

Deze vier wetscholen kunnen vredig samen werken. Alle vier scholen zijn geaccepteerd in de Islam. In Noeroel Islam, die de wetschool van Hanafie aanhangt is het een gebruik om de uitvoerende islamitische taken met betrekking tot het gebed door hanafieten te laten doen. Dus vanaf de azaan, iqamat tot het voorgaan in het gebed zullen door aanhangers van de Hanafie wetschool worden gedaan. Er zijn minimale verschillen tussen de verschillende wetscholen in de uitvoering van het gebed. Om verwarring te voorkomen verkiest Noeroel Islam in de uitvoering voor enkel hanafitische uitvoerders van het gebed en wat ermee samenhangt zoals  de azaan en de iqamat.
 

Algemene Termen

De moskee

Het gebedshuis heet in de Islam een Masdjied, wij zeggen in het Nederlands moskee. De ruimte waarin het islamitische gebed plaats vindt is een moskee voor de religieuse bijeenkomsten. Behalve het gebed komen moslims ook voor de gedenkdagen en feesten naar de moskee. Noeroel Islam is een op dialoog gerichte instelling, een vereniging die in gesprek blijft met mensen van alle geloofsrichtingen. Niet voor niets is het opgenomen in het algemeen beleid van deze vereniging om te zeggen: Iedereen is welkom!

 

Interieur van een moskee

In een moskee zie je geen stoelen of banken net als in een kerk. Er ligt een vloerbedekking met rechthoeken erop getekend, waarop wordt gebeden. Omdat er verder geen afbeeldingen in een moskee mogen, zie je wand en plafondversieringen. Kaligrafie en getekende ornamenten. In het midden van de moskee is er vaak een koepel. Van binnen kun je in de koepel kijken die ook is versierd. Daarnaast zie ook een nis, mihrab, daar staat de imam, die voorgaat in het gebed. Rechts van de Mihrab staat er een mimbar, een preekstoel met een oneven aantal treden. Kenmerkend verder voor een moskee zijn zuilen of kolommen en gewelfde vormen. Hoewel er ook moskeeen voorkomen die in gewone huizen zijn ondergebracht. In Nederland heb je veel kleine moskeeen die ergens met een aantal gelovigen beginnen met een moskee.

 

Mihrab

De mihrab is de gebedsnis in de moskee die de gebedsrichting (qibla) aangeeft. Het is versierd en omringd met ayat uit de Koran. De imam gebruikt de mihrab om tijdens de salat voor te gaan in het gebed. De nis is er voor het versterken van het geluid en om de aanwezigen synchroon te laten bidden. Minbar

 

Een minbar naast de mihrab

 

De minbar is het preekgestoelte in de moskee waar de imam een de preek, de khutbah, uitspreekt tijdens het gebed op vrijdag(djoema). De minbar staat rechts van de mihrab. Een minbar is meestal fraai gedecoreerd, kan de vorm van een torentje hebben en heeft een oneven aantal treden dat naar het optionele torentje leidt. De minbar kan ook een verhoging zijn, bereikbaar door een aantal treden.

 

Dagelijkse gebeden

Op de derde plaats in het rijtje staat het gebed. Moslims bidden vijf keer per dag. In het Westen bidden de gelovigen aan de hand van gebedstabbellen, die door de geleerden zijn samengesteld. In die tabellen komen de vijf verschillende tijden in voor waarop er dagelijk de vijf gebeden ten uitvoer plaats vindt. Aan het eind van dit boek is er een voorbeeld opgenomen van de tabel die de moskee verspreidt onder de leden, gelovigen in Nederland. Let wel dat er verschillen zijn in de tijden die verschillende moskeeen hanteren. De verschillen hebben te maken met de wijze van berekening van de vier wetscholen.

 

Moskee en het gemeenschappelijk gebed

Abdoellah bin Amr (r.a.) vertelde dat hij de Heilige Profeet (s.a.w.)hoorde zeggen: "Een gebed in Djamaat (gemeenschappelijk) is 27x meer waard dan de Salaat die individueel verricht wordt."

 

In een Hadith wordt gezegd: Van al de plaatsen op aarde zijn de moskeeën het meest geliefd bij Allah (s.w.t.).

 

In een ander Hadith worden de moskeeën, "De tuinen van het Paradijs" genoemd.

 

Bij het binnengaan van de Moskee

Zet eerst je rechtervoet over de drempel en zeg de volgende Dua:

 

"Biesmiellaahie was salaamoe 'alaa rasoeliel-laahie; Allaahoemma- waf-tahlie abwaaba rahmatiek"

 

("In naam van Allah. Vrede zij met de Boodschapper van Allah; o Allah, open de poorten van uw Genade voor mij.")

 

Bij het verlaten van de Moskee

Zet eerst je linkervoet over de drempel en zeg de volgende Dua:

 

"Biesmiellaahie was salaamoe 'alaa rasoeliel-laahie; Allaahoemmagh-firlie dhoe-noebie waf-tahlie abwaa-bafad-liek."

 

("In naam van Allah. Vrede zij met de Boodschapper van Allah; o Allah, vergeef mij mijn zonden en open voor mij de Poorten van Uw gunst.")

 

Volg de imam in de moskee tijdens het gebed

Bij het gemeenschappelijk gebed is de imam de persoon die leidt. Je wacht tot de imam eerst de opeenvolgende bewegingen heeft ingezet en daarna vol je hem. Dus niet voordat de imam dit doet maar ook het gelijktijdig in ruku of sadj-dah gaan (met de imam) is niet conform de regels. Pas als de imam de handeling al heeft ingezet volg je hem daarin mee.

 

Nafil Salaat (vrijwillige gebeden)

Als er gebreken gevonden worden in de 'Farz Salaat' (verplichte Salaat), dan zal Allah (s.w.t.].) zeggen (tot de engelen): Kijk naar de 'Nafil Salaat' (vrijwillige gebeden). Dan zullen de gebreken in de 'Farz Salaat' goed gemaakt worden door de vrijwillige gebeden. Deze Hadith laat zien dat we de 'Nafil Salaat' als reserve moeten hebben om tekortkomingen van onze 'Farz Salaat' aan te vullen.

 

De 5 (vijf) dagelijkse namaaz gebeden

Dagelijkse gebeden

Naam van het gebed

Sunnah

Aantal Rakaat

Farz

Aantal Rakaat

Sunnah

Aantal Rakaat

Nafil

Aantal Rakaat

Fadjr

2

2

-

-

Zohr

4

4

2

2

Asr

4

4

-

-

Maghrib

-

3

2

2

Isha

4

4

2

2+3 Witr en 2 Nafil

 

“Ik neem aan dat uw taak met betekking tot de instandhouding van de Gebeden het belangrijkste werk is. Degene die zijn gebed behoudt, weet in werkelijkheid dat hij zijn gehele religie bewaakt. En degene die zijn Gebeden verwaarloost, zal op een gegeven ogenblik de rest van zijn religie evenzeer vernietigen,”

(Mieskat Sharief)

 

Leren van de salaat / namaaz kan het beste in de moskee zelf. Je kunt het thuis ook doen als je het nooit eerder hebt gedaan, maar om het verder te perfectioneren kun je naar de moskee gaan en daar de andere gelovigen volgen. In de praktijk van de moskee leer je het bidden en de gebruiken kennen.

 

 


 

Algemene benamingen

Fars (Fardh) meervoud is faraiz: religieuze plicht

Waadjib: (religieuze plicht zonder extra nadruk) meervoud is wadjibaat.

Sunnah Mu-ak-kaddah; handelingen, soennah, die geen fars zijn, maar wel aanbevolen. Meervoud van sunnah is sunan.

Sunnah ghair -mu-ak-kadah: handelingen die niet zijn aanbevolen omdat de Helige Profeet (s.a.w.) ze daarop geen extra nadruk heeft gelegd.

Mustahab: aanbevolen door vooraanstaande geleerden in de ummah. Meervoud is mustahabbaat.

Mubaah: Onder verwijzing naar deacties die niet worden beschouwd als Halaal, Haraam, Soennah enzovoorts.

Gilaafe awla:doen wordt beloond en niet doen heeft geen enkele gevolgen.

Makroeh Tanziehie: ongewenste zaken zonder gevolgen. Nalaten van deze zaken wordt door de meerderheid als iets goed aangemerkt.

Asaa’at: bewuste herhaling is zonde.

Makroeh Tahriemie:iets dat wel verboden is maar niet duidelijk verwoord.

Halaal: Toegestaan.

Haraam: verboden.

 

 

Reinheid is de helft van het geloof

Wees schoon en zuiver voordat je begint met het gebed. De Heilige Quoran zegt:"Voorzeker, Allah houdt van degenen die zich tot Hem wenden en degenen die het gebed in reinheid tegemoet treden.”

 

Reinheid van geest, lichaam en kleding heet taharat of zuivering. Het is in een gezuiverde toestand toegestaan om de salaat uit te voeren.Zuivering van het lichaam wordt bereikt door zich te wassen met schoon water. Degedeeltelijke wassing staat bekend als de woezoe of de rituele wassing, en de totale wassing is de ghusl of het nemen van een heel bad waarbij het hele lichaam wordt gewassen.

 

Istindja is de voorwassing

De istindja begint met: Bismilaahir-rahmanir-rahiem

Daarop volgt de dua: Bismil-laah Al-laahuma in-nie a’oedhubika minal gubthi wal gabaaíth (in naam van Allah. Ik zoek bescherming bij U tegen onreinheid en onreine invloeden van het kwade).

·         Ga het toilet binnen met het linkerbeen

·         Na de plichtplegingen welke plaatsvinden in een toilet gebruikt u toiletpapier met de linkerhand.

·         Daarna wast u de lichaamsdelen ook met de linkerhand, gevolgd door het afdrogen met toiletpapier of een daarvoor bestemde doek.

·         Verlaat het toilet met het rechterbeen.

·         Daarna volgt de dua: Ghufraanaka alhamdu lil-laahil-ladhie adh-haba an-nil adhaa wa aafaanie (Allah, ik smeek U vergiffenis. U zei geprezen voor het verlossen van schadelijkheid en voor de rust die U geeft).

 

Makroehaat in de istindja

·         Met de rug of gezicht in de richting van de qibla zitten.

·         Praten in het toilet.

·         Staande istindja doen behoeften.

·         Verrichten van de istindja met de rechterhand.

 

 

De woezoe

Neem je voor om de woezoe te maken, dat is de intentie; In naam van Allah ga ik woezoe maken om Zijn zegen te krijgen en om onzuiverheden weg te halen. Het memoreren van de intentie voor de woezoe is geen vereiste, maar het is wel goed om het te doen.

 

Daarna Bismil-laahir-rahmaanir-rahiem (in naam van Allah, de barmhartige, de genadevolle). Bij het wassen van de verschillende lichaamsdelen is het aanbevolen om de volgende dua steeds bij elk lichaamsdeel te herhalen:

 

Bismil-laah. Al-laahum-ma sal-li alaa say-yidinaa Muham-madinw-wa alaa aali say-yidinaa Muham-madinw-wa baarik wa salim.

 

(In naam van Allah, moge Uw zegeningen op onze meester Muhammad en zijn volgelingen rusten).

 

1. Het is aanbevolen om beide handen vanuit het polsgewricht drie keer te wassen. Was beide handen tot de polsen drie keer, zorg ervoor dat elk deel ook tussen de vingers is bevochtigd met water, zoals aangegeven in de figuur

                         

           Figuur1.                            Figuur 2.

 

2. Poets je gebit schoon met een miswaak of een tandenborstel. Neem  een handvol water in de mond met je rechterhand en spoel de mond drie keer, elke keer neem je een handvol water in de mond zoals aangegeven infiguur 2. Een keer gorgelen is al voldoende. Het is afgeraden om te gorgelen tijdens het vasten. Figuur 2.

                                  

                       Figuur 3.                                        Figuur 4.

 

 

 

 

1.      Snuif water via de rechter handpalm in de neus en snuit het het water met de linkerhand (driemaal) weer eruit- zoals aangegeven in figuur 3. Was de binnenkant van beide neusgaten met je linkerpink. Het is aanbevolen om dit ook drie keer te doen zoals aangegeven.  Figuur 3.

 

 

 

        

                     Figuur 5                                 Figuur 6

 

 

2.      Was het gezicht van oor tot oor zoals in figuur 4 en 5 aangegeven en het voorhoofd tot aan de kin ook drie keer, zoals aangegeven in de figuren 5, 6. Het is aanbevolen om het gezicht vanaf de haarlijn tot de kin te wassen, inclusief de binnenkant tot de huid van een dikke baard. Het is aanbevolen om het gezicht ook drie keer te wassen.

 

           

                  Figuur 6                                      Figuur 7

 

Was de rechterarm volledig uit de losse pols naar de elleboog toe drie keer. Herhaal hetzelfde met de linkerhand - zoals aangegeven in de figuur 6.Het is een verplichting om de handen drie keer te wassen, te beginnen met de rechterhand en dan de linkerhand.

 

 

3.       Masaa: strijk met natte handen het hoofd vanaf het voorhoofd naar achteren en weer terug naar het voorhoofd (een keer) - zoals aangegeven in figuur 7.

 

Figuur 8.

 

4.      Het is ook aanbevolen om de oren drie keer met de natte hand de oren te vegen en de oorschelp te wassen. Figuur 9.

 Figuur 9.

 

Het is aangehaald in de hadies Sahieh Moeslim dat de Profeet ( moge Allah’s zegeningen op hem rusten) weinig water gebruikte om de woezoe te maken. Dit hoort tot de goede verdiensten.

 

5.      Het is aanbevolen om de voeten tot de enkels drie keer te wassen, te beginnen met de rechtervoet en dan de linkervoet. Zoals aangegeven in figuur 8.

 

6.      Na de woezzoe is het aanbevolen om de volgende dua op te zeggen:

 

Dua woezzoe: Ash-hadu al-laa ilaaha il-lal-laahu wahdahoe laa shariekalahoe wa ash- hadu an-na-sayidinaa muham-madan abduhu wa resoeluh

 

(Ik getuig dat niemand ander dan Allah voor aanbidding in aanmerking komt, Hij is een en heeft geen gelijke. Ik getuig tevens dat Mohammad (s.a.w.) Zijn boodschapper is).

 

Als je vroeg in de moskee bent kan je nog twee rakaat tahiyyatul woezoe salaat uitvoeren.

 

Mazoerbetekent vrijgestelde. Ingeval iemands woezoe snel achter elkaar breekt door oorzaken buiten schuld om, dan is de persoon vrijgesteld van woezoe. Voorwaarde is dat de persoon wel eerst de woezoe doet voor elke salaat. De heilige Koran mag hij na de woezoe ook reciteren. Hierbij moet de persoon ook iedere keer dat de heilige koran ricitatie aanvangt de woezoe verrichten. (Korantilawat).

 

Dua na de woezoe

Allaa hummad’alni minat taw waabiena wadj’alnie minal moeta tahhiriena wadj’alnie min ibaadikas-saalihien. Suhaana kallaahumma wa bihamdika, ash hadu allaa ilaaha illaa anta astaghfiruka wa atoebu ilaik

 

(Allah, voeg mij bij de bekeerlingen die zich reinigen en deugdzaam zijn. Allah, Ik prijs Uw reinheid. Ik getuig dat er geen God is dan U. Ik vraag U vergiffenis voor mijn zonden).Na de woezoe zeg je de getuigenis op:

 

"Ash-hadu  al-laailaahail-lai-Jaahuwalldahoelaashariekalahoe  wa ash-haduan-nasay-yidanaamullam-madanibduhoewarasoeluh."

Verlaling:"lkgetuig,  datniemandvooraanbiddinginaanmerking  komi danAllah. HijisEnig,niemand  is  Hem  gelijkwaardig. Enikgetuigook,datonzemeesterMuhammad('s.a.w.)ongetwijfeld.Zijn.  bijzondere  onderdaan  enboodsohapperis.

 

Vertaling: "0Allah,laatmijtotdeziohbekerenden, zichreinigenden, endeugdzamenbehoren.OhAllah,iklofprijsUwreinheid.ikgetuig,datergeen godisdanU. lkvraagvergiffenisaanUvoormijnzondenenikwend mijtotU."  ·

 

Ongeldigheid van de woezoe

Zonder woezoe niet bidden.

·         De afscheiding van urine,

·         Ontlasting en gas.

·         Aanraken van de geslachtsdelen, of de anus met de handpalm.

·         Bij verstandsverbijstering of bewusteloosheid.

·         Slapen op de buik, rug en op de zijkant (Behalve zittend slapen).

 

Lichamelijk contact met een volwassene van het andere geslacht, behalve met wie er geen huwelijk kan worden gesloten. Als genoemde gebeurt tijdens het gebed, stop dan met het gebed en maak opnieuw woezoe en start het gebed opnieuw.

 

Ghusl

Onrein is degene, die verplicht is een volledig bad te nemen. In lslamitische  begrippen noemt men dat ghusl. De ghusl is in de volgende gevallen verplicht.

1.  Na geslachtelijke gemeenschap. Het Arabische woord daarvoor is djanaabat.

2. Na een natte droom te hebben gehad. Dat noemt men in het Arabisch ihtilaam.

3.Na de menstruatie van de  vrouw.

In het Arabisch spreekt men dan van haiz.

4. Na de bloeding die volgt na een bevalling, hetgeen in het Arabisch

nafaasheet.

 

In al deze gevallen voldoet een woezoe niet om rein te worden voor het lezen  van namaaz, het betreden van de masdjid of het doen  van tilawatul Qur'aan (reciteren van de heilige Koran).

 

Om reinheid te verkrijgen is de ghusl in deze gevallen iets wat men moet doen. Als men eenmaal de ghusl heeft gedaan, hoeft men geen woezoe meer te doen zolang er zich geen geval van verbreking van de woezoe voordoet.

 

De Ghusl

Verricht je op de volgende manier: Eerst de intentie om de ghusl te verrichten voordat je in aanraking komt met het water. Het hele lichaam wassen met water, inclusief het haar. Het is aanbevolen om dat drie maal te doen. Bij de woezoe of de ghusl, alle belemmeringen die het water beletten om lichaamdelen te bereiken verwijderen. Uitzonderingen zijn: nagellak en waterproof mascarra.

 

Zeg daarna de volgende dua op: "Ghufraanaka   alpamdu·lil-laahil-ladhie  adh-haba  f!n-nil  adhaa  wa aafaanie." "0Allah,iksmeekUwvergiffenisaf. GeprezenzijtGij,Diemijheeftver/ostvanschade/ijke onreinheidenmijrustheeftverschaft."

 

Sunna  ghusl

De ghusl is in de volgende gevallen sunna.

1.  's Vrijdags en wel voor het djumagebed.

2.  Op Ied-ul-Fitre dag voor de Ied-ul-Fitre gebed.

3.  Op Iedul Ad-haa-dag, voor de Iedul Ad-haa Namaaz.

4.  Bij het aantrekken van de ihraam voor de hadj of de umrah.

5.  Op de dag van Arafat, dat is de 9e dag van de maand Zulhadj. Op deze dag gaan de bedevaartgangers naar de vlakte van Arafaat, nabij Mekka al Mukarrama om de hadj te doen.

 

Wat verboden is zonder ghusl of wuzu

Als men een verplichte  ghust moet nemen en dat nog niet heeft gedaan is het verboden om:

1. De Qur'aan aan te raken.

2. De Qur'aan te reciteren; ook niet uit het hoofd.

3. De namaaz te lezen.

4. De moskee te betreden.

5. Tawaaf te doen van de Ka'bah.

 

Vrouwen mogen ook tijdens  hun haiz- en nafaasperiode  bovenge­

noemde dingen niet doen. Zij mogen tijdens deze periode bovendien ook niet vasten. Als men geen woezoe heeft, mag men al deze dingen ook niet doen. Verder is het mustahab om in de nachten van Lailatul Qadr en Lailatul Baraa'at een ghusl te nemen.

 

Sunnah  ghusl

 

De ghusl is in de volgende gevallen sunnah.

 

1.  's Vrijdags en wel voor de djoema salaat.

2.  Op Ied ul Fitre dag voor de Ied ul Fitre salaat (gebed).

3  Op Ied ul Adha dag voor de Ied ul Adha salaat.

4.  Bij het aantrekken van de ihraam (Twee naadloze stukken stof)  voor de hadj (bedevaart) of de umrah (kleine bedevaart).

5.  Op de dag van Arafat, dat is de 9e dag van de maand Zulhadj, op deze dag gaan de bedevaartgangers naar de vlakte van Arafaat, bij Makka al Mukarrama om de hadj te doen.

 

Behalve bij het uit het hoofd reciteren van de Qur'aan. Dat mag wel zonder de woezoe.

 

Het lezen van tasbieh, daroed sharief en het deelnemen aan andere religieuze activiteiten is wel toegestaan buiten de masdjid zonder de ghusl of wuzu.

De azaan

De muazzinis de persoon die de azaan opzegt. De azaan is de oproep tot het gebed. Dit gebeurt buiten de moskeeruimte. Dat mag al een paar centimeters buiten de moskee gebeuren.

 

Hieronder de azaan:

 

Allahu akbar, Allahu akbar

Allah is de grootste, Allah is de grootste

Allahu akbar, Allahu akbar

Ik getuig dat er geen godheid is dan Allah

Ash'hadu an la ilaha illa-llah

Ik getuig dat er geen godheid is dan Allah

Ash'hadu an la ilaha illa-llah

Ik getuig dat Mohammed(s.a.w.) Gods boodschapperis

Ash'hadu anna muhammadar rasulu-llah

Ik getuig dat Mohammed (s.a.w.) Gods boodschapper is  

Ash'hadu anna muhammadar rasulu-llah

Haast u naar het gebed

Hayya `ala-s-salah

Haast u naar het gebed

Hayya `ala-s-salah

Haast u naar het welslagen

Hayya `ala-l-falah

Haast u naar het welslagen

Hayya `ala-l-falah

 

 

 

Het gebed is beter dan de slaap

As-salatu khairum min an-naum.

Dit alleen bij Fadjr gebed opzeggen

Allah is de grootste, Allah is de grootste,

Allahu akbar, Allahu akbar

 

Er is geen godheid dan Allah

La ilaha illa-llah

 

De aanwezigen in de moskee - Moektadie

Mag de woorden van de muazzin zachtijes herhalen en bij Hayya `ala-l-falah, de woorden La haula wa la quwata illa billah(er is geen macht en kracht behalve bij Allah (s.w.t.) opzeggen.

 

Dua na de azaan

 

Allah hoemma rabba Haazihied da’watiet taammatie was-salaatiel kaa-iematie aatie Muhammada nielwasielata wal fadielata wab-as-hoe makaamam Mahmoeda niellazie wa at-tahiennaka laa toegliefoel mie-aad.

 

O’Allah, Heer van deze oproep en van het gebed dat nu begint, geef aan Mohammad Zijn eeuwige rechten en voorspraak.

 

Rakaat

 

In de lijst staan het aantal sunnah rakaats.  Een rakaat is het aantal handelingen vanaf takbier Tahriema tot sadjda en het weer rechtopstaan. Deze handelingen vormen tezamen een rakaat.

 

Iqamat

Vlak voor de farz salaat begint volgt er een tweede azaan - oproep, maar hier heet het Iqamat die gericht is tot de aanwezigen in de ruimte waar het gebed plaatsvindt. De iqamat gaat vlotter in de uitspraak.

 

Allahu akbar, allahu akbar

Allahis de grootste, Allah is de grootste,

Allahu akbar, allahu akbar

Allahis de grootste, Allah is de grootste,

Ash'hadu an la ilaha illallah(2x)

Ik getuig dat er geen god is dan Allah

Ash'hadu anna muhammadar rasulu-llah(2x)

Ik getuig dat Mohammed (s.a.w.) Allah’s boodschapperis

Hayya `alas-salat

Haast u naar het gebed

Hayya `ala-l-falah

Haast u naar het welslagen

 

Qad qama tis-salaat = 2x Alleen in fadjrgebed

Sta op voor het gebed

 

Allah is de grootste, Allah is de grootste,

Allahu akbar, allahu akbar

 

Er is geen godheid dan Allah

La ilaha illa-llah

Het gebed

 

Reinheid is het halve geloof, gezegde van de profeet (s.a.w.).

Algemene bepalingen voordat je kan deelnemen aan het gebed:

Reinheid van het lichaam – Met istindja, woezoe, ghusl of tajamum het gebed verrichten.

·         Schone kleding.

·         Reine muzallah – schone plek waar het gebed plaatsvindt.

·         Satre awrah – bedekken van het lichaam. Voor de mannelijke gebedsganger is dat vanaf de navel tot onder de knieen. Borst, buik, rug, armen en benen volledig bedekken tijdens het gebed.

 

Het dragen van een hoofdbedekking is sunnah ghair muakkadah.·

 

Opmerkingen  in verband met de woezoe

 

De woezoe breekt niet als iemand zittend of liggend half in slaap valt, maar kan navertellen wat er tijdens het sluimeren werd besproken. Kan hij niet navertellen wat er tijdens het sluimeren besproken werd, dan betekent het dat hij volledig was ingeslapen en zijn woezoe is dus gebroken.

 

Wie woezoe had gedaan en niet met zekerheid weet of die nog geldig is (hij weet dus niet precies of zijn woezoe gebroken is ofniet). moet maar aannemen, dat hij nog woezoe heeft.

 

Wie geen woezoe had en twijfelt of hij woezoe heeft gedaan mag de woezoe opnieuw doen; hij mag niet aannemen, dat hij woezoe heeft. Geruchten, dat de woezoe zou breken door overmatig zweten en of het blootstellen van de awrah (het gedeelte van het lichaam, waarvan het bedekken verplicht  is) zijn ongegrond. Door overmatig  zweten en het blootstellen van de awrah breekt de woezoe dus niet. Doet zich halverwege de woezoe een geval voor van verbreking van de woezoe, dan moet opnieuw aan de woezoe begonnen worden.

 

De Ma'zoer

lemand  kanzodanigziekzijn,datzijntelkensbreekt. Ookkanhijomdehaverklapdiarreeaanvallenkrijgenofeenbloedendewondhebben,waarvanhetbloednietgestelptkanworden. Dezeongerievenkunnenzichzokortnaelkaarherhalen,datbetrokkenezelfsnieteennamaazklaarkrijgtofzijnbreekt. Zo'npersoonword!eenma'zoer genoemd,datbetekent: vrijgestelde. Lijdtiemandaanbovengenoemdekwalendanishijvrijgesteldvande verplichtingtotwoezoe. Hijhoeftdanaanhetbeginvaniederenamaaztijdeenkeerdewoezoe tedoenenallenamaazvandietijdtelezen,zonderopnieuwdewoezoe tedoenalshijurineertofwindjesIaat.

 

OakdetilawatulQur'aanisvoorhemdantoegestaan naverloopvandenamaaztijdvervaltdewuzu vande ma'zoer. Hij  moet  aanhe!begin  van  iederenamaaztijd  opnieuw  dewoezoe verrichtenomnamaaztekunnenlezenoftilawatulQur'aantedoen. Somsmagiemandeenverbandovereenwandnietnatmaken. Hijmoet de  woezoedandoenzonderdezeplektewassen.

 

Namaazalgemeen

(Verplichtingen, noodzakelijkheden, vrijwillige  en verboden hande­

lingen). Voorwaarden, verplichtingen en noodzakelijkheden

 

a. De voorwaarden van de namaaz (Het gebed)

1.  Reinheid van het lichaam. Hetgeen inhoudt het verrichten van de istindja, woezoe, ghul of tajammum naar behoefte.

2.  Reinheid van kleding. Schone kleren aanhebben tijdens de namaaz.

3.  Reinheid van musal-la. Dit is de plaats of mat waarop de namaazie staat tijdens  de  namaaz. De Namaazie is de persoon die het gebed verricht.

4. Satreawrah

Een vrouw bedekt haar lichaamvanaf de schouders tot en met de knieen in de aanwezigheid van mahrams. Deze zijn familieleden met wie zij niet mag huwen. In de aanwezigheid van ghairmahrams en tijdens de namaaz is van de vrouw het gehele lichaam bedekt met uitzondering van de handen, voeten en het gelaat. Ghair mahrams zijn vreemden en familieleden met wie zij wel mag trouwen. Het hoofdhaar behoort met inbegripvan het voorhoofd, de oren en de nek tot dat gedeelte van het lichaam, dat niet blootgesteld hoeft te worden in de aanwezigheid  van  bovengenoemde vreemden en familleleden en ook tijdens het lezen van namaaz.

 

Detijd

Vijfmaal daags is er farz namaaz op daarvoor  aangewezen en voorgeschreven tijden. Bovendien is er waadjib en nafl namaaz, ook  op Speciale tijden, zoals de led- en Tahadj-djud  salaat . De tijd van Tahajjud (Qiyam al-Lail) begint na het verplichte gebed van Isha en strekt zich uit tot de ochtendgloren. Er is geen specifieke tijd voor dit gebed zodat het kan worden uitgevoerd op elk moment van de nacht, maar de gewenste tijd is het laatste derde deel van de nacht. lndien de tijd  voor de betreffende namaaz niet is aangebroken, kan zij niet worden verricht.

Istiqbaale qiblah

Het wenden van gezicht en borst naarde qiblah tijdens de salaat.

 

Niy-yah

Dit is niets anders dan intentie of bedoeling. Voor de aanvang van de namaaz moet men zich bewust zijn van hetgeen men van plan is te gaan doen, namelijk van  het  aantal rak'aat waaruit de namaaz zal bestaan en de tijd ervan. Het uitspreken van de niy-yah is mustahab, dus niet noodzakelijk; de innerlijke intentie is reeds voldoende,  hoewel  het  woordelijk uitspreken daarvan beter is.

 

Faraiz  in de namaaz.Er zijn zeven farzhandelingen voot de namaaz:

1.  Takbiere tahriemah.De takbier aan het begin van iedere namaaz.

2.  Qi-yaam.De staande houding in de namaaz.

3.  Qiraa'ah.Het reciteren van de Heilige Quran.

4Rukoe.Het neerbuigen met de rug evenwijdig aan de grond.

5. Sadjdah.Het diep buigen met het voorhoofd op de grond.

6.  Qa'da-e  agierah.Het zitien in de laatste rak'ah  van de namaaz tijdens  het opzeggen van de tashah-hud.

7.  Guroedj bi sun'ihie.Het beeindigen van de namaaz met een vast voornemen en een gebruikelijke handeling zoals de salaam.

 

De waadjibaat in de namaaz

Er zijn vijftien handelingen waadjib in de namaaz. Verrichten  van de sadjdah sahwof het corrigeren van een eerdere fout tijdens de namaaz. Vergeet men in dit geval de sadjdah sahw of verzuimt  men bewust een van de waadjibaatte te verrichten, dan is de namaaz / gebed slecht verricht en moet men deze herhalen.

1. De  takbiere  tahriemahtevoltooien met de woorden: Al-laahu Akbar.

2. Het opzeggen van de soeratul Faatihahin de eerste twee rak'aat van de farz namaaz en in alle rak'aat van de andere namaaz.

3. Het reciteren van nog een klein hoofdstuk (soerah) uit de Qur'aan in de eerste twee rak'aat van de farz namaaz en in alle rak'aat van de waadjib, sunnah en nafl namaaz. Een lang vers of drie kortere verzen zijn ook voldoende.

4.   Het  zwijgend toeluisteren tijdens het reciteren van de soeratul

Faatihah en andere soerah's door de imaam in alle rak’aat.

Het geluidloos, op gedempte toon, reciteren van de soeratul

Faatihah en andere soerah's in de Zohr en Asr en alle nafl namaaz

die overdag gelezen worden. 5. Het hardop reciteren van de Heilige Qur'aan in de Fadjr, Maghrib, lsha, Djumu'ah, led en Taraawieh Namaaz, alsook in de Witr gedurende de maand Ramadaan.

6. Qaumah= Het rechtopstaan na de rukoe.

7. DjalsaHet rechtopzitten tussen beide sadjdah's.

8. Ta'diel arkaan= Het rustig verrichten van de rukoe en sadjdah's, terwijl de saum en de djalsah minstens evenlang moeten duren als de tijd die nodig is voor het zeggen van subhaanal-laah.

9. Qa'da e oela =  Het blijven zitten voorde tashahhud in de tweede rak'ah van een uit meer dan twee rak'aat bestaande namaaz.

10.  Het opzeggen van de tashah-hud in de qada-e oela en de qada­

e agierah.

11.  Na de tashah-hud niets te zeggen in de qada-e oela van de farz, waadjib en sunnah mu'ak-kadah namaaz.

12.  Het beeindigen van de namaaz met de vredesgroet (salaam).

13.  Het opzeggen van de dua'ul qunoet na Al-laahoe akbar te hebben gezegd voor het overgaan naar de rukoe in de derde rak'ah van de Witr.

14.  Het onmiddellijk overgaan tot de volgende rukn (onderdeel) na een ervan te hebben gedaan.

15. Het aanhouden van de juiste volgorde van de farz, waadjib, enz.

Sunnah's in de namaaz

Er zijn verschillende sunnah's in de namaaz zoals:

 

1.  Het opheffen van beide handen tot de oren tijdens het zeggen van de takbiere tahriemah. De handpalmen  moeten in dit geval naar de qiblah gekeerd zijn. Vrouwen heffen de handen tot schouderhoogte op.

2.  Het  niet  Iaten  zakken  van  het hoofd tijdens het zeggen van de

Tahriemah.

3.  Het luidop zeggen van alle takbiers, de tasmie en ook de salaams

door een imaam.

4.  Het plaatsen van de rechterhand op de linker onder de navel nadat de tahriemah is opgezegd. Dit geldt echter  alleen voor mannen. Vrouwen plaatsen de handen onder de borsten.

5.  Het opzeggen van de thanaa en de ta'aw-wudh in de eerste rak'ah van alle namaaz en in de derde rak'ah van de nafl en sunnah ghair mu'ak-kadah, indien die uit meer dan twee rak'aat bestaan.'

6.   Na de  ta'aw-wudh  door  te  gaan met de tasmiy-yah en iedere

rak'ah er telkens mee te beginnen.

7.   Het reciteren van  slechts  de  Faatihah  in  de derde en vierde

rak'aat van de farz namaaz. In deze rak'aat wordt er na de Faatihah geen andere soerah meer bijgevoegd.'

8.   Het zeggen van aamien na de recitatie van de soeratul Faatihah;

dit geschiedt echter zo zachtjes, dat niemand anders het kan horen.'

9.   Het in stilte opzeggen van de thanaa, ta'aw-wudh, tasmiy-yah en aamien.

10.  Masnoen qiraa'ah, d.w.z. het reciteren van de Heilige Qur'aan op de door de Profeet (s.a.w.) gebruikelijke manier.

11 .  Het zeggen van Allaahu Akbar bij het overgaan van de qi-yaam naar de rukoe en vervolgens naar de sadjdah en telkens bij het aannemen van een nieuwe houding.

12.  Het opzeggen van de tasbieh in de rukoe en de sadjdah'sen  wel minstens drie keren.

13.  Het recht houden van de benen tijdens de rukoe, terwijl met de volle handen de knleen worden vastgegrepen en de rug samen met het hoofd horizontaal loopt.

Dit geldt echter  alleen voor mannen.

Vrouwen buigen minder en raken met de vlakke hand de knieen.

14.  Het zeggen van de tasmie bij het  weer rechtopstaan uit de rukoe

en het opzeggen van de tahmied. De muqtadie zegt slechts de tahmied op.

15. Bij het overgaan naar de sadjdah  raken eerst de knieen de grond, gevolgd door beide handen en het voorhoofd, terwijl bij het opstaan na de sadjdah het tegenovergestelde gebeurt.

16.  Het uit  elkaar  houden van de benen, dijen, de armen en de zijden. De  ellebogen  worden boven  de grand gehouden lijdens de sadjdah,  terwijl  de  vingers aan elkaar met de tappen naar de qiblah gekeerd moeten zijn, evenals de tenen. Dit geldt ook slechts voor mannen. Vrouwen  moeten  de  sadjdah  met  samengetrokken  lichaam doen.

17.  De rechtervoet moet tijdens de djalsah en de qa'dah in staande houding met de toppen van de tenen naar de Ka'bah gericht zijn, terwijl de linkervoet met de tenen naar rechts plat komt te liggen, waarop het zitvlak  komt te rusten. Dit geldt eveneens alleen voor mannen.

18.  Het opheffen  van  de  rechterwijsvinger bij het zeggen  van laa ilaha il-lal-laahu in de tashah-hud.

19.  Het uitspreken van de daroed sharief en de du'aa na de tashah­hud in de laatste qa'dah van de farz, waadjib en sunnah mu'ak­ kadah namaaz. In de nafl en sunnah ghair mu'ak-kadah  namaaz  worden  deze beiden in iedere ka'dah opgezegd.

20.  Het geven van salaam, eerst naar rechts en daarna naar links.

Opmerking:

Wie een sunnah in de namaaz vergeet, hoeft deze niet te herhalen, noch de sadjdah sahw te verrichten.

De namaaz is toch geldig.

 

Mustahabbaat in de namaaz

1.  Het naar buiten uitsteken van beide handen uit de hemdsmouwen of  kleren.

2.  De  afstand tussen beide voeten tijdens de qi-yaam en de rukoe

even groot te houden als de breedte van vier vingers.'

3.  lndien de tijd het toelaat zegt men de tasbieh in rukoe en sadjdah's meer dan drie maal op, doch steeds een oneven aantal keren.

4.  Het inhouden van de geeuw of hoest naar vermogen.

5. Het  richten van de ogen op de plaats van sadjdah tijdens de qi­yaam, tijdens de rukoe op de voeten, tijdens het zitten op de dijen, tijdens de sadjdah's op de neus en tijdens de salaam op respectievelijk  de rechter- en de linkerschouder.

6.  Het  zitten tijdens de  iqaamah  en  het opstaan voor de namaaz wanneer de mu'adh-dhin hay-ya alal falaah begint uit te spreken.

 

B. Verboden en ongewenste handelingen in de namaaz.

a. Makroehaate tahriemie in de namaaz

 

1.   Het dragen van een hoofd·of schouderdoek waarvan de uiteinden          neerhangen.

2.   Het zich zo strak kleden, dat het bewegen van de ledematen ongemak met zich mee brengt, alsook het bedekken van mond en neus en het dragen van een tulband, die in het midden open blijft.

3.   Het optrekken van de hemdsmouwen tot boven de ellebogen.

Het verrichten van de namaaz met bloot bovenlijf, terwijl een hemd, koerta of jas ter beschikking is. Ook het niet dichtknopen van bovengenoemde kledingstukken is makroeh tahriemie als men daaronder niets anders aanheeft.

4.   Het spelen met lichaam of kleding, evenals het optrekken van de kleren, vooral bij het overgaan tot de sadjdah.

5.   Het knakken van de vingers, het vouwen van de handen, alsook het plaatsen van de handen op de heup, rug of het middel.

6.   Het opzettelijkgeeuwen en onderdrukken van de natuurlijke behoeften de namaaz verrichten.

7.   Met gevlochten haren (behalve vrouwen) of het haar midden op het hoofd gebonden de namaaz verrichten.

6.   Het afwenden van het gezicht van de qiblah, of het kijken naar links of rechts of naar boven.

9.   Het stoppen van een of ander voorwerp in de mond, waardoor het

Reciteren van de Qur'aan belet wordt.

Is dit nu wet het geval, dan is de namaaz in het geheel niet goed.

10.  Behalve in de qi-yaam ook in andere houdingen van de namaaz

de Qur'aan reciteren. Het opzettelijk tegen de juiste volgorde reciteren van de Qur'aan.

11.  Het  in  haast verrichten  van  de  rukoe,  saajdah,  qaumah en

djalsah.

12.  Het verwijderen van vuil en stof van de plaats van sadjdah  zon­

der dat dit uiterst noodzakelijk  is.

13.  De ellebogen tijdens de sadjdah op de grond te laten rusten. Dit         geldt echter  alleen voor mannen.

14.  Het zitten met de knieen voor de borst en de handen op de grond.

15.  Met het gezicht in de richting van een graf of persoon namaaz verrichten, terwijl er geen afscheiding is tussen de namaazie en het graf of de persoon. Dit geldt echter niet wanneer de persoon met zijn  rug  naar  de namaazie toe staat.

16.  De namaaz verrichten op een plaats waar er een foto of schilderij van een of ander levend wezen geplaatst is. Ook in kleren waarop levende wezens zijn afgedrukt, is de na-maaz makroeh tahriemie.

17.  Na de takbiere tahriemah nog lopend de saf (rij biddenden) bereiken. Dit gebeurt in gevallen, waarbij men de takbier opzegt voor men plaats heeft genomen in de saf.

18.  De imam staat iet wat hoger dan zijn volgelingen of omgekeerd.

19.  De muqtadie (iedereen die in de saf staat), die een imaam navolgt in de namaaz voor deze in rukoe of sadjdah gaat. Dus eerst wachten tot de imaam de handeling al heeft ingezet en dan pas volg je hem.

20.  Het verrichten van de namaaz achier een imaam zonder een baard of van wie de baard korter is dan de breedte van vier vingers. Verder is het nalaten van iedere waadjib een makroeh tahriemie en dus zonde.

 

b. Mufsidaate namaaz

 

Er zijn bepaalde handelingen die de namaaz verbreken. In een dergelijk gevaldient men opnieuw aan de namaaz te beginnen en hetgeen men reeds voltooid heeft als ongeldig te beschouwen.

 

Handelingen, die de namaaz verbreken zijn o.a.:

 

Het bewust of onbewust spreken in de namaaz.

Dit geldt ook  voor groeten, zuchten enz. Indien de imaam zich mocht vergissen, mag men hem er ook niet aan herinneren; in  dit geval is het wel toegestaan om door sub­ haanal-laah te zeggen hem er attent op te maken dat hij zich heeft vergist. Hem letterlijk toespreken is niet toegestaan.

 

2.  Het zo verkeerd uitspreken van de Heilige  Qur'aan, dat  de be

tekenis ervan verandert.

 

3.  Het tijdens de namaaz smeken om iets aan Allah dat men van de medemens  kan krijgen, zoals geld. Iets doen, waarbij de toeschouwer zou opmerken dat betrokkene geen namaaz bezig is te lezen. Het bewust of onbewust eten of drinken in de namaaz. Het afwenden van de borst uit de richting van de qiblah of het afleggen van tenminste drie stappen, of het zich begeven voor de imaam lijdens de namaaz.

Het gedurende een onderdeel van de namaaz een jeukende plek van het lichaam drie keren krabben en iedere keer de hand van de betrokken plek weg te nemen. Het luidop lachen door een volwassene in een namaaz met rukoe en sadjdah's. In dit geval breekt ook de woezoe en moet men eerst de woezoe verrichten om opnieuw met de namaaz te kunnen beginnen. Het zonder reden schrapen van de keel en het opzettelijk hoesten. Het verliezen van het bewustzijn en het krankzinnig worden en bij het breken van de woezoe.

 

De namaaz / het moslimgebedvolgens de sunnah van de profeet(s.a.w.)

Twee rakaat namaaz. Wij  kennen  nu  de  voorwaarden, faraiz, waadjibaat, sunnah's, mustahabbaat, makroehaat en mufsidaat van de namaaz. Nu volgt de wijze waarop de namaaz volledig volgens de sunnah van de Profeet verricht mag worden.

 

Volg eerst de zeven voorwaarden voor de namaaz.

 

1. De istindja

2. de wuzu

3. de ghusl of tajammum.

4. Het aantrekken van schone kleding.

5. De intentie van de namaaz z.a. Asr of Fadjr.

6. Recht staan met de voeten vier vingers uit elkaar verwijderd en met het gezicht naar de qiblah (Qiyaam).

7. Schone plek.


 

De qi-yaam

 

Het rechtsopstaan met de voeten op een afstand van vier vingers van elkaar verwijderd  en het gezicht gekeerd naar de qiblah, deze houding is de qi-yaam.

 

Vervolgens zeg je op (Dit hoeft niet per se met hoorbare stemgeluid te gebeuren. Je kunt het in jezelf opzeggen, onhoorbaar voor anderen in dezelfde ruimte). :Bismillah ir-Rahman ir-Rahim - In naam van Allah (s.w.t.), de Barmhartige, de Genadevolle.

 

In-nie wadj-djah tu wadj-hiya lil-ladhie fataras-samaawaati wal'arda haniefanw-wa  maa ana minal mushrikien –

 

Waarlijk, heb ik mij oprechtelijk gewend tot Hem, die de hemelen en de aarde heeft geschapen en ik ben niet van de afgodendienaars.

 

Daarna zeg je de intentie op en vervolgens de takbiere tahriema. Hierna volgt de namaaz met afbeeldingen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Afgeronde rechthoek: Twee rakaat namaaz / salaat / gebed.
Het gebed begint staande met de takbier Tahriema. 

Dat is het zeggen van Allah-Hu-Akbar, Allah is de allergrootste, luid genoeg dat je het zelf kan horen. Daarbij breng je beide handen tot aan de oren zoals figuur 9 dat laat zien. De voeten iets uit elkaar, vier vingers van elkaar volgens de Hanafie leer. Na het vouwen van de handen op de buik zijn de ogen op de plaats van de sadjdah gericht.

De biddende vrouw brengt haar handen, zonder deze uit haar sluier of gewaad te steken, tot op schouderhoogte, de handen bereiken de oren niet zoals bij de mannen en zegt de Takbier tahriemah op. Daarna legt ze haar linkerhand net onder de borsten en legt haar rechterhand over de linkerhand.

Na het vouwen van de handen zeg je de thaana op:

Sub-haana-Kal-laahu-ma wa bijhamdika wa ta Aalaa djad-duka wa laa ilaaha ghairuk. 

Ík lofprijs Uw schoonheid, o Allah en U komt alle lof toe en gezegend is Uw naam en verheven Uw mejesteit en behalve U verdient nieman aanbidding.’

Takbier tahriema

 

         Fig. 9

 

 

 

 

 

 


 

 

Afgeronde rechthoek: De tasmiy-yah

Nu volgt de ta'aw-wudh:

A’oedzhu bil-laah minash-shaitaanir-radjiem.
"lk zoek mijn toevlucht tot Allah tegen het kwaad van de vervloekte duivel."

Nu volgt de tasmiy-yah:

Bismil-laahir-rah maanir-rahiem.
Verlaling: "In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadige."

Volg de imaam in de namaaz en let erop dat er na de thanaa geen taáw-wudh, tasmiy-yah, soerahtul Faatiha en andere verzen uit de Heilige Quráan wordt opgezegd. Je mag alleen naar de imaam luisteren en bij de namaaz waarbij er geen stemgeluid voorkomt zwijgend volgen. Als je alleen leest moet je alles dan ook zelf doen. Als je achter de imam leest, volg hem.

 de takbir Takbier:
A/-laahu akbar
 vouw je beide handen onder de navel over elkaar. Daarbij pak je de linkerpols met de rechterhand vast, zoals getoond in figuur 10. In deze houding ga je vervolgens door met het reciteren van een de openingssoera Alhamdo Sharief. 
Bismillahir-Rahmanir-Raheem- In naam van Allah, de genadevollen, de meest barmhartige.
Al-Hamdu Lil-lahi-Rabbil-Alameen- Prijs Allah , de heer der werelden. 
Maliki Yawmid- De Heer van de oordeelsdag. Iyaka Na budu Wa Iyaka Nasta een- Alleen U aanbidden wij en zoeken ons heil bij U. Ihdinas-Siratal-Musta-qeem- Leidt ons op het rechte pad. Siratal-Ladheena An amta Alay-him Ghayril-Maghdhoubi Alay-him Wa La-dhalleen- De weg die die de rechtvaardigen hebben gevolgd en niet de weg die de dwalenden hebben afgelegd.
De afbeeldingen links geven de houdingen aan die de verschillende sexen aannemen, na de Takbiere tahriemah.

 

Figuur 10.

 


 

 

Afgeronde rechthoek: In deze houding ga je verder met het reciteren van de soera Fatiha:

Al-hamdoe lillaahi rabbil 'aalamien. Ar-rahmaa-nir-rahiem. Maaliki yawm id-dien
Iyyaaka na'boedoe wa iyyaaka nasta'ien
Ihdina-s-siraathal-moestaqiem
Siraat al-ladîna an 'amta 'alaihim
ghairil maghdhoebi alaihim waladh-dhaal-lien. 

Gelijk na Fatiha zeg je “Amien” Bij de hanfieten is het gebruikelijk om ‘amien’ zodanig te zeggen dat het alleen hoorbaar is voor jezelf. Amien betekent: ‘O Allah, verhoor mijn gebed.’ 

Daarna zeg je nog een soerah op. Als voorbeeld nemen wij hier korte soerah’s. Je kunt soeratul Kauthar of Ichlaas opzeggen.

Soeratul Kauthar

Qul huwa Allah hu ahad
Allah hu ’s-samad 
Lam yalid wa lam yulad
Wa lam yakun lahu kufuwan ahad

Bij Fadjr, Maghrieb en Isa reciteert de imaam Fatiha en de daaropvolgende Soerah’s met hoorbare stemgeluid, Zohr en Asr leest de imaam zonder hoorbare stemgeluid.

Volg de imam in de namaaz en let erop dat er na de thanaa geen taáw-wudh, tasmiy-yah, soerahtul Faatiha en andere verzen uit de Heilige Quráan wordt opgezegd. Je mag alleen naar de imam luisteren en bij de namaaz waarbij er geen stemgeluid voorkomt zwijgend volgen. Als je alleen leest moet je alles dan ook zelf doen. Als je achter de imaam leest, volg hem.

 

 

Figuur 11.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

Afgeronde rechthoek: Zodra de imaam daarna de takbier heeft opgezegd, buig je naar de rukoe. De roekoe gebeurt als volgt: Buig en leg je beide handpalmen op je beide knieen. Zoals hiernaast afgebeeld. Je linkerhand op de linkerknie en met de andere hand op de andere knie. De vingers wijd uit elkaar.
Zorg ervoor dat de rug evenwijdig staat met de vloer. De ellebogen en de bovenarmen niet tegen het lichaam houden en de benen recht houden. 

Deze wijze van de roekoe geldt voor de mannen. Vrouwen buigen minder in de roekoe en ze hoeven de kieen niet vast te houden. De handen moeten met de gesloten vingers de naar voren gebogen knieen raken. De bovenarmen en de ellebogen raken de ribben en de zijden. De rug staat iets hoger dan het middel en het hoofd hoger dan de rug en niet als bij de mannen evenwijdig aan de vloer.

Zeg in deze houding die zoals wij hebben gezien de roekoe heet, de roekoe tasbieh op die erbij hoort: Subhaannarabi-yal aziem. = "Heilig is mijn Heer, de Grote." Doe dit drie keer of meer maar telkens oneven.



De Roekoe

 

 

 

Figuur 12.

 

Figuur 13.
 

 

 

Afgeronde rechthoek: Ga daarna rechtop staan tijdens het uitspreken van de tasmie.

Sami Allah-Hu liman Hamidah.

"Allah verhoort wie Hem verheerlijkt."

Als een imam  in de namaaz  voorgaat,  wordt de tasmies alleen door hem opgezegd. Na het rechtop staan uit de ruku, dat qaumah heet, lees je de tahmied.

Tahmied:

Rab-banaa lakal hamd

"Onze Heer, voor U is alle lof."

Qaumah houding

 

 

Figuur 14.

 

 


Afgeronde rechthoek: Ga nu tijdens het opzeggen van de takbier over naar de sadjdah,welke volgens de sunnah als volgt moet geschieden. De knieen raken de grond het eerst, gevolgd door beide handen die op enige afstand van elkaar komen te liggen, met de vingertoppen naar de qiblah gekeerd.

Daarna volgt het hoofd, dat tussen de handen terecht komt, waarbij het neusbeen en het voorhoofd tegen de grond aangedrukt moeten zijn.

De ellebogen moeten de grond niet raken, terwijl de bovenarmen en zijden uit elkaar gehouden worden, evenals de buik en de dijen. De buik mag niet op de grond rusten.De tenen moeten zo tegen de grond gedrukt zijn, dat de toppen van de tenen naar de qiblah gekeerd zijn.

Deze vorm van sadjdah geldt slechts voor mannen.Vrouwen moeten de sadjdah met samengetrokken lichaam doen, zie figuur 17. Zij moeten de ellebogen op de grond Iaten rusten.
Bovenarmen en zijden dienen tegen elkaargetrokken te zijn, evenals dijen en buik, terwijlde voeten op hun zijkanten naar rechts uitgesto­ ken op de grond komen te liggen.

Sadjdah Tasbieh
De tasbieh van de sadjdah is drie of meer, maar oneven. In sadjdah zeg je dus: 

Subhaana rabbiyal a’laa.

“Heilig is mijn heer, de verhevene.”

 Sadjdah

 

Figuur 15.

 

Figuur 16.

 

Figuur 17.

 

 

 


 

 

 

 

Djalsah

 

 

Figuur 18.

 

Afgeronde rechthoek: Djalsah

De zittende houding tussen twee sadjdah’s door heet de djalsah. In deze houding komt de rechtervoet zodanig te liggen dat de tenen naar de Qiblah wijzen. De linkervoet leg je zo neer dat de tenen naar rechts en de hiel naar links wijzen. Vervolgens ga je hierop zitten. Zie figuur hiernaast en daaronder. De handen leg je op de dijendicht bij de knieen. De vingers los uit elkaar met de toppen naar Qiblah.
Vrouwen  voeren de sadjdah iets anders uit. Zij steken beide voeten naar rechts uit en met het linkerzitvlak op de grond rechtop zitten. De vingers komen gesloten op de dijen te rusten.

Blijf in de djalsah even zitten om subhaanallah te zeggen. Tijdens de djalsah kun je ook een dua opzeggen:

Rabbigh firlie warhamnie wah dinie war zuqnie.

“Mijn heer, vergeef mij, schenk mij uw erbarmnen, leid mij recht en schenk mij levensonderhoud.”

Ga daarna onder het zeggen van  de takbier weer in de tweede sadjdah als de vorige. Na het voltooien van de tweede sadjdah is een raka’ah gebed / salaat / namaaz verricht. en dan de rest van het lichaam.

              

 

Figuur 19.


 

 

Figuur 20.

 

 

 

Afgeronde rechthoek: Opstaan uit de djalsah
Begin hierna de tweede raka’ah onder het opstaan zeg je weer de takbier op. Het is logisch dat je bij het opstaan eerst je hoofd optilt uit de sadjdah.
In de tweede raka’ah reciteert de imam weer de fatiha en daarna een soera. De soera’s niet door elkaar lezen. Dus niet eerst een soera van achter uit de Heilige Quran reciteren en daarna eentje van het midden van de heilige Quran.
Resumerend komt het hierop neer: Je staat in qiyaam en doet de takbier. Daarna lees je fatiha en een soera. Je haalt je handen van je buik weg en doet de roekoe. En twee maal sadjdah, waarbij je even in djalsah zit. Daarna sta je weer rechtop en leest weer de fatiha en een andere soera, niet dezelfde als in de eerste. Dan ga je weer in roekoe en tweemaal in de sadjdah. Daarna zit je in djalsah en leest de attahiyat, tashahud.
Vervolgens, omdat de namaaz uit vier rakaats bestaat, sta je weer op en leest de fatiha, gaat weer in roekoe en tweemaal in de sadjdah’s, staat weer op en leest nogmaals de fatiha en doet weer de roekoe en twee maal sadjdah’s. Daarna weer in de djalsah houding en lees je nogmaals de tashahud.

  Figuur 21.


 

Afgeronde rechthoek: Nu de vier rakaats zijn gedaan zit je weer in de djalsah houding en leest de 
Tashahud.
At-tahiy-yaatu lil-laahi was-salawaatu  wat-tay-yi-baatu. As-salaamu  alaika ay-yuhan-nabiy-yu  wa rahmatul-laahi  wa
barakaatuh. As-salaamu alaina wa alaa ibaadil-laahis-saalilhien. Ash-hadu al-laa ilaaha ilalaa-hu wa ash-hadu an-na muhammadan abduhoe wa rasoeluh.

"Alle aanbidding en verheerlijking in woord en daad is alleen voor Allah. Vrede zij met U, o Profeet en de genade van Allah en Zijn zegeningen. Vrede zij met ons en met de oprechte dienaren van Allah. Ik getuig, dat er geen god is dan Allah en ik getuig, dat Muhammad Zijn bijzondere dienaar en Zijn boodsohapper is."

Deze zittende houding in de tweede rak'ah wordt de qa'dah agierah of laatste zitting genoemd.

Het is sunnah om een ring te vormen met de duim en middelvinger van  de rechterhand, de pink en ringvinger dicht te maken en de wijsvinger op te steken, wanneer men het woord laa begint te zeggen in de kafimah ash-hadu al-laa ilaaha il-lal-laah van de tashah-hud.  Dat zie je op de figuren 22 en 23. Figuur 24 is de zitwijze in de tashahud djalsah.

Djalsah en tashahud

 

      Figuur 22.

 

 

     Figuur 23

 


 

Afgeronde rechthoek: De Tasliem
Zodra je laa-ilaah hebt gezegd kan de wijsvinger terug in de oorspronkelijke positie bij de overige vingers.

Gaat het om een namaaz bestaande uit twee rakaatzeg na de tashah-hud de daroed sharief op over onze Heilige Profeet (s.a.w.) gevolgd door een of meer du'aas,  die vermeld zijn in de Quran of Hadieth. Daarna de tasfiem, volgens de sunnah eerst naar rechts en daarna naar links uitspreken.

Daroed na de tashahud na de vierde rakaat
Al-laahum-ma sal-li alaa muham-madinw-wa alaa aali muhammadin, kamaa sal-laita alaa ibraahiema wa alaa aali ibraahiema, in-naka hamiedum-madjied.

Al-laahum-ma baarik alaa muham-madinw-wa alaa aali muhammadin
kamaa baarakta  alaa ibraahiema wa alaa aali ibraahiema in-naka hamiedum-madjied.

"0 Allah, verhef Muhammad en Zijn vofgefingen zoafs U
fbrahiem en Zijn vofgefingen hebt verheven. U bent zeker geprezen, verheerfijkt.
0 Allah, zegen Muhammad en Zijn vofgefingen zoafs U
fbrahiem en Zijn vofgefingen hebt gezegend. U bent zeker geprezen, verheerfijkt."

    

    Figuur 24

 

     Tasliem

 

 

Dua na de daroed

 

Rabbi djalni muqimas salaati wa min dhury yaati rabbanaa wa taqabal dua. Rabbanagh fierli wali waalidai ya wa lil mumi nina yauma ya-qumul hisaab.

 

"Mijn Heer, Iaat mij tot de namaazonderhouders behoren en ook mijn nageslacht. Onze Heer, vergeef mij en mijn ouders en alle gelovigen op de Dag van het Oordeel."

 

Hierna ga je gelijk over tot de tasliem als afsluiting van de namaaz.

 

As-salaamu alaikum wa rahmatul-laah.

"Vrede zij met u en de zegeningen van Allah."

 

 

De tasliem / salaam is voor de mensen link en rechts van je en voor de engelen. Tijdens de eerste salaam richt je het gezicht naar rechts met de ogen op de rechterschouder en tijdens de tweede naar links met de ogen op de linkerschouder. Daarmee eindigt de twee rakaat namaaz.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Resumévanfarz,sunnahofnaflnamaazvantweerak'aat.

In de eerste rak'ah lees je:

1.      Al-laahu akbar (begin van de namaaz) Takbier

2.      Sub-haanakal-laahum-ma

3.  A'oedhu bil-laah

4.  Bismil-laah

5.  Al Faatihah

6.  Amien

7. Bismil-laah

8. Soera

9. Al-laa hu Akbar

Roekoe

 

10.  Sub-haana rab-biyal aziem

11.  Sami'al-laahu liman hamidah

12.  Rab-banaa lakal hamd

13.  Al-laahu akbar

Sadjdah

14.  Sub-haana rab-biyal a'laa (3x of meer maar oneven)

15.  Al-laahu akbar

 

 

Djalsah

16.  Rab-bighfirlie

17.  Al-laahu akbar

Sadjdah

18.  Sub-haana rab-biyal a'laa (3x of meer maar oneven)

19.  Al-laahu akbar (Qaumah-rechtopstaan)

(einde eerste rak'ah; nu staat men op voor de tweede rak'ah).

 

In de tweede rak'ah lees je:

 

1. Bismil-laah

2. AI Faatihah

3. Aamien

4. Bismil-laah

5. Soerah

6. Al-laahu  akbar

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Roekoe

7. Sub-haana rab-biya / aziem

8. Sami'al-laahu  liman hamidah

9. Rab-banaa  /aka/ hamd

10. Al-laahu akbar

 

 

 

 

Sadjdah

11. Sub-haana rab-biyal a'laa

12. Al-laahu akbar

 

Djalsah (zitten tussen twee sadjdah’s)

13. Rab-bighfirlie

14. Al-laahu akbar

 

Sadjdah

15. Sub-haana rab-biya/ a'laa

16. Al-laahu akbar

Djalsah voor tashahud

 

 

17. At-tahiy-yaatu lil-laahi

18. Daroed sharief

19. Du'aa

20. Salaam / Tasliem (einde van de namaaz)

 

 

 

                                                                                       

 

 

 

                                                                                                                                                                       

 

 

 

De kledingvoorschriften voor vrouwen:

Afgeronde rechthoek: Op de figuren hiernaast zie je de kleding voor de vrouw die gepast is bij het gebed.

De gebedskleding van de vrouw bedekt hele lichaam, vanaf  het hoofd tot en met de voeten, waarbij alleen het gezicht en handen onbedekt mogen zijn. Het is afgeraden om te strakke of doorschijnende kleding aan te trekken bij het gebed.

Volgens de zeer oude en gezaghebbende traditieverzameling van de rechtsgeleerde Malik heeft de Profeet Mohammed (s.a.w.) eens gezegd "Iedere godsdienst heeft zijn eigen ethos; de ethos van de Islam is de schaamte" (Iikull din khuluq wakhuluq at-Islam al ~aya')25. Dat is kort en krachtig geformuleerd.

 

 

 

 

 

 

 

Afgeronde rechthoek: Zittend bidden 
De Islam is makkelijk gemaakt voor mensen die minder valide zijn. Deze mensen mogen zittend bidden. In de figuren hiernaast ziet u een gelovige die wel staand de takbier en roekoe kan uitvoeren maar de saddah is een probleem.

In dat geval mag de persoon zittend bidden zoals het op de afbeeldingen duidelijk naar voren komt. 

Bij deze gaat hem om iemand die wel de roekoe kan uitvoeren maar geen sadjdah.

1.	Ga met je gezicht naar de Qiblah staan.
2.	Zeg Allah Huakbar met de juiste intente voor de salaat die je wil verrichten.
3.	Reciteer de Fatiha en nog een soera.
4.	Roekoe - Zeg weer Alla Huakbar en buig voorover tot je handpalmen de knieen raken en blijf in die houding net zo lang als je nodig hebt om Subhaan Allah te zeggen.
5.	Zeg weer Allah Huakbar en ga weer rechtop zitten (I-tidal) en blijf in die houding voor de duur van het woord SubhaanAllah.
6.	Zeg dan weer Allah Huakbar en ga in sadjdah zoals de afbeelding hiernaasst laat zien. Blijf in die houding net zo als je nodig hebt om drie of meer maar altijd oneven aantal keer Subhaanal Rabiejiel Aziem te zeggen.
7.	Herhaal stap 3 tot en met 6 voor de tweede rakaat.

Voor hen die niet in sadjhdah kunnen maar wel staand kan bidden;

 

 

 

Roekoe

Djalsah

Tasliem

Ramadan aanwijzingen

Iftarie

 

Sehrie Niejat/ Dua voor het vasten, die u moet lezen voor het begin van Fadjr: WA BIE SAUWMIE GHADIEN NAWAITOE MIEN SHAHRIE RAMADAAN.

 

(Ik heb de intentie om morgen te vasten in de maand Ramadaan)

 

Iftarie / Dua die u moet lezen voor het u Ontvasten:

 

ALLAHOEMMA IENNIE LAKA SOEMTOE WABIEKA AAMANTOE WA ALAIKA TAWAKKALTOE WA A’LAA RIEZQIEKA AFTARTOE FA TAQABBAL MIENNIE

 

(O Allah, voor U heb ik gevast en in U geloof ik en in U berust ik mijn vertrouwen en met Uw geschonken voedsel verbreek ik mijn vasten, accepteer dit van mij).

 

Doel van Vasten

Het eigenlijke doel van vasten is het ontwikkelen van vroomheid (Taqwa) in jezelf. “Een persoon die de vastenplicht nakomt in het volledige bewustzijn van zijn geloof en omwille van Allah, de verhevene, diens voorgaande zonden worden vergeven.” Kortom: Wij vasten om Allah (s.a.w) te behagen.

 

Verplichte vasten (Farz) Ramadan

Slechts 29 of 30 dagen van de Ramadanmaand zijn in een jaar de verplichte vastentijd voor Moslims dat in de Heilige Qur’an en in de Heilige Hadith bevestigd is. Vasten heeft veel voordelen. Door te vasten leert men ook dat als iemand honger of dorst heeft, deze de behoefte van een arme, die geen eten of drinken heeft, kan indenken. Wanneer iemand begrijpt wat deze waarden zijn dan is hij zijn Schepper dankbaar voor de vele bronnen van water en vele soorten van vegetatie. Door deze behoefte te onderkennen krijgt men begrip voor zijn arme medemens. De vastende zal dan altijd klaar staan voor de medemensen waar dan ook als zij tekort hebben aan voedsel en water en zal hun op alle mogelijke manieren proberen te helpen. Het vasten is verplicht voor alle moslims.

 

Zieken,geesteszieken, oude moslimmannen en oude moslimvrouwen die te zwak zijn om te vasten, zijn hiervan gevrijwaard. Men moet indien men daartoe in staat is een arme vastende voor 30 dagen voorzien van eten en drinken. Personen die tijdens de maand ramadan ziek waren moeten, zodra ze weer beter zijn en hun gezondheid door het vasten geen gevaar loopt, de niet gevaste dagen in halen. De maand Ramadan is de gezegende maand van het jaar. In deze maand werd de Heilige Qur’an voor het eerst geopenbaard.

 

Shawwaal

 

Een persoon die 6 dagen in de heilige maand van Shawwaal vast ontvangt de zegeningen van een eeuw vasten.

 

Het vasten in de maand Ramadan / De handelingen:Het voornemen om te vasten: eerst in gedachten hebben of het uiten van de niejat (intentie) na Shehrie (speciaal ontbijt) “Bies-miellaah-hierrah-maa-nier-rahiem”

 

Sehrie Niejat / Dua voor het vasten, die u moet lezen voor het begin van Fadjr

 

WA BIE SAUWMIE GHADIEN NAWAITOE MIEN SHAHRIE RAMADAAN.

 

(Ik heb de intentie om morgen te vasten in de maand Ramadaan )

 

Indien u vergeet om Sehrie Niejat/Dua te doen voor begin Fadjr, dan mag u na zonsopkomst, uiterlijk voordat zawaal begint de volgende dua lezen:

 

NAWAITOE AN ASOEMA HAAZAL JAUWM LILLAAHI TA’AALAA MIEN FARADI RAMADAANA HAAZA.

 

(Ik heb de intentie om vandaag te vasten voor Allah de Verhevene in deze verplichte maand van Ramadaan)

 

Ifarie / Dua die u moet lezen voor het u ontvasten:

 

ALLAHHOEMMA IENNIE LAKA SOEMTOE WABIEKA AAMANTOE WA ALAIKA TAWAKKALTOE WA A’LAA RIEZQIEKA AFTARTOE FA TAQABBAL MIENNIE

 

(O Allah, voor u heb ik gevast en in u geloof ik en in u berust ik mijn vertrouwen en met uw geschonken voedsel verbreek ik mijn vasten, accepteer dit van mij).

 

Het is geadviseerd om uiterlijk 5 á 10  minuten voor Fadjr te stoppen met eten en drinken. Verder is het ook geadviseerd om Fadjr namaaz minimaal 15 á 20  minuten na Sehrie te verrichten en niet meteen na Sehri.Lees aan het begin en het einde van uw dua’s altijd “Daroed Sharief”Met Sehrie zijn er zéér veel zegeningen, mis het niet om met Sehrie op te staan en iets te nuttigen, al is het maar een slokje water. De tijd net voor Iftarie is zéér zegenrijk, gebruik deze tijd om dua te vragen aan Allah Subhanahu wa Ta’Alaa.

 

Ontvasten met een dadel of water is Sunnat-e-Rasoel Sallallaahu alaihi wa Sallam. Leesaltijd wel eerst “Bies-miellaah-hierrah-maa-nier-rahiem” voordat u eet of drinkt. Gebeden worden extra beloond in deze heilige maand, lees ook uw verplichte gebeden / namaaz op tijd.

De laatste vrijdag, Djoema’tul Wada’a valt op vrijdag 2 augustus 2013.

 

Tarawieh namaaz

 

De Tarawieh “sunnah mo’akkadah” namaaz wordt gelezen na het Isha-namaaz (dus voor namaaz-Witr). De Tarawieh-namaaz heeft in totaal 20-rakaat, die worden gelezen in 10 keer 2-rakaat. Na elke 4 rakaat wordt de tarawieh tasbieh gelezen, gevolgd door een smeekbede(dua)


Lailatul Qadr, de waardevolle nacht

 

Voorwaar, Wij hebben hem (de Quran) neer gezonden in de Waardevolle Nacht (Lailatul-Qadr). En weten jullie wat de Waardevolle Nacht is? De Waardevolle Nacht is beter dan duizend maanden.

 

 “Zoek Lailatul-Qadr in de nachten op de oneven data van de laatste tien dagen in de maand Ramadan.”

(Bugharie Sharief)

 

Doorgaans wordt deze nacht herdacht op de 27e Ramadan. De beloning die men verkrijgt door aanbidding in deze bijzondere nacht is gelijkgesteld aan de aanbidding gedurende duizend maanden. De neerdaling was in één nacht, terwijl de openbaringen drieëntwintig jaren geduurd hebben.

 

Imam Maalik zegt daarom dan ook, dat de nacht waarin de Quraan neder gezonden is, zeker zeer zegenrijk is, maar de nacht waarin de Profeet der Profeten op de aarde arriveerde is zegenrijker dan de nacht waarin de reine Quraan is neergezonden. Als onze laatste Profeet Mohammed (s.a.w.) niet gekomen zou zijn, zouden we de Quraan ook niet hebben gekregen. Moge Allah de verhevene ons de voortreffelijkheid van de Quraan leren kennen en herkennen en ons de liefde en respect voor de genadige Boodschapper (s.a.w.) in onze harten voor altijd blijven. AMIEN!

 

Op deze bijzondere nacht zullen wij, de hele avond doorbrengen met gebeden in de moskee.Wilt u een kleine financiele bijdrage leveren voor deze nacht neem dan contact op met het bestuur.

 

Tekstvak: Let op!
Bij elke bijdrage die u contant afgeeft wordt er een kwitantie uitgeschreven en aan u overhandigt. Voor bijdragen die u in de boxen doet, kunt u achteraf geen kwitanties aanvragen, daar deze niet meer te controleren zijn en al geboekt zijn op formulieren die door meerdere leden van uw djamaat zijn geteld en genoteerd.
Nafiel gebeden/ vrijwillige gebeden

 

Hierbij treft u enige nafiel gebeden voor deze zegenrijke nacht aan. Eerst dient u de niejat (intentie) uit te spreken voor een van onderstaande gebeden: 2 of 4 rakaat nafiel namaaz voor de Lailatul Qadr nacht.

 

02 Ra’kaat Nafiel Namaaz in elke Ra’kaat leest u:

01 x Soerah Al-fatiha (alhamdoe) hierna

01 x Soerah Al-Qadr (inna anzalnahoe) vervolgens

03 x Soerah Al-Ichlaas (Qoel),
na salaam leest u onderstaande du’a en/of een smeekgebed voor u zelf en voor alle (overleden) broeders en zusters

 

04 Ra’kaat Nafiel Namaaz in elke Ra’kaat leest u:

01 x Soerah Al-fatiha (alhamdoe) hierna

 

01 x Soerah Al-Qadr (inna anzalnahoe)

 

 

 

 

 

vervolgens

27 x Soerah Al-Ichlaas (Qoel),
na de 4de Ra’kaat, salaam en leest u de aanbevolen dua en/of een smeekgebed voor

u zelf en voor alle (overleden) broeders en zusters

 

04  Ra’kaat Nafiel Namaaz in elke Ra’kaat leest u:

01 x Soerah Al-fatiha (alhamdoe) hierna

03 x Soerah Al-Qadr (inna anzalnahoe) vervolgens

50 x Soerah Al-Ichlaas (Qoel),
 

na voltooing 4de Ra’kaat 2 salaam, hierna een extra Sadj-da verrichten en leest u in deze Sadj-da zachtjes: 1 x Soebhaan Allaah Walhamdoeliellaah Wa Laa Iellahaa Iellallaahhoe Wallaahoe Akbar. Afsluiten met salaam en de onderstaande aanbevolen dua en / of een smeekgebed voor u zelf en voor alle (overleden) broeders en zusters.

 

Allah (s.w.t.) en Zijn geliefde Profeet Mohammed (s.a.w.) lofprijzen;

      Het reciteren van de Heilige Quran.

      Zikr - E - Allah (meditatie) en Tasbieh lezen.

      Het uitspreken van Daroed Sharief & Salaam ter ere van de Heilige Profeet Mohammed (s.a.w.), heeft het onderstaand smeekgebed voor deze heilige nacht van Lailatul Qadr sterk aanbevolen.

 

Allaahhoemma  ien-naka  afoew-woen toe hiebboel afwa fa’foe annie, ja ghafoeroe, ja ghafoeroe, ja ghafoeroe.

 

Vert: O Allah u bent de enige die vergeving schenkt voor zonden, u schenkt graag vergeving, O Allah vergeef mij.

 

 

 

 

Muharram

Muharram is de eerste maand van het Islamitische maanjaar. Dit betekent dat de moslim nieuwjaarsdag op 1ste Muharram valt. De Islamitische jaartelling begint met de Hiedjra, de emigratie van de Heilige Profeet Muhammed (v.z.m.h) van de stad Mekka naar Medina (Saudia Arabië) in 622 na Christus. Het Islamitische jaar bestaat ook uit 12 maanden echter van 29 of 30 dagen. De Heilige Profeet Muhammed (v.z.m.h.) zei dat de maand Muharram gerespecteerd dient te worden en degenen die deze maand respecteren zal in het Paradijs gerespecteerd en beschermd worden tegen het Hellevuur.

 

Asjura

Wat is Asjura? Waarom is deze dag voor ons belangrijk? Asjura betekent de tiende (10de). De aanduiding voor de 10de dag van de maand Muharram. Ook een dag van bevrijding en tevens een zeer droevige dag. Belangrijke gebeurtenissen die op deze dag hebben plaatsgevonden: Allah schiep de aarde, de hemelen, de rivieren, de bergen etc. Allah schiep Hazrat Adam, alai hies salaam, en op deze dag ging Hazrat Adam ook het Paradijs binnen. De Ark van Hazrat Nuh, alai hies salaam, werd van de zondvloed gered. Hazrat Musa (Mozes), alai hies salaam, redde zijn volk uit handen v/d Farao. De geboortedag van Hazrat Ibrahim (Abraham), alai hies salaam. De geboortedag van Hazrat Iesha (Jezus), alai hies salaam. Op deze dag zal ook het einde van de wereld komen.

 

Sterfdag van Imaam Hussain als martelaar.

Imam Hussain is een kleinzoon van de Heilige Profeet Muhammed, vzmh, geboren op 5e Sja’baan in Medina. Zijn moeder heet Hazrat Fatima Zohra(r.a), die een dochter is van de Heilige Profeet Muhammed, (v.z.m.h) Hazrat Ali, (r.a.), de 4e Khalifa (opvolger) van de Heilige Profeet, (s.a.w.), is de vader van Imam Hussain. Imam Hassan is de oudere broer van Imam Hussain. De Heilige Profeet Muhammed, (s.a.w.), houdt erg veel van Imam Hussain en zei het volgende: Degene die liefde heeft voor Allah, heeft liefde voor Imam Hussain. Hussain is van mij en ik ben voor Hussain.Hassan en Hussain zijn twee bloemen van mij in deze wereld. Imam Hussain, zijn familie en zijn volgelingen werden door hun tegenstanders achtervolgd en gemarteld. Op Asjuradag, 10e Muharram, stierf hij op de leeftijd van 56 jaar als martelaar in Karbala, een plaats in Irak.

 

“Koelloe Nafsien Za-ie-Katoel Maut”

 

Iedere ziel zal de dood proeven(Sura 3:183) Iedereen weet, dat hij eens dood zal gaan. Het tijdstip waarop dat zal gebeuren is ons niet bekend. Het kan vandaag, morgen, over enkele dagen, weken, maanden of na een groot aantal jaren gebeuren. Een Moslim moet voortdurend beseffen dat elke dag, elk uur en zelfs elke seconde zijn laatste moment en/of dag kan zijn. Daarom moet hij elk moment aan de Almachtige denken en Hem bedanken dat Hij hem tijdens zijn leven heeft willen beschermen en hem genadig wil zijn het aardse leven als een gelovige Moslim te mogen verlaten. De Islam leert ons dat de dood niet het einde is van de mens, maar dat de ziel na een bepaalde tijd wordt bevrijd uit het lichaam waarin ze is opgesloten. De ziel blijft voortbestaan. Wanneer de vastgestelde tijd is verstreken, zal de Almachtige, die de macht heeft om te scheppen en vernietigen, hem door Zijn Goddelijke kracht weer uit het dode doen herrijzen

 

Sja’baan

Sja’baan is de 8ste maand van de moslimkalender. De Heilige Profeet Muhammed (s.a.w.) heeft gezegd: “Sja’baan is mijn maand” deze uitspraak geeft ons aan hoe bijzonder deze maand is. Op de 5de sja’baan is Imaam Hussain geboren.. Het is zeer aanbevolen om in deze maand vrijwillig te vasten, Nafil gebeden te verrichten, de Heilige Quran te reciteren, Daroed en salaam te zenden voor de Heilige Profeet Muhammed (s.a.w.) bij voorkeur kunt u het volgende gebed dagelijks verrichten.

 

12 Rak’aat namaaz, telkens niejat van 2 rak’aat doen, in elke rak’aat leest u

 

01 x Surah Al-Fatiha (Alhamdu), daarna

15 x Surah Al-Ichlaas (Qoel) afsluiten met salaam en dua (steeds 2 rak’aat te nemen (dus 6x2) tot dat het aantal 12 rak’aat is bereikt).

 

Op iedere donderdag avond in de maand sja’baan:

Eerst de niejat voor 4 rak’aat Nafil namaaz voor deze maand Sja’baan-avond.

04 Rak’aat nafil-namaaz, u leest in elke rak’aat

01 x Surah Al-fatiha (Alhamdu) daarna

23 x Surah Al-Ichlaas (Qoel) na voltooiing v/d 4de rak’aat salaam en du’a. Zegeningen: De beloning van dit gebed is gelijk aan 1 x Hadj en Oemrah. Ten minste 1 x in sja’baan onderstaand gebed verrichten:

08 Rak’aat Namaaz hier de niejat doen voor 8 rak’aat en leest u in elke rak’aat. 01 x Surah Al-Fatiha (alhamdoe) vervolgens. 11 x surah Al-Ichlaas (Qoel) telkens na einde 2 rak’aat At-tahiejatoe en Daroed lezen, zonder Salaam en met Takbier (Allahoe Akbar) weer opstaan. Pas na de 8ste rak’aat dit afsluiten met salaam en dua voor u zelf en voor alle (overledene).

 

Shab-e-Baraat de 15de nacht in de sja’baan:

Hoewel alle nachten en dagen in deze maand zegenrijk zijn is de 15de nacht Shab-e-baraat (nacht der verlossing) zegenrijker dan andere nachten. Een zegenrijke nacht om thuis en in de moskee te bidden. Het is sunnah om in deze nacht Fatiha te lezen en du’a te doen voor de zielerust van alle overledene moslim broeders/zusters en in groepsverband de islamitische begraafplaatsen te bezoeken.

 

Het Nafil gebed voor de Shab-e-baraat nacht is: 4 Rak’aat Namaaz niejat voor 4 rak’aat nafil voor Shab-e-baraat 01 x surah Al-Fatiha (alhamdoe) u leest dit in elke rak’aat daarna. 50 x Surah Al-Ichlaas (Qoel) na voltooiing v/d 4de rak’aat salaam en dua

 

De volgende ochtend vasten; zegeningen: als men bovengenoemde gebeden verricht en de volgende dag vast, zal Allah de zonden van 50 jaren vergeven. U kunt in het bijzonder dua doen voor Ghatoene Djannat, Biebie Fatimah (r.a.) als wij de zegeningen van onze gebeden tot haar richten, zal Zij op de Dag des Oordeels tot Allah smeken om al onze zonden te vergeven en ons naar het Paradijs sturen.

 

De vruchten van de vrees:

Imam Ghazali (r.a.) zegt: “Vrees rukt de begeerten af en bezoedelt weelderigheden, zodat gekoesterde zonden weerzin gaan oproepen, zoals een honingliefhebber er een afkeer tegen krijgt wanneer hij verneemt, dat er gif in zit. Op deze wijze verbrandt de vrees de begeerten; kastijd het de organen; onderwerpt het ons hart en brengt de rust. Het stelt het hart er ook toe in staat, zichzelf te ontdoen van trots, haat en afgunst; het blijft alleen daarvan (vrees) vervuld. Voortaan bemoeit het hart zich alleen nog met de eigen zorgen en kijkt het naar waar het op lange termijn het beste mee gediend is. Het bemoeit zich alleen nog maar met zaken als meditatie, zelfonderzoek en strijd. Het koestert de tijd en het ogenblik.

 

Zakaat - Gave / armenbelasting

Zakaat is een vorm van armenbelasting en heeft een reinigende werking. Sadka (sadakah) is een vrijwillige bijdrage.

 

Doel van de zakaat

Zuiveren van de menselijke ziel, armen te hulp komen en voorzien in de behoeften van noodlijdenden en misdeelden. Onder zakaat vallen : Geld in de vorm van goud en zilver en alles wat een tegenwaarde heeft.

 

Niet onder zakaat vallen:

Primaire levensbehoeften huishoudelijke artikelen, beroepsgereedschap, provisie voor minder dan één jaar, woonruimte, edelstenen zijn eveneens vrijgesteld van zakaat, zoals: smaragd, robijn, saffier, en alle soorten juwelen. Zijn juwelen echter commerciële redenen aangeschaft, dan is er wel Zakaat over vereist.

 

Belastbare waarde en verschuldigde zakaat

Het bedrag of de goederen die aan het eind van het jaar in bezit zijn is als uitgangspunt voor de berekening van de zakaat. De kleinste hoeveelheid bezit waarover zakaat betaald moet worden, noemt men “Nisaab”. Goud: Meer dan twintig dinar (ongeveer 85 á 90 gram) en één jaar in bezit blijft, dan 2 ½ %. Zilver: Wanneer de waarde wordt bereikt van van 595 tot 640 gram en het blijft minstens één jaar in bezit dan ook weer 2½ %. Over bankbiljetten, die tegenwoordig goud en zilver vervangen, betaalt men ook 2½% van hun waarde, want deze worden door deze metalen gedekt. In het algemeen geldt: over iedere €1000,= (spaargeld eind van het jaar) betaal je slechts 2½ % dus €25 zakaat.

Bestemming zakaat

De zakaat is bestemd voor de volgende categorieën mensen:

1. Onder een arme wordt verstaan iemand, die niets heeft, wat voedsel, kleding en onderdak betreft, zelfs als hij een belastbare hoeveelheid bezittingen heeft komt hij nog in aanmerking voor zakaat.

2. Een behoeftige kan meer of minder welgesteld zijn dan een arme. Beide worden beschouwd op dezelfde voet van gelijkheid te staan en men past op hen dezelfde regel toe.

3. Degenen die de zakaat verzamelen (Niet van toepassing in Ned.).

4. Degenen die zich hebben verzoend aan de Islam (de nieuwe muslims).

 

5. De vrijlating van slaven, die men koopt en vrijlaat uit liefde voor Allah (s.w.t.).

6. Een muslim die schulden heeft (gemaakt, door de last op zich te nemen een som geld te betalen om vrede te stichten tussen twee strijdende partijen of om een conflict te voorkomen of het bloedgeld van een dode te betalen.)

7. Op de weg van Allah wil zeggen in alles wat Hem behaagt.

8. De reiziger in moeilijkheden.

- Hulpverlening aan andersdenkenden wordt buiten de zakaat om verleend. Zakaat wordt in principe aan moslims gegeven.

- Het wordt niet gegeven aan degene voor het aanschaffen van middelen die verboden zijn in de Islam.

- De Zakaat wordt niet gegeven aan een man, die in staat is te werken.

 

Geven van zakaat

 

De zakaat en alle andere giften moeten zo oprecht mogelijk worden gegeven. Als je Zakaat overhandigt aan degene, die daarvoor in aanmerking komt, dan ben je ontslagen van je verantwoordelijkheid en schenkt Allah (s.w.t.) je je beloning. Wie er verkeerd gebruik van maakt, laadt zelf zonde op zich. Het geven van zakaat is een manier om het geloof in één Schepper te bevestigen. Het is uit dankbaarheid voor alles wat je hebt gehad van de Heer. De zakaat kun je op tijd afdragen en niet uitstellen. Meestal wordt de zakaat van de maand Ramadan tot Ramadan gegeven, maar het kan ook in een andere maand worden gegeven, mits men de datum bijhoudt.

 

Sadka Fitre in Noeroel Islam

Sadka Fitr is vastgesteld op € 5 per persoon voor dit jaar. De Sadka Fitr kun je voor de Eid salaat afdragen in Noeroel Islam of op de dag van Eid-ul-Fitre zelf. De Sadqa wordt afgedragen door zowel degenen die hebben gevast als degenen die niet konden vasten. Voor kinderen dragen de ouders de sadqa af. Als een kind voor de Eid-ul-Fitre salaat is geboren kunt u de sadqa fitr ook afdragen voor dat kind.

 

De islamitische kalender

De islamitische kalender is een maankalender .

De geboorte van de nieuwe maand wordt vastgesteld door waarnemers. Dit is het moment dat de maan, nadat zij een of twee dagen eerder in conjunctie met de zon is geweest (men noemt dit de ‘astronomische nieuwe maan’), weer ver genoeg van de zon is verwijderd zodat zij vlak na zonsondergang met het blote oog als een smalle maansikkel is te zien.  

 

 

 

 

 

Islamitische maanden

 

  1. Moharram– de heilige maand – 30 dagen.
  2. Safar  – De lege maand – 29 dagen.
  3. Rabi-al-Awwal  begin van de maand op13 januari 2013- de eerste lentemaand – 30 dagen.
  4. Rabi-ul-Sani begin van de maand op 24 februari 2013 – de tweede lente maand – 29 dagen.
  5. Jumada-ul-Awwal begin van de maand op13 maart 2013

      - de tweede lentemaand – 30 dagen.

  1. Jumada -ul-Akhir begin van de maand op 11 april 2013- de eerste droge maand – 30 dagen.
  2. Rajab begin van de maand op 11 mei 2013-  

de vereerde maand – 30 dagen.

  1. Shabān begin van de maand op10 juni 2013 - de maand der verdeeldheid – 29 dagen.
  2. Ramadan begin van de maand op 8 juli 2013- de maand van de grote hitte  -  30 dagen.
  3. Shawaal begin van de maand op 8 augustus 2013 - de jachtmaand  - 29 dagen.
  4. Dhul-Qadabegin van de maand op 7 september 2013 - de rustmaand  - 30 dagen.
  5. Dhul-Hijja begin van de maand op 6 oktober 2013- de bedevaartsmaand  - 29 of 30  dagen.

 

 

 

 

Salat al Tasbih

Abdullah Ibn Abbas  heeft overgeleverd dat de Profeet (VZMH) tegen Abbas ibn Abdulmutallib zei;”Oh Abbas, Oh mijn oom! Zal ik je iets schenken? Zal ik je iets trakteren? Zal ik je 10 dingen op noemen welke als je ze doet Allah al jouw zonden; de eerste en de laatste, de oudste en nieuwste, bewust of ongewild, groot of klein, open of geheim, doet vergeven? Dit zijn de 10 dingen; Verricht een gebed van 4 rakaats, reciteer in elke rakaat Surah al Fatiha en een optionele Surah, waneer je met de recitatie in de rakaat klaar bent zegt dan staand;

15X ; ‘’Subhanallahi wal hamdulillahi wa laa ilaha illallaha wallahu ekber’’
Buig daarna na de Ruku en zeg het hezelfde daar 10X, nadat je je bent opgekomen uit de Ruku zeg het dan ook 10X.

Ga daarna naar de Sajdah en zeg het daar ook 10X, kom uit de Sajdah en zit en zeg het dan ook 10X, ga naar de 2e Sajdah en zeg het 10X, en waneer je uit de 2e Sajdah komt en zit zeg het dan ook 10X.

Dit maakt de gezamelijke aantal 75X in 1 Rakaat, doe hetzelfde in alle 4 de rakaats.

Als je wil verricht deze gebed dan 1 keer per dag, als je dit niet kan dan 1 keer per week, als je het niet per week kan veriicht het dan 1 keer per maand, als dat niet kan dan 1 keer per jaar. Als je het niet 1 keer per jaar kan kan doen , doe het dan tenminste 1 keer in je leven.

(Abu Dawud, Tirmidhi e.a.)

(En in de overlevering van Abdullah bin Mubarak in Tirmizi dient men; Na de openings dua ”Subhanaka allahumma’”:
15X ; ‘’Subhanallahi wal hamdulillahi wa laa ilaha illallaha wallahu ekber’’ te zeggen. En dan 10X na de recitatie van Surah al Fatiha en een Surah. Daarna 10X in de Ruku, 10X keer bij het opkomen van de Ruku, 10X keer in de Sajdah, 10X bij het opkomen van de Sajdah, en nog eens 10X in de 2e Sajdah, waarna men opstaat voor de 2e rakaat opstaat en begint met 15X op te zeggen en de rest op dezelfde manier.

Verder zegt Abdullah bin Mubarak dat de gewone dua’s in Ruku en Sajdah resp. 3x Subhana Rabbiytal Azim en 3 Subhana Rabbiyal Ala alvorens dienen te worden opgezegd voordat dat men 10 X de Tasbih opzegd.

Subhana ziel mulki wal malakut. Subhana ziel iezzati wal azmati wal haibati, wal kudrati, wal kiebrie jaa-i-wal djabarut. Subhanal malikal hai-jul-lazie, la janamu wa-la ja-mut. Subhuhun kuddusun rabbuna wa rabbul malaa-i- katie waruh.

Glorie zij met Zijn koninkrijk . Glory be to One possessing honor, greatness, power, might and prowess.Glorie zij de Bezitter van de hoogste eer, grootheid, macht en kracht. Glory be to the living King who neither sleepeth, nor dieth forever and forever; and He is Glorious, Holy our Lord and the Lord of Angels and Spirit. Glorie zij de levende Koning, die niet slaapt, noch sterft, voor eeuwig en altijd blijft bestaan, en Hij is Glorious, Heilig is onze Heer en de Heer van de engelen en geesten.

Qiyamul Lail

De Profeet (Vrede en zegeningen zij met Hem) hield nooit op met de Qiyam-ul-Layl. Degenen die verlangen naar dezoetheid van de ibadah kunnen weer ervan proeven en meedoen aan de Qiyam-ul-lail.

 

Qiyamul lail is een van de verschillende gebedsmogelijkheden in de Islam. De Qiyamul Lail of Salatul Tahajjud is een aanbidding van de Heer (De Almachtige). Qiyam betekent 'staande' en 'Qiyamul Lail' betekent 'staan' s nachts '.

 

Het vrijwillige nachtgebed

In de Syariah verwijzen beide termen naar "het vrijwillige nachtgebed, waarvan de tijd na het Isha gebed (de laatste van de vijf verplichte gebeden, wiens tijd zich uitstrekt vanaf het verdwijnen van het roodachtige licht aan de hemel tot het midden van de nacht) tot de ochtendgloren duurt '.

 

Dit vrijwillige gebed wordt beschreven als Qiyamul Lail, omdat het gaat om een lange klassement, waarin meestal lange gedeelten van de Helige Koran worden gereciteerd.

 

Andere namen voor hetzelfde gebed

Andere veel voorkomende namen voor dit gebed zijn Salatul Lail (het nachtgebed), Tahajjud (van hajjada, betekenis: 's nachts wakker), of Witr en Tarawie (Rust) in Ramadan. (Lisan ul-Arab onder Hajada en Rawaha)

 

Hadith’s over het nachtgebed

Aisyah (moge Allah, de Almachtige, tevreden met haar zijn), zei: “Stop nooit met Qiyam. De Profeet (Vrede en zegeningen zij met Hem) is niet opgehouden met het bidden van de Qiyam.” Toen hij ziek of zwak was, bad hij de Qiyam-ul-lail zittend."(Abu Dawoed)

 

Ze meldde ook dat de Boodschapper (Vrede en zegeningen zij met Hem) van Allah (De Almachtige) zei: "De meest geliefde daden voor Allah (De Almachtige) zijn de meest constante, zelfs al zijn ze nog zo klein."(Sahih al-Bukhari en Sahih Muslim)

Verdiensten van de Qiyam-ul-lail

 

De Heilige Koran over het vrijwillige nachtgebed

Veel Heilige Koranverzen spreken over de voortreffelijkheid van de Qiyam-ul-lail en de verdiensten voor de mensen die de Qiyamul Lail op een regelmatige basis uitvoeren. "Zij (de gelovigen) die opstaan van hun bed, hun Heer in vrees en hoop aanroepen, tijd doorbrengen voor hetgeen Wij hun hebben geschonken. "(Vertaling van soera As-Sajadah: 16)

 

"Zij (de vrome) gebruikt 's nachts maar weinig tijd om te slapen "(Soera az-Zaari'jaat.: 17)

 

Hadiths over qiyam-ul-lail

 

Abu Hurairah vertelde, "De Boodschapper (Vrede en zegeningen zij met Hem) van Allah (De Almachtige), zei: 'Het beste gebed na die voorgeschreven gebeden is (Het gebed uitgevoerd) in de diepte van de nacht '. "(Sahih Muslim en Musnad Ahmad)

 

Hij zei ook: "De meest geliefde gebed tot Allah (De Almachtige) was die van Dawud  (vrede zij met hem). Hij sliep de helft van de nacht, stond op (en bad) voor eenderde, en dan sliep hij (de resterende) een zesde van de nacht weer. "(Sahih al-Bukhari en Sahih Muslim)

 

Bescherming tegen Syaitan

Abu Hurairah heeft gemeld dat de Boodschapper(Vrede en zegeningen zij met Hem) van Allah (De Almachtige) zei: "Wanneer een van u gaat slapen, bindt Syaitan drie knopen op de achterkant van uw hoofd, blaast in elke knoop en u hebt daarna een lange nacht om te slapen. Maar als u in de nacht wakker wordt en noemt de naam van Allah (De Almachtige) dan komt er een knoop los. Als u woedoe (rituele wassing voor het gebed) doet gaat de andere knoop los en als u bidt gaat de derde en laatste knoop los. Dan wordt hij levendig en goedmoedig; anders staat hij op als een luie en slechte man. "(Sahih al-Bukhari en Sahih Muslim)

 

Acceptatie van Smeekbede

Abu Hurairah heeft gemeld dat de Boodschapper (Vrede en zegeningen zij met Hem) van Allah (dE Almachtige) zei: "Onze Heer daalt elke nacht naar de laagste hemel, als er slechts een derde van de nacht is overgebleven. Hij zegt: 'Wie zal een beroep doen op mij, zodat ik hem kan geven? Wie zal proberen mijn vergeving te vragen, opdat ik hem vergeef '. "(Sahih al-Bukhari hem en Sahih Muslim)

 

Investeren in goede daden

In een ander rapport, voegt hij eraan toe: "Dan strekt Allah Zijn Hand en zegt: 'Wie investeren wil in (goede daden) voor Hem heeft niet meegedaan aan verspilling of is niet onrechtvaardig? 'Als hij dat blijft doen tot de dageraad komt. "(Sahih Muslim)

 

Jabir heeft gemeld, de Boodschapper (Vrede en zegeningen zij met Hem) van Allah (De Almachtige) zei: "Er is een uur in waarop Allah (De Almachtige) de nacht die een tegenkomt en vraagt in die uur krijgt elke moslim die een goede zaak voor dit leven of het Hiernamaals vraagt van Allah (De Almachtige) Dit gebeurt elke ’s nachts." (Sahih Muslim)

 

Koran ayaat met betrekking tot qiam-ul-lail

 

مَحْمُودًامَقَامًارَبُّكَيَبْعَثَكَأَنْعَسَىٰلَكَنَافِلَةًبِهِفَتَهَجَّدْاللَّيْلِوَمِنَ

 

En (tijdens een deel) van de nacht, hun slaap verlaten en waken om Salat te bidden, in aanvulling op de reguliere verplichte gebed. Uw Rabb (de Onderhouder) kan uw positie (als beloning) verheffen  naar grote onderscheiding, heerlijkheid en lof. "

[De Heilige Koran: 17:79]

 

Belang      

De Tahajjud Gebed (Namaz-e-Shab) is op de eerste plaats na alle andere optionele (Sunnat) gebeden. Tahajjud betekend om de slaap te verlaten en  Salat te verrichten. De Koran verwijst hiernaar in Surah 17:79 en zegt: "En (tijdens een deel) van de nacht, hun slaap verlaten en waken om Salat te verrichten, in aanvulling op de reguliere verplichte gebed. Uw Rabb (de Onderhouder) kan uw positie (als beloning) verheffen tot grote onderscheiding, heerlijkheid en lof. "De Profeet (saw) zei:" Ik zal bij "Maqam-e-Mahmuda" zijn op de Dag der Opstanding wanneer ik de zondaars  zal vergeven en winnen bij de Rabb (de Onderhouder), die doet wat Hij wil. "Wij, als zondaars, zouden ook  voorbede willen ontvangen om in het gezelschap van de Profeet (saw) te kunnen zijn. Maar we moeten hard werken om de gewenste spirituele niveau te bereiken tijdens het leven.

 

Het hierboven aangehaalde vers die salatul-Layl beschrijft is direct naast het vers (17:78), die de normale dagelijkse verplichte Salat voorschrijft geplaatst. Dat onderstreept het grote belang van salatul-Layl. Tahajjud  wordt beschouwd  als "het dichtst bij verplichte (wajib) gebed."

 

De Profeet (Vrede en zegeningen zij met Hem)) heeft drie keer herhaald, "alayka Bis-salatul-Layl", wat betekent," de plicht van u (Oh imam Ali a.s.) is salatul Layl. "Deze Hadith onderstreept verder het belang van salatul- Layl. Daarom moeten we proberen het nooit te missen.

Verdiensten

        

Door  salatul-Layl te verrichten wordt iemands levensonderhoud verhoogd en gaat men gemakkelijk door "Sakaraat" (groot en slopende pijn die een stervende persoon lijdt op het moment van overlijden) en vindt men geluk in "Barzakh" (de geestelijke wereld waar de overledenen zielen verblijven, hetzij in geluk of ellende, tot de Dag der Opstanding).

Imam Jaffar Sadiq (as) citeert Imam Ali (as) die zei dat de Profeet (saw) zei dat een persoon die salatul-Layl verricht, de volgende twintig vier soorten voordelen krijgt:

 

·         Verzekerd Allah's welbehagen.

·         Maakt vriendschap met Engelen.

·         Is de Sunnat van de Profeten (a.s.)

·         Biedt de middelen om kennis na te streven.

·         Vormt de basis van ons geloof.

·         Houdt men fysiek fit.

·         Jaagt Shaytan weg.

·         Beschermt men tegen vijanden.

·         Dient als een middel om de aanvaarding van Dua’s  en goede daden.

·         Verhoogt je levensonderhoud.

·         Bemiddelt met de Engel des Doods.

·         Verlicht het graf.

·         Biedt comfort in het graf.

·         Helpt het beantwoorden van Munkar en Nakir in het graf.

·         Geeft gezelschap in het graf.

·         Biedt onderdak op de Dag des Oordeels.

·         Kroont diegene op de Dag des Oordeels.

·         Kleedt diegene op de Dag der Opstanding.

·         Biedt een licht op de Dag des Oordeels.

·         Vormt een barrière tegen het vuur van de hel.

·         Krijgt Allah's vergiffenis op de Dag des Oordeels.

·         Verhoogt het gewicht van goede daden op de weegschaal.

·         Helpt het oversteken van de brug van "Siraat" zonder enige moeite.

·         Vormt de sleutel tot het Paradijs.

 

Tayammum

Bij afwezigheid van water of niet de mogelijkheid hebben om water te gebruiken mag je gerbuik maken van tayammum. Dat is woezoe doen met schoon zand.

 

 “Al je geen water kan vinden, verricht  dan de tayammum met aarde, wrijf het in je gezicht en armen.” ( Al- Mai’dah, 6)

 

 

 


 

De Profeet (s.a.w) zei:

Het betekent:: “De aarde is geschapen als een plaats voor ons gelovigen om op te bidden en de aarde is gemaakt voor zuivering.” ( Sahieh Musliem)

 

Ga eerst na wat de tijden zijn van het gebed voordat u overgaat tot zuivering met de methode van tayammum voor het gebed. De tayammum is alleen geldig voor één verplicht gebed en voor alle verplichte gebeden kan een ieder met tayammum een gebed verrichten.

 

Uitvoering vanTayammum

Gebruik alleen schone aarde om de tayammum te verrichten ( Figuur 1)

 

1. Het is verplicht om de aarde of aarde in de vorm van zand met de handpalmen te beroeren.

 

Neem je voor (intentie) om de tayammum te verrichten: “Ik neem mij voor om de tayammum te verichten voor het gebed.”

 

Terwijl je met de, in het zand gewreven handen naar je gezicht brengt en je gezicht ermee aanraakt. Wrijf het stof van je handpalm over je heel gezicht. ( Figuur 2 en 3)

 

2. Wrijf de handen weer in het stoffig zand en srijk ermee over je armen tot de ellebogen, te beginnen bij de linkerhand en daarna de rechterhand (figuur 4, 5, 6, 7 en 8).

 

 

                             

          Figuur 1                                   Figuur 2

                          

           Figuur 3.                             Figuur 4

                  

       Figuur 5                                          Figuur 6

7                                 8

 

 

De vijf dagelijkse gebeden uitgelicht

Fajr of Fadjr is het ochtendgebed en is genoemd in Soera ‘Het Licht’ 58. De Arabische naam van soera ‘De Dageraad’ is eveneens al-Fajr. Fajr bestaat uit twee verplichte rakaats.

 

De imamreciteert hardop. Voor de verplichte rakaats kan een moslim twee soennah rakaat verrichten. Het Fadjr gebed voer je uit bij dageraad, normaliter circa anderhalf uur voor zonsopgang. In principe kan je tot zonsopkomst Fajr verrichten.

 

Zohris het middaggebed en dat verricht je als het tweede gebed van de dag. Zohr wordt genoemd in Soera ‘De Nachtreis 78’, waar het wordt aangegeven als het gebed bij het verbleken van de zon. Zohr bestaat uit vier verplichte rakaats.

De imam reciteert niet hardop, maar spreekt onder andere het Allahu akbar wel hardop uit, zodat de gebedsparticipanten hem kunnen volgen. Voor de verplichte rakaats is het toegestaan om vier soenah rakaat’s te verrichten en ook na het verplichte gebed mogen twee extra soenah rakaats verricht worden. Volgens sommige madhhabs(rechtsscholen) is het een reiziger toegestaan Zohr in te korten tot twee rakaats.

 

Djoemaof salaat ul-djoema; deze bestaat uit twee rakaats en verschillende delen, zoals de toespraak (in Noeroel Islam in het Nderlands) en daarna het Arabische religieuze gedeelte van de toespraak (Khutbah) gebeuren met hoorbare stem van de imam. Vooraf aan de twee verplichte rakaats verricht de imam de Arabische Khutbah, daarna verrichten de gebedsparticipanten gelijk de djoema salaat.

 

Khutbah

Is een preekdie voor de vrijdagsalaat(djoema) en na de speciale salaat van het Offerfeest en het Eid-ul-Fitre (suikerfeest) ten uitvoer komt in de moskee.

 

Khutbah op de vlakte van Arafat in Hadj

Ook is er een Khutbah, bedoelt voor alle moslims op de vlakte van Arafat gedurende de grote bedevaart (Hadj)

 

De khutbah is dus ook de toespraak van de imam in de moskee tijdens de djoema, voor de tweede Khutbah die (liturgischvan aard is - de samenhangende `voorschriften` voor het vieren van het geloof en de bijeenkomsten), waarin hij maatschappelijke en actuele zaken aanhaalt in relatie tot de Islam, meestal in de taal van het land waar de moskee is gevestigd.

 

De onderwerpen van de khutbah (toespraak) van de imam op de djoema zijn zeer divers, maar handelen vaak over actuele en relevante zaken. De lengte verschilt en wordt bepaald door de imam, hoewel volgens overleveringen Mohammed (s.a.w.) nooit langer dan 15 minuten preekte.

 

Na de khutbah wordt een smeekbede door de imam opgezegd. Normaliter bestaat de khutbah op een der feestdagen uit één deel en duurt gemiddeld langer. De khutbah (maatschappelijke, actuele gedeelte) hoeft niet in het Arabisch gehouden te worden in tegenstelling tot de salaat.

 

Om die reden wordt de khutbah meestal gehouden in de landstaal of in de taal van de grootste groep aanwezigen. In moskeeën in Nederland wordt een khutbah dan ook niet altijd in het Nederlands gehouden; soms volgt na de anderstalige khutbah een Nederlandse vertaling of wordt deze vooraf gegeven.

   

De khutbah (Arabische gedeelte) voorafgaand aan het (Djoema) op vrijdag in de moskee bestaat uit twee delen, gesplitst door een moment van stilte voor reflectie. Degene die de khutbah houdt, wordt khatib genoemd in Nederland noemen wij hem een imam. De khutbah djoema wordt wel enkel in het Arabisch gehouden.

 

Asr

Is het namiddaggebed. Het wordt als het derde gebed verricht. Asr wordt genoemd in Soera, De Koe 238, waar het is genoemd als het tussengebed. Voor gelovigen is het een zeer belangrijke salaat gezien. De Arabische naam van soera ‘De Namiddag’ is eveneens ‘’al-Asr’’. Asr bestaat uit vier verplichte rakaats. De  imam reciteert niet hardop, maar spreekt onder andere het Allahu akbarwel hardop uit. Na de verplichte rakaat worden geen soennah rakaat’s verricht. Volgens sommige madhhabs is het een reiziger toegestaan asr in te korten tot twee rakaats.

 

 

Maghrieb salaat

Dit gebed is het vierde gebed van de dag en vindt plaats als de de zon ondergaat. Maghrieb bestaat uit drie verplichte rakaats. De imam reciteert hardop. Na de verplichte rakaat kan men twee extra soenah rakaats verrichten. Maghrib is ook het moment in de maand Ramadan voor het ontvasten (Iftarie-Iftaar). De islamitische dag begint ook bij maghrieb.

Isha

Is het nachtgebed en het vijfde en laatste gebed van de dag.

Isha bestaat uit vier verplichte rakaat’s. De imam reciteert hardop. Na de verplichte rakaats is het toegestaan om twee soennah rakaat’s te verrichten en daarna het Witr gebed van drie rakaats. Na isha kunnen nog een aantal soorten van vrijwillige salats worden verrichten (Qiamul lail).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Madhabuitgelicht

Madhabis de Arabische naam voor de rechtsscholen binnen de soennitische islam, die op verschillende manieren de moslimse wetten interpreteren, genaamd fiqh.

 

De vier scholen zijn:

 

1. Hanbali

2. Hanafi

3. Maliki

4. Sjafi

 

De madhahib (meervoud van madhab) ontstond rond de 8e eeuw. In die tijd begon de vormgeving van de sharia (islamitische wetgeving). Een bepaalde redeneringsvorm moest gelden. De Heilige Koran moest verklaard worden vanuit de Ahadith, daarvoor was de wijdverspreidde mening dat juist de ahadith uit de Heilige Koran voortkwamen.

 

De fiqh (jurisprudentie) werd vanuit vier bronnen samengesteld:               

 

1.      De Heilige Koran

2.      De Ahadith

3.      Analogie

4.      Consensus

 

 

 


 

Oemma

De oemma

Al-oemma al-islamiyya of kortweg: Al-oemma) is de wereldwijde islamitische gemeenschap. De oemma wordt gezien als een wereldwijde eenheid, waartoe die landen worden gerekend waar de islam de hoofdgodsdienst is, of algemener, die personen die moslim zijn. De gemeenschap heeft een geschiedenis van bijna veertien eeuwen. Slechts in de eerste paar eeuwen van haar bestaan vormde het een politieke eenheid al vonden toen ook geregeld fitna's of onderlinge oorlogen plaats. Van de oemma wordt al gesproken in de Heilige Koran en de Profeet Mohammed (s.a.w.) was de eerste leider van de oemma.

Woordenlijst

Abd : dienaar, slaafMoslims beschouwen zich als dienaar of slaaf van God. Zo betekent de naam Abdallah letterlijk Dienaar van God. Abd wordt vaak gebruikt als voornaam in combinatie met één van de namen van God.

Adab : vaak gebruikt in de betekenis van etiquette, zoals beleefdheid een vorm van adab is.

Ahad : letterlijk één. Binnen de islam wordt dit woord gezien als één van de 99 Schone Namen van God, omdat God als de Ene wordt gezien.

Ahkam : regels opgesteld volgens de Koran en de Soennah met 5 gradaties: fardmustahabhalalmakruh, en haram.

Ahl al-Bayt : de leden van het Huis van Mohammed.

Ahl al-Fatrah ( ahlu-l-fatratu) mensen die in onwetendheid zijn over de islam.

Ahl al-Kitab (أAhl al-KitābMensen van het Boek, de mensen die reeds voor de komst van Mohammed in God geloofden en een Boek ontvingen: jodenchristenen en hânifs.

Akhirah (Al-’Ākhirah) het leven na de dood en de verantwoording die men aflegt voor zijn of haar daden.

Akhlaq (Akhlāq) Het in de praktijk laten zien van deugden.

Alamin (Ālamīn) al hetgeen wat bestaat, waaronder de mens, de djinn en de engelen.

Alhamdulillah (Al-Ḥamdu li-l-ḶāhAlle Lof is voor God

Allah : God

Allahumma : Oh God.

Allahu Akbar (Al-Ḷāhu ’AkbarGod is de grootste.

Alim (Ālim) Hij die weet, meervoud Oelema

Amanah (Amānah) het vertrouwen dat de mens kreeg van God en daarmee de vrije wil.

Amien (Āmīn) Amen, bedoeld als O God, verhoor onze gebeden!

Aminah bint Wahab : de moeder van Mohammed.

Ansaar (Anṣār) "Helpers", de tot de islam bekeerde inwoners van Medina, die de moslims uit Mekka na de hidjra hielpen.

Aqidah (Aqīdah) de zuilen van geloof, de getuigenis van de islam, voor soennieten bestaande uit zes zuilen: het geloof in de eenheid van God, de engelen, de geopenbaarde Boeken, de profeten en de boodschappers, de Wederopstanding en de Laatste Dag en de voorbeschikking Gods.

Arkan :De vijf zuilen van de islam: de geloofsgetuigenis, de rituele gebeden, het geven van aalmoezen, het vasten tijdens ramadan en de pelgrimstocht naar Mekka.

Asjoera (Āshūrah) Tiende dag van de maand muharram; de dag waarop de soennieten gedenken dat Allah(s.w.t.) de profeet Musa (s.a.w.) en de kinderen van Israël redde uit EgypteSjiieten herdenken de dood van imam Hoesseinr.a.

Asharatu mubashshirun : De tien metgezellen van de Profeet Mohammed (s.a.w.) die een plaats in het Paradijs is beloofd.

Astaghfirullah (’Astaghfiru l-Ḷāh)

Ik zoek vergeving bij God.

Audhu billah (A‘ūdhu bi-l-Ḷāh)

Ik zoek mijn toevlucht tot God

Awliya' (Awliyā’) vrienden, beschermers, helpenden, (enkelvoud:wali)

Awrah (‘Awrah) het gedeelte van het lichaam dat dient bedekt te worden.

Aya (Āyah) (meervoud ayaat) een teken, meer specifiek, een gedeelte of vers van de Heilige Koran

Ayatollah (Āyat al-Ḷāh) : Teken van Godtitulatuur voor hooggeplaatste geestelijken binnen het sjiisme

Azaan (Ādhān) : de oproep tot het rituele gebed door de muezzin.

Azl (‘Azl): coitus interruptus, letterlijk: isolatie

 

B

 

Baitullah :Huis van Allah (s.w.t.), een moskee of ook wel de Ka'abaSharief.

Barakah : Een zegen, ook de spirituele overdracht van kennis

Barzakh: Periode tussen iemands dood en

zijn wederopstanding op de Dag des oordeels. Het wordt gezien als een soort slaaptoestand.

Bid'ah : Letterlijk: iets nieuws. Binnen de islam is het een innovatie in het geloof of de aanbidding. Over het algemeen worden deze afgewezen.

Bint :dochter van

Bismillah ar-Rahman, ar-Raheem ( bismi-llāhi -r-raḥmāni -r-raḥīmi)In de naam van God, de Erbarmer, de Meest Barmhartigeuitdrukking en de eerste aya van alle soera's van de Heilige Koran, op een na.

 

C

 

Choel: De 'onverenigbaarheid van karakters' tussen een man en een vrouw, die een geldige reden is om te kunnen scheiden.

 

D

 

Dadjaal : Letterlijk: leugenaar, figuur binnen de islam, vergelijkbaar met de Antichrist.

Dar al-amn : Vertaald als huis van de veiligheid, refereert aan moslims die in de westerse wereld leven.

Dar ad-dawa : Vertaald als huis van de uitnodiging, refereert aan gebieden waar de islam recentelijk is geïntroduceerd.

Dar al-harb : Vertaald als huis van de oorlog, refereert aan de landen die geen deel uitmaken van de islamitische wereld.

Dar al-islam : Vertaald als huis van de vrede, refereert aan de landen die deel uitmaken van de islamitische wereld.

Daroed: Een kleine zegenspreuk

Dawah : Uitnodiging voor bekering tot de islam

Derwisj : Islamitische mysticus, gebruikt binnen het soefisme.

Dhabiha : Term voor het aanduiden van de door de islam voorgeschreven wijze van slachten.

Dhikr (Zikr) Herinnering aan God, met name binnen het soefisme sterk ontwikkeld.

Dhimmi : Inwoner van een islamitisch land aangeduid die geen moslim is. Aanvankelijk verstond men onder dhimmi's alleen de zogeheten 'mensen van het Boek' (Joden).

Dhuhr : (Zohr) het middaggebed dat een onderdeel is van de vijf dagelijkse gebden in de Islam.

Dien : De Weg, een manier van leven, vaak gebruikt als aanduiding van de islam, maar ook voor de andere Abrahamitische religies.

 

Djenna : Paradijs, plaats waar zij die goed hebben geleefd, dus ook niet-moslims, na hun dood naartoe gaan.

Djinn : Onzichtbaar wezen, genoemd in de Heilige Koran, die bezit kan nemen van mensen.

Djuz' : een dertigste deel van de Koran.

Dua : Persoonlijk gebed (smeekbede).

Dunya : De wereld of het leven, in tegenstelling tot het hiernamaals.

E

Eid : Feest

Eid ul-Adha : Offerfeest. Het wordt gevierd ter nagedachtenis aan de Profeet Ibrahim(s.a.w.), die bereid was zijn zoon te offeren in opdracht van Allah (s.w.t.).

Eid ul-Fitr : Suikerfeest. Feest aan het einde van de vastenmaand Ramadan (1e Sjawaal)

Emir : (amīr) Letterlijk: commandant, aanvoerderadellijke of vorstelijke titel gebruikt in islamitische landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika.

F

Fajr : Het ochtendgebed, het eerste gebed van de dag en onderdeel van de vijf dagelijkse gebeden.

Fard : Religieuze plicht

Fatwa : Is een juridisch advies in de islam, die door een godsdienstige wetspecialist wordt uitgevaardigd met betrekking tot een specifieke kwestie.

Fiqh :  Van de sharia. Letterlijk betekent dit het goede inzicht in iets hebben, het weten en het begrijpen van wat iets betekent.

Fi sabil Allah : Op het pad van Allah, (omwille van Allah) uitdrukking

Fitna: Periode van chaos, evenzo de tijd van de apocalyps of beproeving.

Fitrah : Vergelijkbaar met het besef van goed en kwaad, het geweten. Moslims geloven dat kinderen met de aanleg voor deze gave zijn geboren.

G

Ghusl : Grote rituele wassing die ten uitvoer komt in bepaalde gevallen.

H

Hidaya : Letterlijk: gift, binnen de islam de begeleiding van een gelovige door Allah(s.w.t.).

Hadath asghar: Kleine, rituele onreinheid

Hadath akbar: Grote, rituele onreinheid

Hadd (meervoud = hudūd) Letterlijk: grens, binnen de islam de grens die Allah (s.w.t.) aan de mens gaf.

Hadith : meervoud=ahādīth: De islamitische overleveringen over het doen en laten en de uitspraken van de Profeet Mohammed(s.a.w.). Deze overleveringen vertellen ons over de soennah, de manier van de Profeet (s.a.w.). Voor de overgrote meerderheid van de moslims vormen de Ahadith een aanvulling op de Heilige Koran.

Hadj : De bedevaart naar Mekka, Eén van de vijf zuilen van de islam.

Halaal : Rein, toegestaan..

Hafiz : Letterlijk: bewaker, binnen de Islam iemand die de Heilige Koran uit het hoofd kent.

Hanif : Iemand die al voor het ontstaan van de islam een monotheïstisch geloof aanhing, zoals Abraham (s.a.w.) en Jezus(s.a.w.).

Haqq : Waarheid, een van Allah’s Schone Namen.

Haraam : Onrein, een categorie uit de fiqh: verboden

Harakat : Letterlijk: beweging, het plaatsen van klinkertekens in een Arabische tekst.

Hasan : Goed, mooi. Eveneens een categorisatie van een Hadith die acceptabel is.

Hijaab : Letterlijk bedekking, binnen de islam: hoofddoek, gedragen door vrouwen.

Hidjra : De migratie van Profeet Mohammed (s.a.w.) en zijn volgelingen van Mekka naar Medina in 622. Begin van de islamitische kalender.

Hizb : De helft van een djuz', een zestigste deel van de Heilige Koran

I

Ibada:  Aanbidding, uit zich niet alleen in rituelen, maar in alle goede daden, zoals een aalmoes of bescheidenheid.

Iblis : Een ongehoorzame djinn (geen engel, zie Soerat al-Kahf 50), verbannen naar de hel, ook bekend als Satan.

Iftar : Maaltijd na zonsondergang, gedurende de vastenmaand Ramadan.

Ihram :Toestand van reinheid gedurende de hadj, de bedevaart naar Mekka. Hiervoor zijn er kledingvoorschriften.

Ihsan : Perfectie in de aanbidding, zodanig alsof men Allah (s.w.t.) ziet. God ziet alles, een gegeven waar de moslim rekening dient te houden.

Ijaz : Niet-imiteerbaarheid en het unieke van de Heilige Koran.

Idjma : Consensus (overeenstemming) van islamitische rechtsgeleerden, één van de vier bronnen van de fiqh, de jurisprudentie van de islamitische wetgeving

Ijtihad : De rede, één van de aanvullende principes op de vier bronnen van de fiqh, de jurisprudentie van de islamitische wetgeving.

Imam : Een voorganger in het gebed, het rituele gebed..

Iman : Het geloof dat iemand zelf heeft.

Indjil : Eén van de openbaringsboeken genoemd in de Heilige Koran.

Indjil : Wordt doorgaans gelijkgesteld met het Evangelie, maar de inhoud van de Indjil is niet bekend vanuit de Heilige Koran. Geopenbaard aan Jezus.

Insha'Allah : Bij Allah’s wil!uitdrukking.

Iqamah : De tweede oproep tot het salat, bijna gelijkluidend aan de azan.

Isa : `Īsā: Jezus(s.w.t.) , zoon van Maria. Hij had geen vader.

Isha : Het nachtgebed, een van de vijf dagelijkse moslimgebeden.

(al-)Isra (Al-’Isrā’): De Nachtreis van Mohammed(s.a.w.), ook de naam van een soeraSoera De Nachtreis.

Islam :Overgave aan Allah. Het grondwoord betekent overgave, vrede, gehoorzaamheid en zuiverheid.

Isnad : Een volledige keten van overleveraars die elkaar gekend en ontmoet kunnen hebben, een voorwaarde voor een authentieke Hadith.

Isra : Deel van de Nachtreis waarbij Profeet Mohammed (s.a.w.) van Mekka naar de plaats van de huidige Al-Aqsamoskee in Jeruzalem ging.

J

Jadid : Letterlijk: nieuw, de naam gegeven aan islamitische hervormers binnen het Russische Rijk in de jaren '80 van de 19e eeuw.

Jahannam : De hel

Jahiliyya :Concept dat refereert aan de conditie van de pre-islamitische, polytheïstische Arabische samenleving, de tijd van onwetendheid.

Janaza : Begrafenisgebed

Jazakallahu Khayran : Moge God je belonen voor het goede. Uitdrukking als teken van dank.

Jihad :strijd, wordt zowel voor de innerlijke strijd als voor de uiterlijke strijd gebruikt.

Jizya : Belasting die betaald wordt door bepaalde niet-moslims.

Jumah (djoema):dhuhr(Zohr), uitgevoerd als gezamenlijke salat op vrijdag in de moskee.

K

Ka'aba : Vierkant gebouw in Mekka dat de qibla bepaalt. Het gebouw wordt niet aanbeden, maar is als gemeenschappelijk punt vastgesteld.

Kafir : Iemand die niet in Allah (s.w.t.) gelooft.

Kalam : Islamitische theologie

Kalief (Khalīfah) : Letterlijk: opvolger, hoofd van een kalifaat en in het bijzonder van het islamitische rijk. De kalief wordt beschouwd als de opvolger van de profeet Mohammed(s.a.w.), als leider van de oemma, niet als profeet.

Khatib : De imam die bij de gezamenlijke salat op vrijdag (djoema) de khutbah, de preek, houdt

Khilafah : Het rentmeesterschap dat de mens van Allah (s.w.t.) over de aarde kreeg.

Khutbah : De preek die een imam bij de gezamenlijke salat op vrijdag houdt.

Kitab : Letterlijk: boek, wordt gebruikt als benaming voor de Heilige Koran.

Koran : Zie Qur'an

L

La ilaha illallah : Er is geen godheid dan Allah. De belangrijkste uitdrukking binnen de islam, onderdeel van de shahadah en daarmee onderdeel van de vijf zuilen van de islam en de boodschap van de tawhid en daarmee onderdeel van de zuilen van het geloof.

Laylat al-Qadr : Nacht van de beslissing, de nacht waarin voor de eerste maal een soera van de Heilige Koran door de engel Djibril aan de Profeet Mohammed(s.a.w.) werd geopenbaard.

M

Madhhab : (meervoud Madhahib) rechtsschool, voornamelijk bekend binnen de soennitische islam, die op verschillende manieren de moslimse wetten interpreteren, fiqh genaamd.

Madrasa :  School, binnen de islam een religieuze school.

Maghrib : Het avondgebed, onderdeel van de vijf dagelijkse gebeden.

Mahdi :Gids, persoon van wie in sommige islamitische stromingen verwacht wordt dat hij volgens profetieën aan het einde der tijden komt.

Mahram: Een familielid van de tegenovergestelde sekse die binnen de beschermde grenzen valt; men kan hier niet mee trouwen.

Makruh: Een categorie uit de fiqh, men wordt niet gestraft bij het doen van deze handelingen, maar voor het nalaten wordt men beloond..

Malaikah : Engelen

Mandub : Een categorie uit de fiqh, men wordt niet gestraft bij het nalaten, maar wel beloond in het hiernamaals. Hierbij kan men denken aan vrijwillige aalmoezen geven of extra gebedenverrichten.

Manzil : Een zevende deel van de Koran van ongeveer gelijke lengte.

Masha Allah : Allah heeft het gewild, uitdrukking.

Masih : Messias, ook de toevoeging bij Jezus (s.a.w.)’ naam.

Masjid: Letterlijk: plaats van nederwerpingmoskee

Ma'sum : Vrij van zondenkinderen zijn ma’sum, maar ook volwassenen kunnen ma’sum zijn, zoals wordt aangenomen van Mohammed.

Medina : Stadal-Medinat-un-Nabi betekent de stad van de Profeet.

Mihrab : Gebedsnis in een muur in de moskee die de gebedsrichting, de qibla, aangeeft.

Minaret:De toren van een moskee. typisch islamitisch architectonisch kenmerk.

Minbar : Preekgestoelte in de moskee waar de imam een aantal zegeningen en de preek, de khutbah, uitspreekt tijdens het gezamenlijke gebed op vrijdag.

(al-)Miraj : Deel van de Nachtreis waarbij de profeet Mohammed (s.a.w.) van de plaats van de huidige Al-Aqsamoskee in Jeruzalem naar de hemel ging en de zeven Hemelen bezocht.

Moefti : Een juridisch adviseur in de islamitische wetgeving, wanneer de fiqh niet toereikend is. De uitspraak wordt een fatwa genoemd.

Moslim : Iemand die zich onderworpen heeft aan God, belijder van de islam

Mu'awwidhatayn : Soera ‘De Mensheid’ en Soera ‘De Doorbraak’ staan bekend als Mu'awwidhatayn, waarin de toevlucht tot God wordt gezocht.

Mubah: een categorie uit de fiqh, men wordt voor deze handelingen niet gestraft, maar ook niet beloond, neutraal (ook halal genaamd).

Mubaligh : Iemand die de gehele Heilige Koran uit het hoofd kan reciteren.

Muhammadun rasulullah : Mohammed is de boodschapper van Allah. De belangrijke uitdrukking binnen de islam, onderdeel van de shahadah en daarmee onderdeel van de vijf zuilen van de islam;

Muezzin : Moslim die traditioneel vanaf een minaret bij een moskee oproept tot de salat.

Muhajirun : De eerste moslims die van Mekka naar Medina emigreerden (hidjra).

Mullah :Geestelijke die de Heilige Koran, de Ahadith en de fiqh intensief heeft bestudeerd.

Mu'min : Werkelijke gelovige moslim

Munafiq : Hypocrietmoslim die zich als moslim voordoet, maar niet gelooft.

Munkar : Eén van de twee engelen die een overledene in zijn of haar graf zal testen op het geloof

Murtad : Afvalligemoslim die zich distancierd van de Islam (geloofsverzaking).

Mustahabb : Een categorie uit de fiqh, men wordt niet gestraft bij het nalaten, maar wel beloond in het hiernamaals. Hierbij kan men denken aan vrijwillige aalmoezen geven of extra gebedenverrichten.

N

Nabi : Letterlijk: profeet, binnen de islam wordt een onderscheid gemaakt tussen nabi die geen Heilig Boek bracht en tussen een rasul die wel een Heilig Boek bracht.

Nakir : Eén van de twee engelen die een overledene in zijn of haar graf zal testen op het geloof.

Naskh : Technische term uit de koranwetenschap met betrekking tot het afleiden van juridische voorschriften. Het betreft de intrekking en vervanging door Allah(s.w.t.) van bepaalde ayat van de Heilige Koran.

Niqaab : Kledingstuk dat door islamitische vrouwen gedragen wordt. Een niqaab wordt vaak verward met een boerka.

Nur (Noer): Licht, waarvan engelen gemaakt zijn; ook een soera uit de KoranSoera ‘Het Licht’.

O

Oelema : Vrijvertaald 'geleerden', zij die zich verdiept hebben in kennis met betrekking tot de islam, bijvoorbeeld in de sharia, de hadieth en de fiqh.

Oemma : De wereldwijde islamitische gemeenschap.

Oemrah :Pelgrimage naar Mekka die in tegenstelling tot de hadj het hele jaar door gemaakt kan worden.

 

Q

Qadar : Lotsbestemming, Goddelijke voorbeschikking, een van zuilen van geloof.

Qadi : Rechter die op grond van de sharia en idjma oordeelt.

Qari : Iemand die de gehele Heilige Koran uit het hoofd kan reciteren

Qibla : O.a. gebedsrichting voor de salat, maar ook in het graf ligt men op de rechterzij met het gezicht naar de qibla en ook bij de dhabiha speelt de qibla een rol.

Qi'yaamah : Wederopstanding, ook een soera uit de KoranSoera De Resurrectie.

Qiyas : Analogie, het afleiden van regels voor situaties die niet in de Heilige Koran en de soenna zijn beschreven naar analogie van vergelijkbare situaties die wel beschreven zijn. Het is één van de vier bronnen van de fiqh, de jurisprudentie van de islamitische wetgeving

Qur'an :Heilige Koran, het Heilige Boek van de moslimsgeopenbaard aan de Profeet Mohammed (s.a.w.) in 610.

R

Rabb : Heer, meester.

Rahman : Barmhartig; Ar-Rahman is één van de 99 Schone Namen van God

Rahim : Genadevol; Ar-Rahim is één van de 99 Schone Namen van Allah(s.w.t.).

Ra'ka: Bepaald onderdeel van de salat dat meerdere keren verricht wordt. Het aantal ra’kaat verschilt per gebed.

Rasul : Boodschapper en profeet; er wordt een onderscheid gemaakt tussen een nabi die geen Heilig Boek bracht en een rasul die wel een Heilig Boek bracht. Het geloof in de rasul is één van de Zuilen van geloof.

Riba : Rente, het ontvangen en geven van rente is verboden, zoals vastgelegd in de Heilige Koran.

Ridda : Geloofsafval

Risalah: Letterlijk boodschap, binnen de islam gaat het om een Goddelijke boodschap. Al-Risalah, 'De Boodschap' is ook de naam van een film over het leven van de profeet Mohammed(s.a.w.).

Roeh Al-Qoedoes :Goddelijke geest

Ruh : Ziel

Ruk'u (Roekoe) : Onderdeel van een rakaat van de salat waarbij men staat, buigt en knielt.

S

Sadaqah : Aalmoes die bovenop de verplichte zakat gegeven wordt.

Sahaba : Metgezellen van Mohammed(s.a.w.), enkelvoud sahābi wordt ook als vriend gebruikt.

Sadjada : Gebedskleed (Muzallah) voor het rituele moslimgebed

Sahoor : Ontbijt (Sehrie) gedurende de vastenmaand ramadan, vóór fajr.

Salaf : Voorouders, meestal duidt het de eerste drie generaties moslims aan vanaf de tijd van Mohammed(s.a.w.). Het salafisme ontleent hier zijn naam aan.

Salam (salām) vrede, ook gebruikt als begroeting, volgens het Groene Boekje met een enkele 'a'

Salat : Het vijfmaaldaagse, rituele gebed, één van de vijf zuilen van de islam.

Sallallahu alaihi wa sallam : Gods zegen en vrede zij met hemuitdrukking van eerbied, gebruikt na het horen, zeggen of schrijven van de naam van Mohammed, afgekort als "ص" of saws of het Nederlandsevzmh, soms ook zvmh.

Salsabil : Hemelse rivier

Sawm :Het vasten tijdens de maand ramadan.

Sjahada : De uitspraak: La ilaha illa Allah. Muhammadun rasulullah. (Er is geen godheid dan God en Mohammed is Zijn boodschapper.), getuigenis, één van de vijf zuilen van de islam en staat in nauw verband met de Zuilen van geloof;

Shahid :Martelaar

Shaikh : Sjeik, titel die in de Arabische wereld gegeven wordt aan een man die aanzien heeft of heeft verworven als leider, zowel op geestelijk als op wereldlijk gebied.

Sharia : Letterlijk pad naar de waterput, binnen de islam de islamitische wetgeving op basis van de Koran en de Soennah, basis van de fiqh.

Sharif: Titel bestemd voor de afstammelingen van Mohammed (s.a.w.) via Hassanr.a., zoon van Mohammeds dochter Fatima Zahra r.a. en zijn schoonzoon Ali ibn Abi Talib.

Shaitan :Satan, ook wel Iblis genaamd.

Shi'a :Moslim die gelooft volgens de sjiitische wijze.

 

Shirk : Het gelijkstellen van iets of iemand aan Allah(s.w.t.), de grootste zonde binnen de islam

Sira : Het leven of een biografie over het leven van Mohammed(s.a.w.).

Sirat al-Mustaqim :het Rechte Pad, zoals ook genoemd in Soera De Opening.

Subhanahu wa ta'ala:De zeer Geprezene en Verhevene uitdrukking gebruikt na het horen, zeggen of schrijven van de naam van Allah in het ArabischAllah.

Subhan'Allah : Allah zij geprezenuitdrukking gebruikt door moslims bij het uitdrukken van sterke gevoelens of opluchting.

Sudjud : Onderdeel van een ra'ka van de salat waarbij men de grond raakt met de handpalmen, de knieën, de voeten en het gezicht, neus en voorhoofd

Soefi : Moslim die gelooft volgens de soefistische wijze.

Soennah :In de betekenis van pad of voorbeeld, het beste gegeven door Mohammed (s.a.w.) of in de betekenis van aanbevolen, een categorie uit de fiqh.

Soenni : Moslim die gelooft volgens de soennitische wijze.

Soera : Eén van de 114 hoofdstukken uit de Heilige Quran.

T

Tafsir:Uitleg van de HeiligeKoran

Taghoet: Van worden vertaald als iets wat de grens overschrijdt. Het is een vorm van bijgeloof, evenals shirk.

Tahajjud:Optionele nachtgebeden, zoals witr, Qiamul-Lail.

Taharah :Rituele reiniging door woedoe of ghoesl

Tahir :Ritueel rein

Tahrif :Vervalsing, corruptie. Moslims nemen aan dat, behalve de Koran, de andere islamitische Heilige Boeken niet zuiver overgeleverd zijn en aan tahrif lijden.

Tauwid :Een speciale manier van het bijna melodieuze voordragen van de Koran.

Takbir :Uiting van Gods grootheid door middel van het uitspreken van Allahu akbar.

Takfir :Het verklaren van een gelovige of een groep gelovigen tot kafir (ongelovige).

Takiyya : Vrees, voorzichtigheid, geldt in de islamitische traditie van sjiietenismaëlieten en druzen als een toegestane gedragsregel om het geloof onder bedreiging of dwang te verbergen.

Talaq:Procedure van scheiding van een moslimvrouw door haar man.

Taqwa: Bewustzijn van Gods aanwezigheid.

Tarawie:Extra salaat, verricht na isha gedurende de vastenmaand Ramadan.

Tartil: Een speciale manier van het melodieuze voordragen van de Heilige Koran.

Tasbih : gebedssnoer

Tasliem: vredesgroet aan het einde van de salat

Tawaaf : rondgang rond de Ka'aba die deel uitmaakt van de oemrah en hadj

Tawhid: letterlijk één maken, binnen de islam aanduiding van de 'eenheid van God' en het monotheïsmeGod is één: volkomen ondeelbaar, volledig uniek en volstrekt ondefinieerbaar. 'Tawhid' wordt doorgaans tot één van de zuilen van geloof gerekend.

Tawrat:één van de openbaringsboeken waar in de Koran met respect over gesproken wordt. Het Boek wordt doorgaans gelijkgesteld met de Thora, maar de inhoud van de Tawrat is niet bekend vanuit de Koran. Geopenbaard aan Mozes.

Tayammum: rituele wassing die verricht wordt zonder water in tegenstelling tot woedoe of ghoesl

U

Urf:het gewoonterecht, één van de aanvullende principes op de vier bronnen van de fiqh, de jurisprudentie van de islamitische wetgeving.

Usul al-Fiqh: studie naar de fiqh.

W

Wahy: Openbaring van God

Wajib: religieuze plicht, een categorie uit de fiqh: men wordt gestraft bij verwaarlozing.

Wali: vriend, helper, beschermer, meester (niet verwarren met Wāli)

Waqf : religieuze stichting volgens de sharia

Witr: vrijwillige salat gedurende de nacht, tussen isha en fajr, bestaande uit 3 rakaat

Wudu/ Woezoe: kleine wassing die verricht wordt door een moslim voor de salat.

Y

Yaum: Dag

Ya Allah: Oh God! Uitdrukking

Yaum Al- Qi'yaamah : Dag des oordeels

Z

Zaboer: door veel geleerden gelijkgesteld met de Psalmen en is volgens de Heilige Quranéén van de heilige boeken, geopenbaard aan David.

Zakat: 'reiniging' in de vorm van verplichte aalmoezen aan de armen om een meer rechtvaardige verdeling van goederen te bereiken. Het is één van de vijf zuilen van de islam.

Zina: seksuele activiteit buiten het huwelijk, binnen de islam is dit verboden.


 

 

Literatuurlijsten bronnen

1.      Hoofdimam Noeroel Islam –

2.      Kort en Bondig Namaaz – Hadji Michel Subhan

3.      Kom tot het gebed – Abdul Wahid van Bommel

4.      Gebedstijdenboekje 2013 Noeroel Islam - Website Noeroel Islam

Internet bronnenvan de Ahle Sunnat Wal Djamaat (Hanafie)

 

 

Dit is een uitgave van Djama Madjied

Noeroel Islam

Ahle Sunnat Wal Djamaat hanafi

           Scheeperstraat 188 – 2572 AP – Den Haag.

                         www.noeroelislam.com

 

 

 

 

Den Haag – 9 oktober 2012 – Noeroel Islam – Het bestuur 20

 [NI1]Ik weet niet of dit erin moet gezien veel comotie heerst dat Noeroel Islam een Soefistische moskee is/ Dit kan ertoe leiden dat dit het beeld van de moskee bekrachtigd en een bevestiging is voor anders denkenden. (die niet beter weten)

 

 
Haagse Moslimvereniging
Noeroel Islam

Scheepersstraat 188
2572 AP Den Haag

Telefoon / Fax
070 345 61 98

Rekeningnummer
IBAN: NL43INGB0003461370

E-mail
noeroelislam@gmail.com


K.v.K. nummer: 40407923 ('s-Gravenhage) >
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Wie is online
We hebben 4 gasten online
Tekst advertenties